De chaos in mijn hoofd

Vanmorgen keek ik een docu over ME, twee docu’s, want de één leidde tot de ander. Artsen die ME kregen en waarvan ze vanuit een compleet ander uitgangspunt konden kijken naar hun eigen perspectief als arts. Het oogpunt van de patiënt is toch anders. 

Ik kijk al jaren naar een van de dierbaarste personen in mijn leven die worstelt met deze aandoening, mijn vader heeft ME. Ergens in de jaren negentig werd dit vastgesteld. Ook hij moest omgaan met de artsen die zeiden dat hij maar wat meer moest gaan bewegen. Cognitieve gedragstherapie, alles tussen de oren. Denk je maar wat minder moe, dan word je het ook, dat werk. 

Mijn vader vond de kracht te kiezen voor zichzelf en dat klinkt een stuk makkelijker dan dat het is. Kiezen voor jezelf betekent namelijk vaak keuzes maken die tegen de verwachting van anderen ingaan en dat is juist de lastigere keuze. Je wilt mensen niet teleurstellen. Door duidelijk te zijn in zijn keuzes deed hij dat uiteindelijk ook niet, maar daarmee stelde hij op zeker punt wel zichzelf teleur. Want het zijn geen keuzes die je wílt maken. 

Ik maak nu even een sprongetje naar mijzelf. EDS lijkt in heel veel opzichten op ME, al is het een compleet andere aandoening. Ook EDS gaat vaak gepaard met een diepe vermoeidheid. Of die vermoeidheid ergens eenzelfde soort achtergrond heeft is nog niet helemaal duidelijk. Je kunt een bepaalde mate van de vermoeidheid verklaren, doordat de spieren altijd aan het werk zijn bijvoorbeeld, maar als ik naar mezelf kijk wisselt het ook. 

Ik heb jaren gehad dat ik mijn bed niet uit kón komen. Ik sliep tot elf uur, stond op, doodmoe. Kon echt absoluut niets, zelfs eten was te veel. Kostte me zoveel energie dat ik er letterlijk ziek van werd. Koorts, hoge hartslag, zweten. Ik at liggend omdat ik mezelf niet overeind kon houden. Ik sleepte me door de dag. Als ik de mensen in de docu zie herken ik de mij van toen in hen. Ik wilde zo graag, maar mijn lijf was op. Moegestreden, overprikkeld en zo ver over de grens dat ik niets meer aankon. 

Dit typen brengt beelden in mijn hoofd, beelden van hoe ik mezelf uit bed sleepte om zoonlief toch even goeiemorgen te kunnen zeggen en uit te zwaaien op weg naar school, om vervolgens compleet uitgeput mijn bed weer op te zoeken en er tegen het middaguur nog steeds uitgeput weer uit te kruipen. Me op de bank (en later in mijn bed in de woonkamer) weer neer te laten ploffen. Die vermoeidheid is zoveel erger dan de pijn. Het niet na kunnen denken door de mistbanken die je hoofd overnemen. Je kunt het je niet voorstellen als je het niet gevoeld hebt. Zelfs de ergste vermoeidheid is geen vergelijk. Ik wéét het, en ik vergeet het. 

En nu, herinner ik het mij weer.

Ik wil niet terug naar die situatie. Al ben ik bij lange na nog niet gezond, ik ben gezegend, dat ik op het punt ben waar ik nu ben. Dat ik weer mag leven in plaats van dingen aan de zijlijn te moeten beleven. En dat beleven is een te groot woord voor wat het echt is, want je doet niet mee, telt niet mee, voor je gevoel. En ik weet het, écht!

Mei is voor de zeldzame ziekten, voor de mensen die lijden aan die zeldzame ziekten. Die vergeten worden door de wereld. Die lijden in stilte, langs de zijlijn. Die zo graag ook vol in het leven willen staan. En ja, ik hoor daarbij. Mijn vader hoort daarbij. Mijn zoon hoort daarbij. 

ME verdient aandacht. EDS verdient aandacht, zodat er misschien een oplossing komt en de levens van onze toekomstige lotgenoten iets minder zwaar hoeven te zijn.

PS wil je meer lezen over mijn persoonlijke zoektocht naar gezondheid? Mijn boek ‘een ander perspectief’ is nu in de voorverkoop, laat een berichtje achter via http://www.eenanderperspectief.com

Fotografie Mirella de Jong

Dit is hem, de cover van mijn nieuwe boek!

