Soms is het zo simpel…

Vanmorgen bedacht ik de oplossing voor het probleem dat de wereld regeert. Goed hè, dat zo’n oplossing, de verlichting zo je wilt, zomaar bij een simpele ziel als ik binnenkomt. Ineens viel het kwartje. Ineens zag ik het. Nu de rest van de wereld nog…

Wat is dat probleem dan, en vooral wat is de oplossing? Ik hoor het je denken.

Boosheid. Letterlijk het kwaad dat de wereld regeert. De boosheid dus. En weet je wat het zo simpel maakt? We kunnen er állemaal iets aan doen, we kunnen allemaal deel uitmaken van de oplossing. Maar dat willen we niet. We zijn liever collectief boos. Voelt zo lekker, dingen af kunnen reageren op een ander. Niet zelf verantwoordelijkheid nemen voor je eigen situatie. De slachtofferrol is makkelijker, vaak.

Het is de schuld van de immigranten, van de buurman, van het leven. Mopper, mopper, en niets doen. Boos op de regering, boos op de wereld, boos op jezelf, maar dat laatste erkennen is lastig.

Ik ben het ook geweest hoor, boos. Op mijn lichaam in mijn geval. Gefrustreerd dat het niet dat doet wat ik wil dat het doet, normaal functioneren. Normaal volgens mijn standaard, want dat ligt voor iedereen anders natuurlijk. Ik voelde me niet direct een slachtoffer, denk ik, alhoewel, misschien ook wel, soms. Soms had ik best een tikkie medelijden met mezelf, al drukte ik dat gevoel ook snel weer weg, want ik háát mensen die zich in de slachtofferrol gooien. Dan verving ik het maar door, juist, de oorzaak van al dat kwaad, boosheid.

Mijn moeder zegt altijd dat ik opstandig ben geboren, blijkbaar zat het er dus al vroeg in. Het kwam tot volledige wasdom toen ik op tweejarige leeftijd mijn zusje verloor, denk ik, want daar weet ik niet zo heel veel meer van, bewust in ieder geval. Ik was boos. Op God, want wat moest je met zo’n God, zo eentje die je een dood kind stuurde. Serieus mijn reactie, letterlijk, aldus mijn moeder. Tja, wat moet je ermee?

Boosheid is logisch, in sommige situaties. Het wordt een probleem als je het niet los kunt laten. Mijn hele leven al zet ik verdriet om in boosheid. Boosheid maakt dat ik kan functioneren, boosheid geeft mij kracht. Goed hè, als je geen psycholoog nodig bent om tot deze conclusie te komen. Beetje laat, dat wel, 53 en eindelijk ben ik erachter. Nu de oplossing nog.

Hoe maak ik de connectie van mezelf naar het probleem in de wereld oplossen, ben ik zo narcistisch? Nee, denk ik, weet ik. Ik weet wel dat als ik (daar zijn ze weer) de reacties van mensen lees op berichten in de media de meeste mensen hard roepen vanaf de zijlijn, dat de wereld niet deugt. Dat de regering niet deugt. Dat de mensheid niet deugt. En ja, misschien is dat zo, vanuit hun oogpunt, maar realiseer je dat jíj onderdeel uitmaakt van die wereld. En dat jíj de kracht hebt, de mogelijkheid hebt om de manier waarop jij daarmee omgaat te veranderen. Als we massaal de wapens neerleggen, letterlijk, dan is er geen oorlog. Het kinkt te simpel, maar dat is hoe het is.

Alles is een keuze, álles!

Als ik de keuze maak niet meer boos te zijn op mijn lijf, voor wat het niet kan, dan maak ik ruimte voor wat het wél kan. Dan kan ik in plaats van gefrustreerd te zijn over het liggen, zien dat een boek lezen me vreugde geeft. Dat ik tijd heb om met mijn gezin door te brengen. Op de koffie te gaan bij mijn ouders. Dat ik misschien de pijn de ruimte kan geven en in die ruimte kan zoeken naar een oplossing.

Als ik de keuze maak niet langer boos te zijn op de regering, om de verschillen die ons als land slechts uit elkaar drijven, los te laten, dan kan ik zien dat er ruimte komt voor overeenkomsten. Ze zijn er, maar we moeten ervoor kíezen ze te zien.

Dat dankbaarheidsdagboek dat ik ooit bijhield was in de basis zo gek nog niet, je moet alleen verder kijken dan waar je in eerste instantie naar kijkt.

