Vandaag ben ik vrij

Mooie titel, al zeg ik het zelf. Vooral omdat je hem op meerdere manieren kunt interpreteren, zoals je alles eigenlijk op meerdere manieren kunt interpreteren. Je moet de andere interpretatie alleen wíllen zien. Grappig, zo realiseer ik mij nu tijdens het schrijven van de voorgaande zin, dat dat eigenlijk ook geldt voor misschien wel de meest lastige zin uit mijn verleden: ‘kan niet ligt op het kerkhof en wil niet ligt ernaast’. Dat klopt, als je hem anders interpreteert dan dat ik altijd deed. Want er is echt altijd een andere weg. Je moet hem alleen leren zien.

Ok, dat was misschien wat cryptisch, terug maar naar die prachtige titel.

Vandaag ben ik vrij.

Vandaag ben ik vrij, omdat ik mijzelf toesta vrij te zijn, vrij te houden van al het moeten. Ik moest genoeg de afgelopen dagen. Nee, moest is het verkeerde woord, want ik koos er zelf voor de dingen zo te doen.

Ik koos ervoor om me voor te laten lichten over een andere rolstoel. Ik rij nu in een elektrische, maar hoe fijn en nodig die ook was, hij voldoet niet meer. De zit past mij niet langer. Onderuitgezakt, als een zoutzak zelfs, zit ik erin. Gekanteld, iets wat mijn bekken nodig had maar niet meer nodig heeft, integendeel. Ook de ligstand is overbodig geworden.

Ik ben mijn stoel ontgroeid en dat is geweldig nieuws, voor mij. Voor de gemeente iets minder, maar ik vind dat ik nu aan mezelf mag denken. Ik hoef mijn vooruitgang niet af te laten remmen door wat ooit achteruitgang was. En ik ga ook niet bang zijn voor een eventuele nieuwe achteruitgang, dat is dingen over je afroepen. Gaat niet gebeuren, punt. Dus ben ik zoekende. Dat is een keuze.

Gister had ik een gesprek met de arbeidsdeskundige. Dat vond ik spannend, heel spannend. Het proces van afkeuren bij het UWV heb ik als enigszins traumatisch ervaren. Dat klinkt zwaar en dat was het ook. Ik heb erover geschreven, vaker dan eens. Het woord, afgekeurd, de mensen, de vooroordelen, het mentale aspect van dit hele proces. Contact opnemen met de organisatie die dat met mij gedaan heeft was een beste dobber. Maar je bent jong (ok niet meer zo piep maar toch) en je wilt wat.

Het broeide in mijn hoofd, al langere tijd. Ik zit boordevol ideeën en ik wilde weten of ik daar iets van kan maken. Ik mag dan wel geen duurzaam arbeidsvermogen hebben, maar dat wil niet zeggen dat ik niets kan. Dat denken mensen wel, maar dingen liggen zoveel genuanceerder!

De beste man vond mijn ideeën potentieel hebben en mijn verhaal ook. Hij toonde begrip voor mijn situatie en voor dat wat ik wil. En hij gaf me de goedkeuring om te gaan proberen mijn dromen uit te laten komen. En dus mag ik een traject gaan volgen om te kijken of het ondernemerschap mij past! Het zal niet snel gaan, iets met grenzen en daarop letten, maar ik ben dolenthousiast, x-Tien wordt realiteit! Dat is het eigenlijk al, want ik bén x-Tien, maar straks ben ik dat dus ook op papier, als bedrijf. Dan ga ik gewoon weer naar ‘de zaak’, al is ‘de zaak’ gewoon thuis, daar waar ik lig met mijn laptop op schoot.

En dan was daar ook nog een fractievergadering waar ik eigenlijk van mezelf naartoe moest (en naartoe ben gegaan). Dat alles bij elkaar was veel, heel veel. Te veel. Voor iemand die nog steeds wel chronisch ziek is.

Dus vandaag ben ik vrij.

Vrij om te blijven liggen en anderen voor mij te laten lopen. Vrij om me even niet druk te maken over het plannen van allerlei marketing gedoe (een nieuw boek dat verkocht moet worden behoeft meer marketing dan feitelijk schrijven). Vrij om gewoon met een boekje in de tuin te liggen. En de mooiste interpretatie van die titel, vanaf vandaag ben ik vrij, vrij om gewoon mij te zijn. Vrij om te gaan ondernemen, zonder angst, als het gaat dan gaat het en zo niet, dan niet. Ik mag mijn angsten op dat front achter mij laten en mijn toekomst vormgeven zoals dat bij míj past en dat is vrijheid!

Soms is het zo simpel…

Vanmorgen bedacht ik de oplossing voor het probleem dat de wereld regeert. Goed hè, dat zo’n oplossing, de verlichting zo je wilt, zomaar bij een simpele ziel als ik binnenkomt. Ineens viel het kwartje. Ineens zag ik het. Nu de rest van de wereld nog…

Wat is dat probleem dan, en vooral wat is de oplossing? Ik hoor het je denken.