Een zoektocht naar gezondheid, naar mogelijkheden en naar de ultieme wens gezond en sterk te zijn. Hoe maakbaar is het leven, hoe stel ik mijzelf de juiste vragen, hoe ver reikt mijn eigen invloed?

Een ander perspectief is een persoonlijk document vol uitdagingen in een soms pijnlijke realiteit, maar ook vol geluk en dankbaarheid!

Hij is gisteren naar de drukker gegaan, wil je hem bestellen? Stuur mij dan een mailtje op martine@eenanderperspectief.com. Als je hem voor 1 juni besteld krijg je er een leuke verrassing en een persoonlijke boodschap van mij bij!

Dit boek (softcover) telt 216 pagina’s, kost € 17,50 (ex verzendkosten) en wordt begin juni verwacht.

Ik ben trots, blij en ontzettend dankbaar!

http://www.eenanderperspectief.com

In het teken van vrijheid

Op deze dag kan ik losgaan over Trump, over oorlogen en het feit dat we als mensheid nooit schijnen te leren. Over dat dat me zorgen baart, al probeer ik zoveel mogelijk de problematiek in de wereld langs me heen te laten gaan. Ik kan er weinig aan doen, behalve me bewust te zijn van het feit dat we wél moeten leren. Iets waar ik me later wel weer druk om maak.

Vandaag, op deze dag van de vrijheid, vertel ik over míjn vrijheid, want ook die telt. Mijn drang en hang naar vrijheid in een lichaam dat me vaak gevangen houdt. Jawel, onderwerp van de dag (en de maand) is wederom EDS. Zie het als een les.

Ik schreef al eerder dat het momenteel niet echt heel lekker gaat, al zou je dat misschien niet zeggen als je me voorbij ziet lopen. Mensen roepen dat ik de pas er flink in heb, ik heb geen keuze. Slenteren maakt mijn gewrichten wiebelig, beter doorlopen. Dan ben ik er ook eerder, ergo kan ik eerder de druk van mijn gewrichten afhalen. Dat is hoe het voelt, alsof je constant naar beneden getrokken wordt, alsof de zwaartekracht ineens harder gaat trekken. En dat is dan nog het minste van de lastigheid. Door mijn losbandige benen wiebelen mijn knieën, mijn enkels en mijn heupen. Echt zo’n wiebelpoppetje, waar ik ooit als peuter mee speelde. Het kost me enorm veel moeite om mijn gewrichten bij elkaar te houden. Dat moet ik doen met behulp van mijn spieren, maar ook die bestaan uit bindweefsel, en zijn slapper. Daarnaast krijgen ze geen rust, nooit. Vierentwintig uur per dag zijn ze aan het werk. Nu snap je waarom ik altijd overbelast ben. En moe, best logisch.

Ik zou willen dat ik meer kon trainen, heb het geprobeerd en probeer het nog steeds, maar mijn grenzen liggen altijd lager dan de grens die ik zoek. En ja, gelukkig zijn er mensen met EDS die het wél kunnen! Ik moedig ze aan, ik ben blij voor ze, en ok, ook best een beetje jaloers soms, maar ik gun het ze. En zou het zelf ontzettend graag willen. En ik klaag niet, absoluut niet. Als ik zie waar ik nu ben en waar ik vijf jaar geleden was, dan ben ik dankbaar, ontzettend dankbaar. Maar denk niet dat ik ‘beter beter’ ben, want er zijn nog uitdagingen genoeg.

Pijn is mijn hele leven al mijn metgezel, ik weet niet beter of ik had pijn. Niet zo erg als nu, gelukkig, maar er was altijd wel een onderdeel dat klierde. Nu zijn het zo ongeveer alle onderdelen tegelijk. Ze zijn gefuseerd ofzo. Ik leef en loop op pijnstillers, zware pijnstillers. Ik kan niet zonder en wil het ook niet meer, zonder ga ik tegen het plafond (en ja, ik heb het echt wel geprobeerd en probeer het nog steeds, als het kan). Ik heb geen zin om als een dood vogeltje op bed te liggen, dus accepteer ik dat mijn leven wellicht iets korter zal zijn. Kwaliteit boven kwantiteit. Ik hoop dat ik de tachtig mag halen (krakende wagens lopen het langst, honderd heeft niet echt mijn voorkeur in dit lijf). Maar pijn, had ik, heb ik, hoort er blijkbaar bij. Niet alleen acuut, van een luxatie of in mijn geval subluxatie, maar vooral ook chronisch. Geen idee soms waar het nu weer vandaan komt.