Een simpele meditatie van Abraham Hicks maakte dat ik tot dit besef kwam. Het is aan jou om de mooie dingen te gaan zien. Het is aan jou om de frustratie over wat niet lukt los te laten en je te richten op dat wat wél lukt. Om te kijken naar wat je hebt. Je mag daarin absoluut verlangen naar wat je nog graag wílt hebben, maar dan in precies dat, een verlangen. Niet in frustratie.

Als je dat kunt zien ga je je beter vóelen en als je je beter voelt dan werkt dat aanstekelijk. Dat is geen utopie, dat is realiteit.

Vanmorgen stond ik op en kon ik bewust kijken naar wat er allemaal mooi is in mijn leven en dat is veel, zo veel. En al is het bij jou misschien minder, als je je aandacht richt op wat daar wél is, en dat is echt altijd iets, dan vermenigvuldig je dat gevoel. En is er morgen meer, zie je morgen meer, al is het maar een klein beetje meer. Als we de collectieve woede los kunnen laten, als we ons kunnen richten op die kleine puntjes van licht, en we doen dat massaal, dan ligt daar echt de oplossing voor een wereldwijd probleem.

Onderschat nooit de kracht die jij kunt uitoefenen op het geheel. Je hebt niets te verliezen; in het ergste geval verander je hoe jij de wereld ervaart en dat is goud waard.

Loze woorden

Het kan je natuurlijk bijna niet ontgaan zijn, het kabinet is gevallen. Vol op hun snufferd gingen ze. Plat op hun bek.

Mensen zijn niet verbaasd, ik ook niet, dit zagen we al maanden aankomen. Bezint eer men begint, zeiden veel mensen, marketing geeft daar een mooie andere draai aan, je moet toch iets proberen om dit mooie land weer overeind te krijgen. Of verder omlaag, het is maar aan welke kant van de lijn je staat.

Ik lees de comments op Facebook, ja, dom, ik val weer in die eigen gegraven kuil, ook plat op mijn snoet en al wist ik wat ik kon verwachten, ik schrok toch. Hoe kunnen mensen nog steeds geloven in de sprookjes die de PVV ze voorschotelt? Hoe kunnen mensen zulke foute uitspraken doen? Zo hard, zonder enige empathie? Ik geloof niet dat al deze mensen diep van binnen echt zo denken. Ik geloof wel dat ze meegenomen worden in een verhaal waar bepaalde mensen uiteindelijk beter van worden. Ja, ik begin steeds meer te geloven dat er mensen zijn die achter de schermen aan bepaalde touwtjes trekken. Angst zaaien op grote schaal. Om daar zelf beter van te worden. Ik word een complotdenker, een beetje tenminste. Ergens klopt er iets niet.

Gister was ik in een discussie verwikkeld met één van mijn Facebookvrienden. Eigenlijk ben ik altijd met deze persoon in discussie, want we zijn het over weinig eens, op politiek gebied. Ik hoor veel loze zinnen voorbij komen, prachtige one-liners, zo ongeveer dezelfde zinnen die bij veel rechtse stemmers standaard de revue passeren. Als je vraagt om deze uitspraken verder uit te leggen valt het stil. Ik ben geneigd mijn visie op meerdere manieren, in andere bewoordingen tenminste, uit de doeken te doen. Omdat ik gewoon écht niet begrijp waarom mensen zo tegen zijn op links. Ik denk dat het helemaal niets meer te maken heeft met de werkelijke ideeën, maar slechts met het hokje. De polarisatie is alleen maar gegroeid en mensen kijken en luisteren niet meer naar wat er echt gebeurt, ze blijven vastgeroest en hardnekkig in hun hokje. En dat is een gevaar, voor onze samenleving, of je nu links of rechts denkt.

We moeten af van de hokjes, liefst nog voor de komende verkiezingen. We moeten af van de nadruk op de verschillen. We moeten (eh, mogen) onze blik weer openen, en net als bij het oversteken van de straat onze blik verbreden. Want niet alles op links is goed en niet alles op rechts is per definitie fout. We moeten mixen en matchen en elkaar vinden op de dingen waar we het wel over eens zijn. Dat het een zooitje is in de zorg, dat er gebouwd moet worden, dat de markt heel veel verziekt en we daar -zonder ons nu constant druk te maken over de oorzaak en vooral wiens schuld het is- iets aan moeten gaan doen.

Ik denk dat iedereen gebaat is bij een stabiele overheid, een overheid die de basis faciliteert (en faciliteren is iets anders dan met wantrouwen controleren!); zorg, openbaar vervoer, onderwijs, energie. Een eerlijke overheid, een sterke overheid. Het kan, al vergt het echt wel een heleboel veranderingen. De markt mag er zijn, maar niet om over de rug van burgers een slaatje te slaan uit de regelingen die er juist zouden moeten zijn om die burgers te helpen.