Boosheid. Letterlijk het kwaad dat de wereld regeert. De boosheid dus. En weet je wat het zo simpel maakt? We kunnen er állemaal iets aan doen, we kunnen allemaal deel uitmaken van de oplossing. Maar dat willen we niet. We zijn liever collectief boos. Voelt zo lekker, dingen af kunnen reageren op een ander. Niet zelf verantwoordelijkheid nemen voor je eigen situatie. De slachtofferrol is makkelijker, vaak.

Het is de schuld van de immigranten, van de buurman, van het leven. Mopper, mopper, en niets doen. Boos op de regering, boos op de wereld, boos op jezelf, maar dat laatste erkennen is lastig.

Ik ben het ook geweest hoor, boos. Op mijn lichaam in mijn geval. Gefrustreerd dat het niet dat doet wat ik wil dat het doet, normaal functioneren. Normaal volgens mijn standaard, want dat ligt voor iedereen anders natuurlijk. Ik voelde me niet direct een slachtoffer, denk ik, alhoewel, misschien ook wel, soms. Soms had ik best een tikkie medelijden met mezelf, al drukte ik dat gevoel ook snel weer weg, want ik háát mensen die zich in de slachtofferrol gooien. Dan verving ik het maar door, juist, de oorzaak van al dat kwaad, boosheid.

Mijn moeder zegt altijd dat ik opstandig ben geboren, blijkbaar zat het er dus al vroeg in. Het kwam tot volledige wasdom toen ik op tweejarige leeftijd mijn zusje verloor, denk ik, want daar weet ik niet zo heel veel meer van, bewust in ieder geval. Ik was boos. Op God, want wat moest je met zo’n God, zo eentje die je een dood kind stuurde. Serieus mijn reactie, letterlijk, aldus mijn moeder. Tja, wat moet je ermee?

Boosheid is logisch, in sommige situaties. Het wordt een probleem als je het niet los kunt laten. Mijn hele leven al zet ik verdriet om in boosheid. Boosheid maakt dat ik kan functioneren, boosheid geeft mij kracht. Goed hè, als je geen psycholoog nodig bent om tot deze conclusie te komen. Beetje laat, dat wel, 53 en eindelijk ben ik erachter. Nu de oplossing nog.

Hoe maak ik de connectie van mezelf naar het probleem in de wereld oplossen, ben ik zo narcistisch? Nee, denk ik, weet ik. Ik weet wel dat als ik (daar zijn ze weer) de reacties van mensen lees op berichten in de media de meeste mensen hard roepen vanaf de zijlijn, dat de wereld niet deugt. Dat de regering niet deugt. Dat de mensheid niet deugt. En ja, misschien is dat zo, vanuit hun oogpunt, maar realiseer je dat jíj onderdeel uitmaakt van die wereld. En dat jíj de kracht hebt, de mogelijkheid hebt om de manier waarop jij daarmee omgaat te veranderen. Als we massaal de wapens neerleggen, letterlijk, dan is er geen oorlog. Het kinkt te simpel, maar dat is hoe het is.

Alles is een keuze, álles!

Als ik de keuze maak niet meer boos te zijn op mijn lijf, voor wat het niet kan, dan maak ik ruimte voor wat het wél kan. Dan kan ik in plaats van gefrustreerd te zijn over het liggen, zien dat een boek lezen me vreugde geeft. Dat ik tijd heb om met mijn gezin door te brengen. Op de koffie te gaan bij mijn ouders. Dat ik misschien de pijn de ruimte kan geven en in die ruimte kan zoeken naar een oplossing.

Als ik de keuze maak niet langer boos te zijn op de regering, om de verschillen die ons als land slechts uit elkaar drijven, los te laten, dan kan ik zien dat er ruimte komt voor overeenkomsten. Ze zijn er, maar we moeten ervoor kíezen ze te zien.

Dat dankbaarheidsdagboek dat ik ooit bijhield was in de basis zo gek nog niet, je moet alleen verder kijken dan waar je in eerste instantie naar kijkt.

Een simpele meditatie van Abraham Hicks maakte dat ik tot dit besef kwam. Het is aan jou om de mooie dingen te gaan zien. Het is aan jou om de frustratie over wat niet lukt los te laten en je te richten op dat wat wél lukt. Om te kijken naar wat je hebt. Je mag daarin absoluut verlangen naar wat je nog graag wílt hebben, maar dan in precies dat, een verlangen. Niet in frustratie.

Als je dat kunt zien ga je je beter vóelen en als je je beter voelt dan werkt dat aanstekelijk. Dat is geen utopie, dat is realiteit.

Vanmorgen stond ik op en kon ik bewust kijken naar wat er allemaal mooi is in mijn leven en dat is veel, zo veel. En al is het bij jou misschien minder, als je je aandacht richt op wat daar wél is, en dat is echt altijd iets, dan vermenigvuldig je dat gevoel. En is er morgen meer, zie je morgen meer, al is het maar een klein beetje meer. Als we de collectieve woede los kunnen laten, als we ons kunnen richten op die kleine puntjes van licht, en we doen dat massaal, dan ligt daar echt de oplossing voor een wereldwijd probleem.