Dysautonomie, het zijn eigen gang gaan van het autonome zenuwstelsel. Een hart dat versnelt zonder sport of vlinders, een bloeddruk die ineens van slag raakt, zweetklieren in overdrive. Het is minder nu ik bio-identieke hormonen gebruik, maar weg is het niet. Kwaad kan het geloof ik niet, het is vooral vervelend.

Huidproblemen, tja, ik ben een litteken op mijn been dat lijkt alsof kapitein haak me te pakken heeft gehad en niet de dermatoloog. Ergens tegenaan stoten staat garant voor flinke blauwe plekken die weken blijven plakken, ook als dat waar ik tegenaan stootte de vrije lucht was.

Mijn darmen zijn lui, even lui als ik, als je even vergeet dat ik dus ook altijd moe ben, want ook dat hoort erbij. Maar ik weet niet hoeveel energie een ander heeft, ik weet slechts hoeveel ík heb en dat lijkt toch heel vaak een heel stuk minder.

Er is meer, maar ik hou het hier maar even bij. Het is al genoeg. En zo is dit toch een lang stuk geworden. Beroof ik jou als lezer ook van een paar minuten vrijheid, op deze dag van de vrijheid. Maar het dient een goed doel, de bekendheid van die drie voor ons zo belangrijke letters.

EDS berooft ons van onze vrijheid. Daar moeten we mee leven, dat is ons pad, maar we kunnen de obstakels op dat pad wellicht iets beter hanteerbaar maken. De pijn een beetje verlichten. Door te delen, door artsen te leren waar ze op moeten letten en hoe ze ermee om moeten gaan. Om ons serieus te nemen, van kind af aan. Door naar ons te luisteren in plaats van direct hun oordeel te vellen.

EDS kan ons gevangen houden in een lichaam vol pijn, maar de deur kan wellicht ook op een kiertje, waarmee onze vrijheid een vlucht kan nemen…

Meimaand – EDS awareness

En toen was het weer mei, zeldzame ziektemaand. Of EDS nou echt zo zeldzaam is, dat weet ik niet. Ik denk van niet eigenlijk, ik denk dat er heel veel lotgenoten rondwandelen of rollen zonder diagnose, of zonder juiste diagnose. Onbekend is het nog steeds, al hoor je het nu veel vaker, nou, ik hoor het vaker, maar dat is logisch denk ik, omdat ik er nu eenmaal meer mee bezig ben, al dan niet bewust.

Mijn klachten gaan op en neer. Nog steeds. De ene dag, week, maand gaat het beter dan de andere. Momenteel gaan dingen moeizaam, ik probeer wat ik herwonnen had vast te houden, maar de balans is weer eens zoek. Ik overschrijd de grens, soms bewust, maar vaker kom ik er te laat achter. The story of my life. Ik rol meer, loop kleinere stukjes en met meer moeite. Vallen en weer opstaan.

Mensen in mijn omgeving denken vaak dat het slechter gaat als ze me rollend tegenkomen, maar dat is niet altijd waar. Soms wel natuurlijk, maar vaak is het ook een keuze. Lewis wil wel graag iets verder lopen dan mijn grens reikt, dan moet er toch echt gerold worden. Dat maakt dus niet dat het ‘slechter’ gaat. Dat behoeft geen medelijden, al kan een beetje medeleven soms geen kwaad. De keuze is te vaak pijnlijk, hoe je dat dan ook op wilt vatten.

Mijn rug is en voelt ellendig, hoe hard ik ook mijn best doe hem sterk en gezond te denken (want dat doe ik nog steeds!). Zitten is een crime, wat lastig is als je niet zo ver kunt lopen vanwege de heupen en de knietjes (die momenteel ook niet echt lekker buigen). Mijn voeten knapten op van steunzolen maar de rest van mijn lijf moet wennen. Met alle consequenties van dien. Never a dull moment.

Leven met EDS is leven op en over de grens. Leven met EDS is nooit saai.
Leven met EDS is aanpassen, flexibel zijn, letterlijk en figuurlijk.
Leven met EDS is zoeken naar balans, altijd en iedere dag.
Leven met EDS is keuzes maken, lastige keuzes soms.

Maar leven met EDS is voor mij gelukkig nog steeds waardevol en de moeite meer dan waard. Daar prijs ik mij enorm gelukkig mee!