Het is volledig uit de klauwen gelopen, dat ziet toch iedereen?

Overheid is een fout woord geworden, daar waar de overheid juist gezien zou moeten worden als de vader van de staat wordt hij inmiddels door veel mensen gezien als aartsvijand nummer één. En wat ik al schreef, ergens, op de achtergrond, wrijven mensen zich in hun handen, in de schaduw, uit het zicht. Het zwart-wit denken, de polarisatie komt ten goede aan hen, niet aan ons.

Het is echt tijd de strijdbijl te begraven. Het is tijd een hele grote stap achteruit te doen en het hele systeem eens echt anders te bezien. Zonder direct te oordelen en veroordelen. Terug naar de tekentafel, een hele grote tekentafel. Maar ik betwijfel of onze huidige politici daartoe in staat zijn.

De meeste mensen deugen

Geen EDS blog vandaag, ik wens deze Moederdag even de pijn te vergeten. I wish… deze pijn wordt trouwens snel vervangen door een andere, misschien wel grotere pijn. De pijn die het me doet als ik zie hoe mensen op hun medemensen reageren. Op kinderen, die niets meer verdienen dan een dak boven hun hoofd en eten in hun buik. Dankbaar zijn moet je en verder je mond houden. Pijnlijk vind ik dat.

Je hoeft het niet met me eens te zijn, denkt mijn rationele zelf, maar in mijn binnenste schreeuwt iets, iets dat zegt hoe kun je het nu niet met me eens zijn? Wat is er in jouw leven gebeurd dat je een ander zijn geluk niet gunt, zelfs als dat geluk maar een dagje duurt? Want maak je maar geen illusies, het geluk voor een vluchteling zit niet in dat dak en die maaltijden, daar zullen ze blij mee zijn (moeten zijn tettert Facebook in mijn oor), maar dat is niets meer dan een basisbehoefte van ieder mens, het geluk zit in hoe ze behandeld worden. Behandel iemand als een derderangs persoon en ze zullen jou ook zo behandelen. En zeggen dat ze (vooral dat je, zé) maar blij moeten zijn met dat dak en dat eten, is niet iemand behandelen zoals je zelf behandeld wilt worden. Dat getuigt niet van enig respect, zelfs niet van een beetje vriendelijkheid. En dan ook nog roepen dat iedere vluchteling misbruik maakt van het systeem, dat maakt dat je je goed voelt om hier te mogen zijn.

Geen vluchteling kiest voor oorlog. Geen vluchteling kiest ervoor te moeten vluchten, zijn land en de mensen om zich heen achter te moeten laten om veilig te kunnen zijn. Gelukszoekers, komt dan weer boven, maar dat zijn er toch allemaal? Ieder mens zoekt naar geluk, voor zichzelf, maar vooral voor hun geliefden, voor hun kinderen. Dat zou je zelf ook doen. En dat geluk wordt hen niet gegund, omdat het geld kost. Gelukkig zijn er medelanders die die wel inzien en die graag een tientje afstaan voor het geluk van de ander. En dan komt de grootste dooddoener van alles, maar er zijn zoveel medelanders die ook niet naar de Efteling kunnen. Eerlijk? Ook dat is een keuze, ook een keuze van jezelf, want als we het kunnen regelen voor een vluchteling, kan iemand het ook regelen voor een medelander. En ja, soms kan het niet, maar dan nog bevind je je hier in een betere uitgangspositie dan de mensen die hiernaartoe gevlucht zijn.

En dan kom ik terug op dat voor mij zo belangrijke punt. Dit is een dag. Eén dag, waarop kínderen (jongeren zijn ook kinderen) even kunnen proberen te vergeten waar ze vandaan komen. Hoe ze moeten leven. Met een beetje geluk een paar minuten hun trauma kunnen vergeten. Gewoon even kind kunnen zijn. En dat wordt ze misgunt, want dat is het, een bewuste keuze ze dit te misgunnen. Omdat ze het hebben geflikt geboren te zijn in een tijd en land waar oorlog is. Waar grote mannen met kleine pikkies vechten over hún hoofd. En bommen gooien. Geen dag veilig, zelfs niet waar je veilig zou moeten zijn. Want de mensen moeten je niet en reken maar dat je dat voelt, ook al spreek je de taal niet. Energie is universeel.

Ik kan nog alinea’s typen, over dat Nederlandse jongeren op een kermis zich ook misdragen, niet alleen op een kermis trouwens. Dat wij ons zelf als jongeren ook niet altijd voorbeeldig gedroegen. Ook de nodige rotzooi hebben getrapt. En dat zonder groot trauma.