Onderschat nooit de kracht die jij kunt uitoefenen op het geheel. Je hebt niets te verliezen; in het ergste geval verander je hoe jij de wereld ervaart en dat is goud waard.

Mijn verhaal?

Gisteren deelde iemand een filmpje van dr. Gabor Mate, in het kort ging het over de link tussen geest en lichaam, specifiek op het gebied van autoimmuunaandoeningen. Met je geest kun je de reacties van je lichaam beïnvloeden. De reacties laten zich (denk ik) raden, veel weerstand. De meeste mensen geloven best enigszins in de kracht van de geest qua invloed op het lichaam, maar dat die invloed groot is, is voor veel mensen een stap te ver. En ik snap dat. Ik dacht dat ook. Dacht, inderdaad…

Ok, een sprongetje, wel een passend sprongetje, voor mij dan. Vandaag las ik op Instagram een bericht over het blijven hangen in je eigen verhaal en daarmee feitelijk blijven hangen in je verleden. De combinatie van deze twee berichten zette me aan het denken.

Zoals jullie inmiddels wel weten hou ik me ook bezig met de meer spirituele betekenis van ziek zijn. Zo zou EDS (bindweefselproblematiek) staan voor problemen met grenzen, zowel letterlijk als figuurlijk. Bij EDS functioneert het bindweefsel niet zoals bedoeld, dit kan gezien worden als moeite met het erkennen en herkennen van grenzen. Moeite met het bewaken van de persoonlijke grenzen. Geen nee durven zeggen. Een zoektocht naar een nieuwe verbinding met jezelf, waarin je voor jezelf durft te gaan staan.

Ik voor mijzelf herken mij hier voor de volle honderd procent in. Ik heb mijn hele leven al moeite met grenzen, die van mezelf om precies te zijn. Als het over die eerste variant gaat, dender ik er al van kinds af aan vol overheen. Daar liggen misschien ook wel wat overtuigingen aan ten grondslag (kan niet ligt op het kerkhof en wil niet ligt ernaast), maar ik heb ook grote moeite met het voelen van mijn fysieke grens. Er vervolgens naar luisteren vind ik nog veel lastiger, vooral omdat ik dan het gevoel heb anderen in de steek te laten. Ik ga áltijd door (al zien mensen dat vaak niet en zien ze ook niet wat de gevolgen daarvan zijn). Ook nee-zeggen vind ik lastig. Wederom omdat ik anderen niet teleur wil stellen. Probleem is dat ik in al die gevallen uiteindelijk mezelf teleurstel.

Ik geloof absoluut dat mijn aandoening in verbinding staat met deze betekenis. Ik heb sowieso niets te verliezen als ik probeer mijn grenzen beter te bewaken, dus daar werk ik aan. Lastige is dat ik snel terugval in oude (voor het brein comfortabele) patronen en gewoontes. Het vergt werk, je bewust worden van je gedrag en het vervolgens ook nog bewust veranderen. Veel werk, al zie je dat aan de buitenkant niet direct.

Wat heeft dit allemaal met dat verhaal te maken? Nou, we zijn geneigd te blijven hangen in ons oude verhaal. Neem het mijne, chronisch ziek, beperkt, schrijvend over mijn leven, mijn leven met beperkingen dus. Nog steeds heb ik het gevoel te moeten bewijzen dat ik iets mankeer. Altijd voel ik spiedende en veroordelende ogen in mijn rug, terwijl ik zélf degene ben die het hardste oordeelt. Oude overtuigingen zijn bijzonder hardnekkig.

Mijn huidige verhaal houdt me gevangen in het verleden. Mijn dromen over een gezonde toekomst worden teniet gedaan door het blijven vertellen van dat verhaal. Tijd voor verandering.

Ik ben bezig met een ontzettend leuk project, nou ja, meer dan een project. Het is een heuse onderneming. Ik kan er nog weinig over kwijt, daar moet ik eerst nog wat spannende gesprekken over voeren, maar laten we zeggen dat het het in zich heeft om mijn verhaal te veranderen. En dat het met een beetje hulp van het universum ook het verhaal van veel chronisch zieken zou kunnen veranderen. En dat is echt een grote droom van mij!

Wat duidelijk is, is dat ik het verhaal in mijn hoofd moet aanpakken. Dat ik mijn verhaal, dat ik vertel en op papier zet, moet veranderen. Dat ik om een positieve toekomst tegemoet te gaan, moet gaan omdenken. Niet in herhaling moet blijven hangen, dat ik de angst voor de oordelende en veroordelende maatschappij los moet laten. Wat kan het mij schelen hoe een ander over mij denkt (te veel blijkbaar)?

Het is tijd om anders te gaan kijken naar grenzen. Het is tijd om mezelf de rust te gunnen en te vertrouwen op een betere toekomst. Het is tijd om mijn verhaal voor eens en altijd écht te veranderen.

