De afgelopen jaren heb ik ontzettend hard gewerkt aan mezelf. Ik heb onderzocht waarom ik reageer zoals ik reageer, waarom ik doe wat ik doe en soms ook juist niet. Ik geloof dat lichaam en geest onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn en probeer de sleutel te vinden die past op het slot van mijn lijf.
Ik geloof niet meer dat er voor ieder probleem één standaardoplossing bestaat. Zeker niet als je leeft met een aandoening die zo complex is als de mijne. Dus besloot ik mijn eigen weg te bewandelen.
Mezelf ontleden was niet altijd een pretje. Het is soms behoorlijk confronterend om jezelf echt goed aan te kijken. Om te onderzoeken wat je voelt, waarom je reageert zoals je reageert. Welke overtuigingen leidend zijn in jouw leven.
Ik denk dat daar de sleutel ligt tot je beter voelen.
Denk ik dat ik op deze manier alle fysieke uitdagingen weg kan ‘denken’? Nee. Maar ik weet inmiddels wel dat het me meer heel maakt. Op een ander vlak.
Ik dacht altijd dat mijn stem mijn grootste angst was in het stukje zichtbaar zijn op sociale media. De afgelopen week is me duidelijk geworden dat mijn uitdaging met zichtbaarheid zat in iets anders. Ik was bang voor een bepaald soort reacties. De soort die me terugbracht naar mijn jeugd.
Naar dat meisje dat zoekt naar erkenning.
Naar gehoord worden. Geloofd worden.
Ik was niet bang voor zichtbaarheid.
Ik was bang om me weer klein te voelen.
Maar ik ben dat meisje niet meer.
En ik ben ook niet meer klein.
Ik heb meer doorstaan dan ik ooit voor mogelijk hield. Ik ben nog steeds onderweg, maar ik weet inmiddels ook wie ik ben. En wat ik kan.
Het schrijven over mijn eigen onzekerheden, over mijn zoektocht naar wat mij drijft, heeft mij daarin geholpen. Ik schrijf omdat ik onderweg ben. Omdat ik leer terwijl ik leef.
Deze week leerde ik een belangrijke les. De reactie van een ander bepaalt niet wie of wat ik ben. Ze laat hooguit zien wat er in mij misschien nog geheeld mag worden.
Ik heb ontdekt dat ik én zichtbaar kan zijn én dit soort reacties naast me neer kan leggen. Dat ik kan twijfelen én toch door kan gaan. Dat dit alles gewoon naast elkaar kan bestaan.
Ik hoef niemand te overtuigen van mijn waarheid.
Ik hoef er alleen zelf van overtuigd te zijn.