Je mag je eigen mening hebben, zegt mijn rationeel zelf. En tegelijk komt álles in mij in opstand, omdat één dagje proberen weer kind te zijn mensen misgund wordt…

Re(a)geren

Vorige week heb ik besloten mij aan te sluiten bij een van de twee plaatselijke politieke partijen. Ik probeerde het al eerder, vijf jaar geleden, bij een landelijke partij, maar op de een of andere manier miste ik iets. Kan ook aan mij gelegen hebben hoor, het was niet de juiste plek op de juiste tijd, laat ik het daar op houden.

Nu volg ik volledig mijn gevoel en ik vind het toch leuk! Voor het eerst in jaren voel ik mij weer alsof ik een beetje meedoe in de maatschappij. Dat klinkt misschien een beetje pathetisch, maar zo voel ik het oprecht. Ik bemoei me graag met dingen en durf inmiddels prima voor mijn mening te gaan staan, en om dingen te veranderen moet je iets doen, niet blijven liggen en mauwen. Ik ben dus een doener geworden.

Ik heb niet de ambitie om te regeren, ik ben meer van het reageren. Altijd al geweest. Ik merk steeds vaker dat er meerdere wegen zijn die leiden naar Rome en dat er meerdere manieren zijn om tegen zaken aan te kijken. Jouw waarheid versus de mijne. Het één is niet meer waar(d) dan het ander. Al denken we soms van wel.

Nu ik van dichterbij zie hoe discussies lopen en hoe zaken daarmee soms de verkeerde kant op dreigen te lopen (voor wie? Goede vraag…), merk ik steeds meer op hoe ingewikkeld het eigenlijk is een dorp te begeleiden, laat staan dat je een heel land van het beste moet proberen te voorzien.

Dat woord begeleiden kies ik bewust, want dat zou het denk ik moeten zijn. Leiden ontaardt al snel in een bewust gekozen route die je standvastig volgt. Eentje die misschien voor best veel mensen goed is, maar voor andere mensen totaal de verkeerde richting uitgaat. Kijk naar de sociale richting waarin ons land gestuurd wordt. Mooi voor de kapitalisten, maar met forse consequenties voor de laten we zeggen meer gemiddelde medelander. Er waren al een paar grote ‘jongens’ die het probeerden, dat leiden, in het verleden. In veel landen om ons heen zie je het weer gebeuren. Een échte leider, grote woorden, nog grotere visie. Make it great, for the happy few. Mooie leider ben je dan.

Ik ben dus meer van dat begeleiden. Begeleid mensen naar de beste versie van zichzelf. Degene die gelukkig is en dat geluk uit kan stralen. Door kan geven. En soms vergt dat regeren, een beetje leiding, een beetje bijsturen, en maar vaker vergt dat reageren. Luisteren naar wat de mensen nu écht zeggen. En onthouden dat we het sámen moeten doen.

Lastige taak, dat re(a)geren…

Foto Pixabay

Keuzes

Doe niet mee aan oorlog.
Doe niet mee aan verdeeldheid.

Twee regels. Klinkt zo simpel, en tegelijk lijkt het zo moeilijk. Maar dat is het niet, niet echt.

Doe niet mee aan oorlog.

Ik lees het, in een reactie op iets dat ik deelde, maar het spookt al dagen, weken, maanden, jaren zelfs door mijn hoofd. Doe niet mee aan oorlog. We (of ze zo je wilt) laten het klinken alsof we geen keuze hebben. We hebben altijd een excuus. Of zoeken een excuus misschien eerder. Wil het feit dat een ander je de oorlog verklaart zeggen dat je mee moet doen? Aan moet sluiten?

Is geweld de oplossing? Is meer geweld een oplossing? Of hebben we altijd een keuze? Kunnen we op ieder moment zeggen, nee, zo moet het niet. Dit willen we niet. Niet langer. Is er geweld nodig om een punt te maken?

Doe niet aan verdeeldheid.

Ook een zin die al dagen, weken, maanden, jaren zelfs door mijn hoofd spookt. In corona tijd bereikte het een hoogtepunt. Iemand die ik hoog had zitten verzette zich met hand en tand tegen de maatregelen, en verzet zich nu tegen de zogenaamde klimaatdrammers. Waarschijnlijk ben ik er eentje, ik voel me tenminste aangesproken. Stom, want het enige dat ik ‘verkeerd’ doe is me zorgen maken om de effecten van ons gedrag op het klimaat, iets met de toekomst en de aarde en al haar bewoners liefhebben. Alsof dat een fout is. Het is maar vanuit wel perspectief je het bekijkt.