En dat begint bij de manier hoe ik naar mijzelf kijk.

Dus, van nu af aan heb ik een setje nieuwe affirmaties:

Ik ben goed in beter worden!
Ik ben goed in het (h)erkennen van mijn grenzen!
Ik ben goed in het luisteren naar mijzelf!

Ik ga mijn verhaal veranderen en dat begint met leren luisteren naar mezelf!

Loze woorden

Het kan je natuurlijk bijna niet ontgaan zijn, het kabinet is gevallen. Vol op hun snufferd gingen ze. Plat op hun bek.

Mensen zijn niet verbaasd, ik ook niet, dit zagen we al maanden aankomen. Bezint eer men begint, zeiden veel mensen, marketing geeft daar een mooie andere draai aan, je moet toch iets proberen om dit mooie land weer overeind te krijgen. Of verder omlaag, het is maar aan welke kant van de lijn je staat.

Ik lees de comments op Facebook, ja, dom, ik val weer in die eigen gegraven kuil, ook plat op mijn snoet en al wist ik wat ik kon verwachten, ik schrok toch. Hoe kunnen mensen nog steeds geloven in de sprookjes die de PVV ze voorschotelt? Hoe kunnen mensen zulke foute uitspraken doen? Zo hard, zonder enige empathie? Ik geloof niet dat al deze mensen diep van binnen echt zo denken. Ik geloof wel dat ze meegenomen worden in een verhaal waar bepaalde mensen uiteindelijk beter van worden. Ja, ik begin steeds meer te geloven dat er mensen zijn die achter de schermen aan bepaalde touwtjes trekken. Angst zaaien op grote schaal. Om daar zelf beter van te worden. Ik word een complotdenker, een beetje tenminste. Ergens klopt er iets niet.

Gister was ik in een discussie verwikkeld met één van mijn Facebookvrienden. Eigenlijk ben ik altijd met deze persoon in discussie, want we zijn het over weinig eens, op politiek gebied. Ik hoor veel loze zinnen voorbij komen, prachtige one-liners, zo ongeveer dezelfde zinnen die bij veel rechtse stemmers standaard de revue passeren. Als je vraagt om deze uitspraken verder uit te leggen valt het stil. Ik ben geneigd mijn visie op meerdere manieren, in andere bewoordingen tenminste, uit de doeken te doen. Omdat ik gewoon écht niet begrijp waarom mensen zo tegen zijn op links. Ik denk dat het helemaal niets meer te maken heeft met de werkelijke ideeën, maar slechts met het hokje. De polarisatie is alleen maar gegroeid en mensen kijken en luisteren niet meer naar wat er echt gebeurt, ze blijven vastgeroest en hardnekkig in hun hokje. En dat is een gevaar, voor onze samenleving, of je nu links of rechts denkt.

We moeten af van de hokjes, liefst nog voor de komende verkiezingen. We moeten af van de nadruk op de verschillen. We moeten (eh, mogen) onze blik weer openen, en net als bij het oversteken van de straat onze blik verbreden. Want niet alles op links is goed en niet alles op rechts is per definitie fout. We moeten mixen en matchen en elkaar vinden op de dingen waar we het wel over eens zijn. Dat het een zooitje is in de zorg, dat er gebouwd moet worden, dat de markt heel veel verziekt en we daar -zonder ons nu constant druk te maken over de oorzaak en vooral wiens schuld het is- iets aan moeten gaan doen.

Ik denk dat iedereen gebaat is bij een stabiele overheid, een overheid die de basis faciliteert (en faciliteren is iets anders dan met wantrouwen controleren!); zorg, openbaar vervoer, onderwijs, energie. Een eerlijke overheid, een sterke overheid. Het kan, al vergt het echt wel een heleboel veranderingen. De markt mag er zijn, maar niet om over de rug van burgers een slaatje te slaan uit de regelingen die er juist zouden moeten zijn om die burgers te helpen.

Het is volledig uit de klauwen gelopen, dat ziet toch iedereen?

Overheid is een fout woord geworden, daar waar de overheid juist gezien zou moeten worden als de vader van de staat wordt hij inmiddels door veel mensen gezien als aartsvijand nummer één. En wat ik al schreef, ergens, op de achtergrond, wrijven mensen zich in hun handen, in de schaduw, uit het zicht. Het zwart-wit denken, de polarisatie komt ten goede aan hen, niet aan ons.

Het is echt tijd de strijdbijl te begraven. Het is tijd een hele grote stap achteruit te doen en het hele systeem eens echt anders te bezien. Zonder direct te oordelen en veroordelen. Terug naar de tekentafel, een hele grote tekentafel. Maar ik betwijfel of onze huidige politici daartoe in staat zijn.