Komende maand probeer ik wat frequenter te schrijven, wat meer te delen. Mijn boek kostte me veel tijd en nog meer energie, maar het is klaar en gaat (hoop ik) deze week of volgende week naar de drukker. Dan hoop ik ook de website af te hebben en een nieuwsbrief te kunnen starten (jemig wat komt er veel bij kijken), de link zal ik delen.

De meimaand is er een prima maand voor!

Dankbaar!

En toen was ik jarig… 53 alweer, time flies. Ik ben dankbaar, zoveel mensen die het niet halen. Ik had de 44 bijna niet gehaald, dus dit voelt toch als een bonus. Hoe ouder je wordt, hoe meer je stilstaat bij de mooie dingen, ik tenminste wel. Het leven is te mooi om het het te leven. De wereld is te mooi om hem niet te zien. De vogels fluiten te mooi om ze niet te horen. Al maken we er ook een zooitje van, collectief. Ik verkies het om dat niet te zien, ik kan er weinig mee. Doe wat ik kan, op micro niveau.

Ik denk vandaag na over kortzichtige dingen, cadeaus bijvoorbeeld. Ik hou er best van, zo nu en dan, al gaat het meer om het denken aan. Ik ben al heel blij met een reep chocola. Maar vanmorgen dacht ik, wat zou nou het ultieme cadeau zijn? Een voldoende voor zoonlief, voor de toets die zijn propedeuse bepaalt, zou ik geweldig vinden. Een goedkeuring voor de aanvraag van mijn nieuwe rolstoel, want dat zou meer vrijheid inhouden voor mij, zou ik ook fantastisch vinden. Minder pijn, nee, geen pijn, want dat heeft zoveel impact op mijn leven. Dat gun ik iedereen trouwens. Minder oordelen, van anderen, al maak ik mezelf er ook best schuldig aan soms. Staat op het ‘nog aan werken’ lijstje.

Het mooie aan ouder worden is dat triviale dingen je minder kunnen schelen. Ik zie de rimpels verschijnen op mijn decolleté als ik mijn cadeautje van manlief (een nieuw hangertje aan mijn ketting die al jaren op mijn nachtkastje ligt) omdoe. Mét bril, want zonder lijkt alles glad (maar dan zie ik de ketting niet), daarom gaan je ogen achteruit als je ouder wordt, heeft moeder natuur expres gedaan, wordt de schok minder groot. Ach, ik mag er best zijn, de rimpels horen erbij, ik ga ze niet glad strijken, net zoals ik mijn mindere eigenschappen (aldus anderen) niet langer glad probeer te strijken. Je neemt me maar zoals ik ben, en anders lekker niet, jouw keuze.

Ik leer van mezelf houden. Ik leer mezelf goed genoeg vinden, nee, meer dan dat. Ik werk aan nieuw werk, maak weer een boek (kopen mag, voorverkoop start, stuur me een berichtje), fotografeer weer een beetje, leer op zoveel gebieden nog zo ontzettend veel. Wil nog zoveel meer leren, zoveel meer zien, zoveel meer doen.

Ik zeg het nog maar een keer, ik ben dankbaar, voor mogelijkheden en ogenschijnlijke onmogelijkheden, want die bieden uitdagingen. Ik ben dankbaar dat ik mag zijn, híer mag zijn, we hebben het zo slecht nog niet. Ik ga voor mijn dromen, er zijn er nog zat. En spreek bij deze die wens uit, gezondheid, een voldoende voor zoonlief en ja, die rolstoel zou ook fijn zijn!

En echt, koop mijn boek, een cadeautje voor jezelf, voor mijn verjaardag 😉

Doelmatig?

De wereld wordt steeds harder, ook ons land, alles draait om de pegels. In de wereld van de commercie is dat te snappen. Probleem is dat deze commercie langzaam maar zeker de wereld over heeft genomen. Je snapt al waar ik naartoe wil denk ik, de invloed van het kapitalisme in de zorg. Ja, ook hier heeft het de boel overgenomen, met de nodige consequenties, zeker voor chronisch zieken.

Vandaag las ik een berichtje, nou ja, zeg maar noodkreet, van een lotgenootje. Grote fysieke problemen, vijf buikoperaties gehad, een stoma, meerdere sondes, chronische pijn, instabiele gewrichten, rolstoelafhankelijk. EDS is s bitch. Wij die lijden aan deze aandoening weten dat, voelen dat iedere dag, ook als je het niet ziet.