De mensen met de grootste bek zorgen voor verdeeldheid. De menigte volgt, je ziet het overal. En ja, ook diegenen die al dan niet door gebruik van zeer sarcastische humor hun mond opentrekken zorgen daarvoor. De pot en de ketel, je ontkomt er nooit aan. En dan heb ook ik mijn aandeel, vanuit mijn perspectief. Ook ik trek heel graag mijn mond open, om mijn visie toe te voegen. Schreeuw ik daarmee net zo hard? Ben ik ook zo’n pot die de ketel verwijt?

Doe niet aan oorlog.
Doe niet aan verdeeldheid.

Als we willen dat het stopt moeten we een keuze maken.

Ik geloof niet dat geweld geweld oplost. Nooit. Ik geloof dat vrede niet geboren kan worden vanuit oorlog. Er is niet zoiets als gedwongen rust, we zien dat op ieder continent zo’n beetje mislukken. Gespannen verhoudingen tussen mensen die elkaar niet (kunnen) begrijpen. We zijn mijlen ver verwijderd van enige vorm van begrip, van vertrouwen.

Maar als we willen dat het stopt moeten we een stap zetten, als individu, als groep en als samenleving.

Doe niet mee aan oorlog.
Doe niet mee aan verdeeldheid.

Stook het vuurtje niet op. Dat is ook een keuze. Een keuze die eenieder voor zichzelf kan maken…

Verdeeldheid

Ik wist het, ik was al gewaarschuwd en een gewaarschuwd mens… en toch trap ik er weer in. Toch laat ik het nieuws weer mondjesmaat toe in mijn leven. Lees het en laat me verleiden tot het lezen van reacties. Om maar te zwijgen (eh niet dus) over de gedeelde berichten op Facebook, van vrienden die in dit opzicht niet vriendelijk zijn, voor mij, want de irritatie stijgt. En ik weet het, ik sta erachter, iedereen mag vinden wat hij vindt, maar soms kan ik niet anders dan me afvragen of ik het nu zo verkeerd zie, of dat zij dat doen. En precies dat ene woordje, zij, is als je het mij vraagt het grootste probleem in de wereld.

Ik doe mijn uiterste best mijn mening voor me te houden en berichten en reacties uit te pluizen en vanuit meerdere hoeken te bekijken alvorens ik mijn (best grote) mond lostrek. Niet altijd eenvoudig, want met mijn hormonen uit balans heb ik de neiging vol uit te halen tegen iedereen die anders denkt. Terwijl ik best hou van anders denkenden. Alleen irriteert het me enorm dat mensen zo egoïstisch lijken. Ik zeg lijken, want ik probeer echt te vertrouwen op de goedheid in de mens. In de meeste mensen nochtans. Al bevestigen uitzonderingen de regel, niet voor niets een spreekwoordelijk gezegde.

Gisteren werd ik steeds opnieuw geconfronteerd met een idee over een verenigd links, in Nederland. Waar ik dit een goed idee vind reageren mijn niet-linkse Facebook vrienden (die ik veel vaker in beeld krijg dan mijn wel linkse vrienden, hoe dat algoritme werkt is me een raadsel) dit lachwekkend. Hoe verenig je mensen die onverenigbaar lijken. Spot tegen de leider van het stel, nou ja, de voorgestelde leider, want er is feitelijk gewoon nog niks, niets, niemand bekend. Verdeeldheid zaaien voor het idee voet aan de grond kan krijgen, daar lijkt het op.

De ene groep is te socialistisch, de ander te groen. De een te elitair, de ander teveel richting midden. Dat zeg ik, verdeeld.

Ik denk dat een verenigd links de enige mogelijkheid is poot aan de grond te krijgen in het huidige naar rechts neigende politieke landschap. De versplintering leidt tot niets. We zullen moeten zoeken naar dat wat ons bindt, naar de overeenkomsten. En die zijn er, genoeg. Alleen is het kapitalisme niet gebaat bij overeenkomsten, de markt is gebouwd op competitie, op verschillen. Maar een land is geen markt. Een land is geen bedrijf, of zou het niet moeten zijn, in mijn visie.

Marktwerking is prima, het is geen vies woord, maar de basis zou er een van gelijkheid moeten zijn. In mensen, in zorg, in openbaar vervoer en nutsvoorzieningen. We kunnen toch allemaal concluderen dat marktwerking op dit front een catastrofe is gebleken? Maar ja, je zal moeten toegeven dat je dat verkeerd hebt ingeschat. En ja, er speelt veel momenteel, op wereldlijk niveau, maar gaan wij daar enige invloed op hebben? Kunnen we niet beter zorgen dat we de boel in ons eigen land onder controle hebben? En dat wil niet zeggen dat we de andere kant op moeten kijken, maar wel dat we de neuzen richting de toekomst moeten zetten. Hou op met elkaar zwart maken, daar is niemand bij gebaat. Zoek de overeenkomsten, die verschillen weten we nu wel.