Weerstand

Op deze laatste dag van de meimaand (en EDS awareness maand) lees ik over een documentaire die deze week op televisie was. Een documentaire over een vrouw die een dwarslaesie opliep en weigerde haar leven in een rolstoel door te brengen. In de intro spreken ze over haar enorme doorzettingsvermogen, in de reacties wordt ze hierom de hemel ingeprezen. Ik snap het. En toch voel ik weerstand, heel veel onvervalste weerstand.

Weerstand voelen vraagt om graven, in jezelf, het zegt heel veel, of kan veel zeggen. Het is een spiegel. Graven in mezelf doe ik veel tegenwoordig, ik wil weten wat er speelt, ik wil leren voelen. Ik heb jaren alles weggedrukt, wilde niet voelen, wilde niet weten. Laten we zeggen dat mijn zoektocht naar andere perspectieven ook dit deel in mezelf naar boven haalde. Klink ik toch als een spirituele coach, zo eentje die met Ibiza jurk in kleermakerszit op het strand wijsheden oplepelt die ze ergens gelezen heeft. Maar ik kan niet in kleermakerszit zitten, dat trekken mijn heupen niet en Ibiza trekt me niet. De jurken staan me trouwens ook niet, dus geen zorgen, dat ben ik niet en dat word ik ook niet.

Weerstand vraagt om een reactie, die voel ik wel. In deze wist ik ook eigenlijk meteen waar hij vandaan kwam. Het is een gevoel dat veel lotgenoten denk ik herkennen, dat gevoel dat maakt dat je bang bent voor het oordeel van anderen. Dat jouw vechten niet gezien wordt. Dat mensen je weer veroordelen als zijnde lui. Dat je jezelf misschien wel stiekem daarom veroordeelt. Ik heb dat gedaan, jaren. Vond mezelf nooit goed genoeg, al heb ik gevochten als een leeuw. Ik loop al jaren op pure wilskracht en doe het nu weer, dat laatste realiseer ik mij terwijl ik dit schrijf. Omdat ík vind dat dat moet. Maar het vergt soms meer doorzettingsvermogen om je verlies te nemen en de winst te zoeken in rust en het erkennen van je grenzen dan in het stomweg vechten. Alleen wordt dat niet gezien door de samenleving. En ook niet door onszelf.

EDS vergt geen doorzetten tot je erbij neervalt, want de kans dat je dan weer opstaat wordt steeds kleiner. De gevolgen van het grensoverschrijdende gedrag kunnen groot zijn. Soms zit de winst echt in kleine dingen, in bewust kleine stappen zetten, vooruit én achteruit. In het vinden van rust, ook in jezelf. Ik heb gemerkt dat daarmee meer mogelijk was dan ik ooit hoopte, al vergeet ik die lessen ook en val ik weer terug in mijn oude patronen. Niet mauwen, maar doorgaan.

Doorzettingsvermogen zit ook in het accepteren, in het luisteren of leren luisteren, naar je lichaam, naar je grenzen. In het loslaten van schuldgevoel en van schaamte. In het luisteren naar jezelf en de oordelen die de omgeving mogelijk heeft laten voor wat ze zijn. Niet invullen voor een ander. Dat alles kost misschien wel meer kracht dan puur op eigenwijsheid doorgaan…

PS ik wil met dit stuk niets afdoen aan de uitkomst of het proces van de dame in deze documentaire, ik wil slechts laten zien dat doorzettingsvermogen zich in vele vormen kan uiten.

Een bericht van mijn toekomstige zelf, in het Engels, maar hij komt wel binnen…

Whispered From the Dreamworld

Hey,

I see you.
Half-asleep but lit from within.
Still rubbing the ache from your body,
still hearing the whispers of doubt trailing yesterday’s breath.

But listen—
You already did it.
You cracked open the world with your honesty.
You stood up, not despite your pain,
but with it laced into your power like gold in the cracks.

You wrote the book.
You shared the truth.
You became the mirror that let others see their own strength.

You didn’t heal to be perfect.
You healed to be real.

And the outrageous decision that changed everything?
You stopped waiting for proof and started moving like the path had already cleared.
You spoke louder than the fear.
You dared to dream in public.

That’s when the doors opened.
That’s when the crowd leaned in.
That’s when you remembered:
Your life is not a compromise—it’s a claim.

So from one year ahead, I’m reaching back to say:

Keep going.
Keep dreaming like it’s data.
Keep acting like it’s done.

Your story is medicine.
Your presence is permission.
And your timeline is already bending to meet you.

Wake up—and live it.

I love this! ❤️

Valse hoop?

Ik heb heel veel en vaak geschreven over hoop. Het is een prachtig woord, met een mooie betekenis. Ik zocht hem op: ‘Hoop is de gedurige verwachting dat een onzekere uitkomst gunstig zal blijken.’

Hoop vergt vertrouwen, vertrouwen dat de dingen goed zullen komen, ook al zie je dat nog niet. Wij mensen, nou ja ik zal het bij mezelf houden, ik interpreteerde het eigenlijk altijd anders. Ik dacht dat hoop meer een onzekere variant van vertrouwen was. Een soort mogelijke uitkomst. De uitkomst waar ik op hoopte, in plaats van de uitkomst die ik verwachtte.