Veel van ons EDS’ers zijn gebaat bij fysiotherapie, nee dat zeg ik niet goed, we hebben het nodig, al levert het niet altijd zichtbaar iets op. Dat botst met de instelling van de kapitalisten die over de zorg gaan, de zorgverzekeraars. Er moet een doel zijn. Zonder doelen wordt de wereld onoverzichtelijk voor hen. Er moet sprake zijn van enige vooruitgang, om het kapitaal te beschermen. Ziek zijn is duur, chronisch ziek zijn kost de maatschappij bakken met geld. Het kost de chronisch zieke zelf veel meer, in kapitaal, maar ook in kwaliteit van leven. En die kwaliteit van leven staat nu op het spel. Soms is stabiliteit het hoogst haalbare. Soms is voorkomen van verdere achteruitgang een doel op zich. Maar dat gaat niet samen met kapitalisme. Blijkbaar.

Zie hier het probleem. OHRA, de zorgverzekeraar in dit geval, wil de fysiotherapie van mijn lotgenoot niet vergoeden. De therapie is ‘niet doelmatig genoeg’. Kwaliteit van leven, het voorkomen van verdere achteruitgang is dus niet doelmatig genoeg. Te duur, met andere woorden. Mijn lotgenoot heeft alles geprobeerd, er is een medisch dossier waar je U tegen zegt, er zijn brieven van artsen, van fysiotherapeuten, er is een onderbouwing vanuit de patiëntenvereniging, maar OHRA weigert stelselmatig. Tot groot verdriet van mijn lotgenoot.

Chronisch zieken willen ook gewoon leven. Hebben het récht gewoon te moeten kunnen leven. Het leven als chronisch zieke kost al genoeg, dit deel van ons leven moet toch gewoon toegankelijk zijn? Het is al te vaak overleven.

Zorg mag geen strijd zijn…

Delen mag, graag zelfs, laten we onze stem laten horen!

Re(a)geren

Vorige week heb ik besloten mij aan te sluiten bij een van de twee plaatselijke politieke partijen. Ik probeerde het al eerder, vijf jaar geleden, bij een landelijke partij, maar op de een of andere manier miste ik iets. Kan ook aan mij gelegen hebben hoor, het was niet de juiste plek op de juiste tijd, laat ik het daar op houden.

Nu volg ik volledig mijn gevoel en ik vind het toch leuk! Voor het eerst in jaren voel ik mij weer alsof ik een beetje meedoe in de maatschappij. Dat klinkt misschien een beetje pathetisch, maar zo voel ik het oprecht. Ik bemoei me graag met dingen en durf inmiddels prima voor mijn mening te gaan staan, en om dingen te veranderen moet je iets doen, niet blijven liggen en mauwen. Ik ben dus een doener geworden.

Ik heb niet de ambitie om te regeren, ik ben meer van het reageren. Altijd al geweest. Ik merk steeds vaker dat er meerdere wegen zijn die leiden naar Rome en dat er meerdere manieren zijn om tegen zaken aan te kijken. Jouw waarheid versus de mijne. Het één is niet meer waar(d) dan het ander. Al denken we soms van wel.

Nu ik van dichterbij zie hoe discussies lopen en hoe zaken daarmee soms de verkeerde kant op dreigen te lopen (voor wie? Goede vraag…), merk ik steeds meer op hoe ingewikkeld het eigenlijk is een dorp te begeleiden, laat staan dat je een heel land van het beste moet proberen te voorzien.

Dat woord begeleiden kies ik bewust, want dat zou het denk ik moeten zijn. Leiden ontaardt al snel in een bewust gekozen route die je standvastig volgt. Eentje die misschien voor best veel mensen goed is, maar voor andere mensen totaal de verkeerde richting uitgaat. Kijk naar de sociale richting waarin ons land gestuurd wordt. Mooi voor de kapitalisten, maar met forse consequenties voor de laten we zeggen meer gemiddelde medelander. Er waren al een paar grote ‘jongens’ die het probeerden, dat leiden, in het verleden. In veel landen om ons heen zie je het weer gebeuren. Een échte leider, grote woorden, nog grotere visie. Make it great, for the happy few. Mooie leider ben je dan.

Ik ben dus meer van dat begeleiden. Begeleid mensen naar de beste versie van zichzelf. Degene die gelukkig is en dat geluk uit kan stralen. Door kan geven. En soms vergt dat regeren, een beetje leiding, een beetje bijsturen, en maar vaker vergt dat reageren. Luisteren naar wat de mensen nu écht zeggen. En onthouden dat we het sámen moeten doen.

Lastige taak, dat re(a)geren…

Foto Pixabay

Stilte… voor de storm?