En dan nog iets, mensen lijken bang te zijn dat een socialistischere blik leidt tot een nieuw China, of Rusland, maar een eerlijke basis voor iedereen, word je daar slechter van? Als jouw antwoord hierop ja is, dan zegt dat iets over jezelf. Over de angst die jij blijkbaar hebt dat mensen iets pakken waarvan je denkt dat het van jou is. En dat vind ik oprecht triest.

Een samenleving die gebouwd is op wantrouwen, is een ongelukkige samenleving.

En het resultaat daarvan zien we dagelijks.
In het nieuws.

Vertrouwen

Het is nogal wat, vertrouwen hebben, in deze tijd. Er heerst onrust, op zijn zachts gezegd. Een Amerikaanse president die als een olifant met geelzucht door de porseleinkast dendert. Rechten van mensen schendt, zijn eigen zin erdoor drukt zonder zich druk te maken om ooit eerder afgesproken regels en censuur pleegt. Waar zagen we dat eerder?

Het is eng. Het is eng dat mensen niet verder kijken dan hun neus lang is. Niet een stapje achteruit kunnen doen om het grotere plaatje te bekijken. En dat gebeurt ook hier, onder onze eigen neus. Mooie praatjes, alles om mensen om de tuin te leiden. Welke kant op dan ook, want de verleiding kronkelt als een ware slang in het hof van Eden aan alle kanten om ons heen.

Wat is waar?
En bestaat die ene, échte waarheid wel?

Wat voor mij goed is, is wellicht het tegenovergestelde voor jou. Hoe kies je dan het beste belang? Zeker als de firma List en Bedrog onder ons is.

Het kapitalisme heeft geen enkel belang bij ons welzijn, geld regeert, dat wordt de afgelopen dagen pijnlijk duidelijk. En dat doen we zelf. Wij kiezen daarvoor. We kiezen niet voor eerlijk, we hopen stiekem zelf de pot met goud te vinden. Steeds opnieuw. Terwijl het zoveel eerlijker kan. En moet, in mijn ogen. Tja, je bent een linkse idealist of je bent het niet.

En nu moet ik het vertrouwen terugvinden. In mezelf, want mijn wereld bevindt zich in mij en begint bij mij. En ik weiger te leven in angst. Ik weiger te buigen voor een doorgeslagen kapitalistisch systeem. Ik weiger míjn stem te verliezen en ik denk dat het belangrijk is ons uit te blijven spreken, want zonder woorden, met onze blik opzij gericht, kunnen hele enge dingen onder onze eigen neus zomaar gebeuren, het zal niet voor het eerst zijn…

Wij van WC eend…

Ik volg al jaren een pagina van een boer die, meestal met een humoristische kijk, zijn wereld beschrijft. Verfrissend, vaak, hij beschrijft (net als ik) zijn wereld vanuit zíjn perspectief. Niets mis met die blik over de weilanden, al mist die blik soms, in mijn ogen dan, wel enige nuance. En missen de reacties (zijn ze weer) van zijn volgers die zeker.

Wat is dat toch met mensen die reageren op iemand, dat ze die persoon bijna verheffen tot status van een heilige? Je ziet het ook bij bekende Nederlanders (ok, behalve bij Gordon, die mag blijkbaar bij alles wat hij zegt verbaal compleet afgemaakt worden). Ik had er ooit eentje op Facebook, zo’n bekende Nederlander, ik was zelfs door hem toegevoegd als vriend. Ik blij (understatement), sloeg ook nergens op, maar goed, ben ook maar een mens, die man blaatte echt de grootste onzin soms, maar kreeg als reactie alleen maar ‘jeetje, jij hebt ook altijd gelijk’ en meer van dat soort idioterie. Neem mij vooral niet te serieus, ik weet ook niet alles. En zelfs als ik denk wel alles beter te weten, ik blijf een eigenwijs stuk vreten, corrigeer me dan vooral als je denkt dat het anders zit, ik hou wel van een goede discussie. En hoop mijn blik toch wel open te houden, al kost het me soms wat tijd om dingen anders te gaan zien.

Goed, terug naar de boer en zijn weidse blik (pun intended).