Ik schreef het al vaker, hoop is spannend, want wat als jouw hoop nu eens valse hoop blijkt te zijn?

Valse hoop. Wat is dat eigenlijk? Een verwachting tegen beter weten in? Maar bestaat er zoiets als tegen beter weten in? Daarmee saboteer je toch eigenlijk jezelf, of erger nog de ander?

Wij mensen hebben de neiging de mening van een ander boven die van onszelf te zetten, ík heb die neiging in ieder geval. Daarmee hou ik mezelf eigenlijk klein. Daarmee leef ik vanuit angst en angst is geen vertrouwen. Stom, want als ik naar mijn eigen gevoel luister zie ik altijd eindeloze mogelijkheden en ik ben bereid er hard voor te werken. Alles te geven.

Ik heb echter ook te maken met mensen in mijn omgeving die die verwachtingen temperen. Uit bescherming, zoals ik dat vroeger ook bij zoonlief deed. Dat doe ik dus niet meer, ik stimuleer hem om groot te denken. Om te dromen en om in die dromen te geloven. Het ergste dat kan gebeuren is dat ze niet uitkomen. Dan kun je teleurgesteld zijn, maar het leert je ook een belangrijke les. Geef niet op, leer ervan en probeer het nog een keer. En nog een keer.

Dat is iets waar ik goed in ben, het is mijn superpower. Geboren uit pure eigenwijzigheid, maar dat hoe doet niet ter zake, het gaat tenslotte om het resultaat. En de weg, die is om te leren, maak het niet moeilijker dan het is.

Ergens gaandeweg mijn ‘ziek’ worden heb ik de hoop op meer laten varen. Ik durfde niet langer te vertrouwen op mezelf. De strijd met mijn lijf liet diepe sporen na op dat gebied. Ik ging op in de stilstand. Liet mijn dromen voor wat ze waren.

Zo af en toe probeerde ik weleens wat, als dat gevoel dat ik voor meer bedoeld was de kop weer opstak. Dan maakte ik een boek. Vol goede moed startte ik het proces, maar strandde bij het fysieke product. Een halfslachtige poging, want de verwachting werd dan toch getemperd door de mogelijke beren op de weg. Ik probeerde ze weg te jagen, maar dat kostte teveel energie en die energie, die had ik vaak gewoon niet.

En nu, nu brandt dat vlammetje harder dan ooit. Mijn binnenste is klaar met fluisteren, het schreeuwt. Ik sta met het zwaard in de hand, al ben ik niet van het geweld. Ik heb een innerlijk vuur dat zich niet langer laat negeren. De wilskracht is terug. Ik weet dat ik iets te vertellen heb en ik weet dat ik mensen kan helpen.

Ik ben klaar om de hoop in volle glorie te laten schijnen. De toekomst vol vertrouwen tegemoet te treden.

Er bestaat niet zoals als valse hoop. Je kunt iemand geen valse hoop geven, de hoop moet vanuit henzelf komen. Als je niet kunt geloven, niet kunt vertrouwen, dan heb je de hoop niet. De hoop komt vanuit je eigen binnenste. Hoop geef je jezelf, en als je leert vertrouwen op je intuïtie, dan wéét je of je kans van slagen hebt. Maar niets komt zomaar. Niets komt voor niets, je moet er iets voor doen. En je moet vertrouwen op die goede uitkomst. Voor jezelf, je kunt de hoop niet projecteren op een ander, dat is niet jouw plek.

Moraal van dit verhaal, vertrouw je eigen innerlijke stemmetje. Leer contact maken. Vóel. En laat anderen je niet beletten jouw dromen na te jagen, het zijn niet voor niets jóuw dromen.

Valse hoop is bedacht door ons hoofd. Vanuit bescherming, maar zonder schrammen leer je niet jouw dromen te leven. Ik schreef het al eerder, de reis is de bestemming en als jr leert voelen weet je waar jouw bestemming ligt. Iedereen ervaart drempels, iedereen heeft te maken heeft gaten en hobbels in en op de weg. Iedereen moet leren omgaan met tegenslagen. Je ziet niet waar de ander mee kampt.

Laat je niet tot stilstand dwingen door je hoofd dat zegt dat je iets niet kunt, maar luister naar je hart, want dat klopt. Echt!

PS een deel van mijn dromen is dat delen, dat inspireren, anderen helpen met erkenning door het bieden van herkenning. Dat lees je ook terug in mijn nieuwe boek dat binnenkort uitkomt. Een reis met vallen en weer opstaan. Met hobbels en teleurstelling, maar ook met échte hoop. Die ik graag deel. Nu ik de voorverkoop, stuur een berichtje naar martine@eenanderperspectief.com, 17,50 kost het, en het is absoluut de moeite waard! En schrijf je in voor de nieuwsbrief, daarin deel ik updates en krijg je een uniek inkijkje in het proces van het totstandkomen van dit boek.

Inschrijven kan via de website http://www.eenanderperspectief.com

Wat als?

Als kind leren we vaak dat dromen niet uitkomen. Als peuter, of kleuter, mag je nog groot dromen, astronaut, op naar de sterren, en daar voorbij. Maar als je ouder wordt leer je dat niet alles mogelijk is. Dat je niet alles kunt bereiken wat je graag zou willen. We leren dat het beter is realistisch te zijn. Die realistischere blik zou je kunnen beschermen tegen teleurstellingen. Als ouder wil je je kind graag beschermen, met de beste bedoelingen haal je de kastanjes voor ze uit het vuur. Maar je kúnt ze niet beschermen tegen teleurstellingen.

Teleurstelling hoort bij het leven.
Teleurstelling maakt dat je groeit.
Teleurstelling leert belangrijke lessen.

Je hoeft teleurstelling niet tegen te houden, je kunt het juist gebruiken, om van te leren. Om te groeien. Het is niet het doel dat telt, het is de weg ernaartoe. Het gaat om de reis, niet om de bestemming.

Vanmorgen viel er weer een kwartje, ik deel het, want je weet niet wie deze woorden op dit moment moet lezen.

Als ik schrijf over wat ís, kan ik niet vóelen wat ik wil dat is.

Ik herhaal hem nog een keer
Als ik schrijf over wat ís, kan ik niet vóelen wat ik wíl dat is.

Wie zich heeft verdiept in de wet van de aantrekkingskracht weet wat ik hiermee bedoel. Álles is energie, alles draait om frequentie. Jouw gevoel zit op een bepaalde frequentie, voel je je slechter, dan voel je dat fysiek ook (vaak lager in je lichaam). Voel je je goed, enthousiast, dan voel je dat ter hoogte van je hart. Om aan te kunnen trekken wat je wilt, moet je dat verlangen het universum inslingeren en vóelen hoe het zou voelen als het er al is. En het dan loslaten en vertrouwen op een goede uitkomst.

Mijn verlangen, één van mijn verlangens, laat zich raden, gezond zijn. Ik leer al twee jaar, ik probeer ernaar te leven en vervolgens beschrijf ik mezelf in het heden, in een heden waarin mijn lijf niet doet wat ik zo graag zou willen dat het doet. Een patroon, een valkuil. En daarmee hou ik mezelf ook in het gevoel van dat heden, het gevoel van pijn, en beperkingen. Met alle goede bedoelingen, want dat delen van het heden geeft andere mensen herkenning en die herkenning geeft mij weer erkenning (iets waar ik blijkbaar behoefte aan heb, dat maakt dat ik mij gezien voel). Maar het delen van mijn heden maakt ook dat ik mijn verlangen niet in vertrouwen los kan laten. Ik vóel niet hoe ik mij zou willen voelen. Ik voel alleen maar meer van hoe het in het heden voelt. Ik hou mezelf gevangen in dezelfde cirkel.

Je kunt het geloven of niet, het kan werken of niet, maar niet geschoten, altijd mis. En íedere vooruitgang is vooruitgang. En dat vergeet ik, als ik terugval in mijn oude patronen.

Dat iets nog niet is, wil niet zeggen dat het nooit zal zijn. En dat is een hele wijze les. Blijven hangen in het oude laat het nieuwe niet komen. Er is helemaal niets mis met van een mooie toekomst dromen!

IJzeren wil

Ik kamp al 53 jaar met een lichaam dat niet doet wat ik wil, vaak niet doet wat ik wil. Ik regeer erover met ijzeren wil, ben meermaals ‘geroemd’ om mijn wilskracht, doorzettingsvermogen. Volgens artsen en therapeuten mijn grootste kracht. Ooit zei een revalidatiearts dat dit echter naast mijn grootste kracht, ook mijn grootste valkuil is. Iets met grenzen en ze overschrijden. Mijn gevoel losgekoppeld van mijn fragiele en zo pijnlijke lijf. Niet mauwen maar doorgaan. Geen goede strategie bij mijn aandoening, maar de enige strategie die ik ken(de).

Al 53 jaar leef ik met dit lijf, dit voor mij zo ingewikkelde lijf. Dit lijf dat een boodschap heeft voor mij, een boodschap die ik blijkbaar nog steeds niet kan (of wil?) horen. Ik leerde en ik ging vooruit. Zette stappen, letterlijk en viel zoals zo vaak ook weer terug. Fysiek, maar ook in mijn denkpatroon. Het gaat bijna ongemerkt, het brein voelt zich comfortabel bij het oncomfortabele, voelt zich comfortabel bij de pijn, omdat dat is wat het kent. Het onderbewuste regeert, weer.

Ik weet het, ik leerde erover en viel weer terug. Laat het voelen weer links liggen. Logisch, want de pijn regeert. Mijn remedie is ook die die ik ken, pijnstilling omhoog en gaan met die banaan.