Dit stuk ging over onderzoeken, van de overheid. Ik ga niet uitweiden over de natuur daarvan, of de uitkomst, want daar gaat het me nu even niet om. Het gaat erom dat mensen de wetenschappelijke onderzoeken zijn gaan wantrouwen. En in dat opzicht misschien wel terecht, maar (let op, best grote maar) dat wantrouwen lijkt tegenwoordig één kant op te gaan. De overheid wordt gewantrouwd. En ik snap het, echt. Ze hebben wellicht (of misschien, dat is maar hoe je het ziet) gebruik gemaakt van de tactiek die de makers van de commercial in de titel jaren geleden al gebruikten. Als je weet hoe je wilt dat de uitkomst van je onderzoek eruit gaat zien, kun je de vraag richting de onderzoekers een tikkeltje sturen door goed na te denken over de formulering van die vraag. Marketeers doen dat al jaren, maken daar gretig gebruik van om weg te komen met de zogenaamde white lies. Kwestie van slim nadenken en je kunt het geloven of niet, er werken best wat slimme koppen, daar bij de overheid. Net zoals bij de industrie. Of het ethisch is, blijft de vraag. Het is maar hoe je het naar jezelf toe vertaalt. En of je kunt leven met die uitkomst.

Mensen vergeten dat er voor ieder gezichtspunt een andere uitkomst mogelijk is. Je kunt maatregelen richting de veehouderij zien als het pesten van de boer. Je kunt diezelfde maatregelen ook zien als een bescherming van het milieu. Of bescherming van de dieren. Het is maar van welke kant je iets wilt bekijken. En dat is ook echt wílt, want soms is het goed even een stapje achteruit te doen en te kijken naar het grotere geheel. En je te realiseren dat iedere keuze consequenties heeft. Voor mens, natuur en dier.

Terug naar die onderzoeken. In de reacties wordt gesuggereerd dat de wetenschappers de conclusie van hun onderzoek naar hun hand zetten. Ik denk dat dit in verreweg de meeste gevallen niet aan de hand is. Ik denk wél dat de belangen te groot zijn. Dat de opdrachtgevers teveel macht hebben doordat zij bepalen waar het geld naartoe gaat (en dat geld nodig is voor onderzoek) en met hun vraag de uitkomst enigszins kunnen sturen. En dat je uitkomsten die je niet aan staan kunt negeren door het onderzoek niet laten we zeggen te promoten (of gebruiken), links te laten liggen, als jou dat zo uitkomt. En ik denk dat dit op íeder gebied zo werkt, in de commerciële sector, maar ook bij de overheid. En dat de lijn tussen neutraliteit en objectiviteit misschien niet altijd even duidelijk is.

Wantrouwen richting onze overheid is misschien op bepaalde vlakken logisch, maar ook gevaarlijk. Ik moet er niet aan denken dat we als land overgeleverd zijn aan alleen maar commerciële belangen. Iets met wij van WC eend…

Foto Pixabay

De kerstgedachte

Daar liggen we dan, kerstavond 2024. Radio aan, top vierduizend net afgelopen. Queen op één, uiteraard, niet echt een verrassing, denk ik. Morgen schakelen we naar radio twee, nu luister ik naar het eerste kerstliedje van de afgelopen weken. Ik heb alle kerststations ontweken, heb een uurtje naar Sky geluisterd om een poging te doen een trip te winnen naar mijn all time favoriete magische park, Disney, maar zelfs een vooruitzicht op een mogelijke reis naar Parijs maakte de gruwelen van het luisteren naar kersthit na kersthit niet ongedaan. Ik kan ze pas aanhoren als de kerst gearriveerd is. Als ik Rudolf aan zie komen met zijn lichtende rode neus. Als ik de elfen hoor, gevolgd door de diepe stem van de kerstman.

Ho, Ho, Ho.

Ooit had Kerst zin, hoop ik. Nu niet meer. Overgenomen door commerciële doeleinden. Ieder jaar wordt de gekte groter, meer ornamenten, meer bling. En hoe groter het aanbod, hoe groter míjn weerzin. Ik ben helemaal voor regenbogen en unicorns, en alles daartussenin, maar niet in de boom. Weet je hoe groot de belasting op ons milieu is van al die China shit.

Mooie gedekte tafels, vol voedsel, waarvan zoveel wordt weggegooid, terwijl zoveel andere mensen nog geen brood kunnen betalen. Chips, nu klink ik als mijn moeder, vroeger. De kindjes in Afrika, toen. Dichterbij, nu. Cadeautjes, na black friday is dit de volgende kans de zooi te slijten. Gelukkig ben ik daar niet gevoelig meer voor, alhoewel, dat prachtige paar laarzen dat steeds omhoog komt ik mijn feed… Nee, hakken, kan ik toch niet aan, weg. Ik.ben.niet.gevoelig. Meer. Ook niet voor glitter jurkjes en mooie jassen. Oops, toch een beetje. Maar niks gekocht. Dit jaar.