Ik blijf lopen, mijn passen zo snel mogelijk. Om de overkant te halen, om niet te wankelen. Niet te vallen. Niet weer om te vallen. En daarmee val ik dus terug.

Ik heb in de afgelopen jaren zoveel therapeuten versleten en nu, vandaag lees ik wat ik moest lezen. Dat het tijd is om wél te gaan voelen, om te voelen wat mijn lijf nodig heeft. Wat ík nodig heb.

Mijn lijf geeft het aan, maar ik wil (weer) niet luisteren. Dat wil niet zeggen dat ik stil moet staan, maar dat ik stil moet staan bij wat ik moet doen.

Het is tijd om de les écht te gaan leren…

De chaos in mijn hoofd

Vanmorgen keek ik een docu over ME, twee docu’s, want de één leidde tot de ander. Artsen die ME kregen en waarvan ze vanuit een compleet ander uitgangspunt konden kijken naar hun eigen perspectief als arts. Het oogpunt van de patiënt is toch anders. 

Ik kijk al jaren naar een van de dierbaarste personen in mijn leven die worstelt met deze aandoening, mijn vader heeft ME. Ergens in de jaren negentig werd dit vastgesteld. Ook hij moest omgaan met de artsen die zeiden dat hij maar wat meer moest gaan bewegen. Cognitieve gedragstherapie, alles tussen de oren. Denk je maar wat minder moe, dan word je het ook, dat werk. 

Mijn vader vond de kracht te kiezen voor zichzelf en dat klinkt een stuk makkelijker dan dat het is. Kiezen voor jezelf betekent namelijk vaak keuzes maken die tegen de verwachting van anderen ingaan en dat is juist de lastigere keuze. Je wilt mensen niet teleurstellen. Door duidelijk te zijn in zijn keuzes deed hij dat uiteindelijk ook niet, maar daarmee stelde hij op zeker punt wel zichzelf teleur. Want het zijn geen keuzes die je wílt maken. 

Ik maak nu even een sprongetje naar mijzelf. EDS lijkt in heel veel opzichten op ME, al is het een compleet andere aandoening. Ook EDS gaat vaak gepaard met een diepe vermoeidheid. Of die vermoeidheid ergens eenzelfde soort achtergrond heeft is nog niet helemaal duidelijk. Je kunt een bepaalde mate van de vermoeidheid verklaren, doordat de spieren altijd aan het werk zijn bijvoorbeeld, maar als ik naar mezelf kijk wisselt het ook. 

Ik heb jaren gehad dat ik mijn bed niet uit kón komen. Ik sliep tot elf uur, stond op, doodmoe. Kon echt absoluut niets, zelfs eten was te veel. Kostte me zoveel energie dat ik er letterlijk ziek van werd. Koorts, hoge hartslag, zweten. Ik at liggend omdat ik mezelf niet overeind kon houden. Ik sleepte me door de dag. Als ik de mensen in de docu zie herken ik de mij van toen in hen. Ik wilde zo graag, maar mijn lijf was op. Moegestreden, overprikkeld en zo ver over de grens dat ik niets meer aankon. 

Dit typen brengt beelden in mijn hoofd, beelden van hoe ik mezelf uit bed sleepte om zoonlief toch even goeiemorgen te kunnen zeggen en uit te zwaaien op weg naar school, om vervolgens compleet uitgeput mijn bed weer op te zoeken en er tegen het middaguur nog steeds uitgeput weer uit te kruipen. Me op de bank (en later in mijn bed in de woonkamer) weer neer te laten ploffen. Die vermoeidheid is zoveel erger dan de pijn. Het niet na kunnen denken door de mistbanken die je hoofd overnemen. Je kunt het je niet voorstellen als je het niet gevoeld hebt. Zelfs de ergste vermoeidheid is geen vergelijk. Ik wéét het, en ik vergeet het. 

En nu, herinner ik het mij weer.

Ik wil niet terug naar die situatie. Al ben ik bij lange na nog niet gezond, ik ben gezegend, dat ik op het punt ben waar ik nu ben. Dat ik weer mag leven in plaats van dingen aan de zijlijn te moeten beleven. En dat beleven is een te groot woord voor wat het echt is, want je doet niet mee, telt niet mee, voor je gevoel. En ik weet het, écht!

Mei is voor de zeldzame ziekten, voor de mensen die lijden aan die zeldzame ziekten. Die vergeten worden door de wereld. Die lijden in stilte, langs de zijlijn. Die zo graag ook vol in het leven willen staan. En ja, ik hoor daarbij. Mijn vader hoort daarbij. Mijn zoon hoort daarbij. 

ME verdient aandacht. EDS verdient aandacht, zodat er misschien een oplossing komt en de levens van onze toekomstige lotgenoten iets minder zwaar hoeven te zijn.

PS wil je meer lezen over mijn persoonlijke zoektocht naar gezondheid? Mijn boek ‘een ander perspectief’ is nu in de voorverkoop, laat een berichtje achter via http://www.eenanderperspectief.com

Fotografie Mirella de Jong