Ooit had kerst zin. Hoop ik. Ooit had de kerstgedachte zin. Ooit was er hoop. Nu schieten ze elkaar overhoop. Was geloof ik in de jaren tachtig ook al, toen hielden ze een kersterige pauze. Alsof dat helpt. Als je twee dagen later weer los gaat. Vrede op aarde, tuurlijk. Ben ik wat cynisch? Misschien, dat krijg je van de nieuwsberichten. Normaal vermijd ik het nieuws, maar tussen die top zoveel door komt het voorbij. Geen ontkomen aan.

Dus, daar liggen we dan, kerstavond 2024. Klaar voor een kerstfilm, Die hard? Past wel, maar nee, ik sla over. Nu op de radio dan, Mariah Carrey. All I want for Christmas… vrede op aarde? Of is dat te groot? Ben ik te idealistisch. Als we het nu echt allemaal wensen, zou het dan?

Ik wens jullie in ieder geval wel het allerbeste, vanuit mijn hart. Goede gezondheid, mooie gesprekken. Veel liefde.

Fijne dagen iedereen!

Vuurwerk

Ik neem het me steeds opnieuw voor, me niet meer druk maken over dingen in de wereld. Over dingen waar ik geen invloed op heb. Me niet meer op laten naaien door reacties, ze zelfs niet lezen, maar helaas, net ging dat hele voornemen weer de prullenbak in. Gelukkig is het bijna nieuwjaar, kan ik het me opnieuw voornemen. Onderwerp van mijn hoge irritatiefactor laat zich raden, vuurwerk. En dan met name de onbenullige en compleet onzinnige reacties van mijn medemens (vooral die uit mijn leeftijdscategorie, voornamelijk van het mannelijke geslacht).

Het bericht ging over dieren die bang zijn voor vuurwerk, over vuurwerkvrije vakantieparken die al een jaar vóór datum volgeboekt zijn. Er komen steeds meer mensen uit voor hun ergernis aan deze traditie, maar ook voor het feit dat hun huisdier geen fan is. Mijn huisdier is ook geen fan. Ik ook niet trouwens, maar Lewis is bang. Blaft aan een stuk door en ligt onder de tafel te bibberen. Ook bij onweer trouwens. Feest hier in huis, in de nachten voor oud en nieuw, die steeds eerder lijken te beginnen en waarvan de ellende alleen maar groter wordt bij het steeds zwaardere vuurwerk in handen van, zo lijkt het, maar dat kan ook aan mij liggen, steeds jongere kinderen. Een puber kan het gevaar niet inschatten, dát kun je hen niet eens aanrekenen, het zijn de ouders die hun verstand moeten zijn. Of zouden moeten zijn. Maar ja, er zijn nogal wat ouders die zelf veranderen in complete randdebielen als het aankomt op het spelen met vuur.

Het is bijna een persoonlijke aanval, als je aan deze traditie dreigt te komen. Waarom zouden we ons druk maken om de hoeveelheid zware metalen die we de lucht in knallen? Alles voor ons eigen plezier toch? Waarom zouden we ons druk maken om de dieren die vreedzaam hun leven leiden (op deze dagen lijden) in onze natuur, die dagen later nog compleet van slag zijn, door ons vertier? Waarom zouden we ons druk maken om de paarden, koeien, schapen, huisdieren, die uit angst niet eens meer naar buiten durven om zich te ontlasten, omdat wíj het zo leuk vinden, die traditie.

Dat onze huisdieren ‘onnodig’ bang zijn is onze eigen schuld toch? Moeten we ze maar beter opvoeden. Want dat is met die menselijke varianten zo goed gelukt?

Weer zoeken we de schuld buiten onszelf. Weer maken we van wat inmiddels echt wel gezien kan worden als een probleem, geen probleem. Doorgeslagen gekte, zoals steeds meer in deze wereld als doorgeslagen gekte gezien kan worden. Ik word serieus zwaar geïrriteerd door de onzinnige en onbenullige reacties op deze berichten, reacties die vooral bedoeld zijn om zichzelf te verdedigen. Je zou jezelf maar niet het nieuwe jaar in mogen knallen. Dat zou toch een drama zijn. Je zou ze bijna zelf een huisdier toewensen met angst, zodat ze zien wat het doet. Maar dat wens ik geen dier toe…