Het is stil hier, op mijn pagina. Ik heb meerdere blogs geschreven, nou ja, half geschreven, on-af. Meestal belanden ze in de digitale prullenbak. Niet interessant genoeg, of ik vind gewoon de juiste woorden niet.

Ik schreef over pijn, ja het zijn weer die dagen in het jaar dat mijn hele lichaam overhoop ligt. Dagen, het zijn weken, maanden al zelfs. Je ziet het niet aan me, denk ik, maar ik word er zo moe van. Ik krijg mijn hormonen maar niet in balans, wat resulteert in een onderhuidse irritatie die altijd op de loer ligt. Je weet maar nooit wie de volle laag krijgt en waarom dat zo is. Ik kan het zelf niet eens voorspellen. Mijn vingers prikken en tintelen na een sublux in mijn schouder die blijkbaar ergens een zenuw afknelt. Mijn heupen willen niet zitten, maar ook niet lopen, wat voortbewegen tot een ware uitdaging maakt, dus vertrouw ik maar weer op mijn oude vertrouwde methode, kiezen op elkaar en gaan. De gevolgen laten zich raden, meer pijn. Het is om gek van te worden. Mijn darmen spelen weer eens verstoppertje, gevolg, ook in dat deel van het lichaam pijn. Kramp. En dan vertel ik hiermee nog maar een klein beetje van het geheel. Lotgenoten kennen dit gevoel, gewone gezonde mensen kunnen zich er geen voorstelling van maken en dat is maar goed ook.

Zo, goed begin toch?
Nu over naar de positievere kanten van mijn bestaan, want die zijn er gelukkig ook!

Ik heb mij aangesloten bij een plaatselijke politieke partij. Ik was al een klein onderdeeltje van een landelijke afsplitsing, maar op de een of andere manier voelt dit als een betere match. Ik zit vol ideeën en kijk ernaar uit mijn steentje bij te dragen. Me vol enthousiasme inzetten laat de pijn ietwat naar de achtergrond schuiven. Al moet ik natuurlijk wel oppassen mijn grenzen niet te overschrijden, mijn sterkste punt, niet dus. Maar ik voel me weer een beetje een onderdeel van de maatschappij, iets wat toch een dingetje blijft bij mij, het gemis daaraan.

En ik ben bezig de laatste correcties in mijn boek te verwerken, het is nu echt bijna klaar! Dan nog bedenken hoe ik het de wereld in ga slingeren, via printing in demand of toch op zoek naar een samenwerking. Ik ben de mensen die mij geholpen hebben ontzettend dankbaar! Je ziet je eigen fouten niet en ik haal nogal wat watten en datten door elkaar. Om nog maar te zwijgen over de spaties, die nogal eens op een verkeerde plaats verschijnen. Of verdwijnen. En er wordt hard gewerkt aan een bijzondere cover. Ik heb de vormgeving echt wel tien keer veranderd (voordeel als je dat zelf doet), maar nu ben ik echt tevreden.

Het was wel weer een bevalling hoor, al is die bevalling eigenlijk nog bezig. Maar de geboorte van weer een bijzonder boek is bijna daar!

Genoeg om over te schrijven dus en tegelijk kan ik te weinig woorden vinden voor wat ik nu eigenlijk voel. En dus is het stil, tot ik de juiste woorden weer vind en de wereld overspoel.

Stilte… voor de storm.

(Mocht je je vast willen inschrijven voor mijn boek, stuur me een berichtje of zet het in de reactie, het is de moeite waard!)

* Een foto voor het lente-gevoel 😉

Inspiratie of frustratie?

Jouw waarheid wordt bepaald door jouw ervaringen… hoe je een bericht opvat wordt bepaald door jouw achtergrond. Iets dat me vandaag echt duidelijk werd, het spreekwoordelijke kwartje viel bijna in mijn lege mok koffie…

Een week vol besprekingen, niet bij mij, dat trek ik niet, maar bij een ander. Zo’n week wordt door mensen in de omgeving gezien als een mooie prestatie, je inzetten voor goede doelen, meerdere zelfs, dan doe je iets goeds voor de wereld! En natuurlijk is dat zo, zouden meer mensen moeten doen, als ze het kunnen. Die laatste toevoeging is belangrijk en speelt nog steeds een (te) grote rol in mijn voor mijn gevoel vaak doelloze leven.

Au, gevoelig punt, nog steeds, blijkbaar.

Er zal toch echt een les in zitten, in mijn eerste reactie, mijn eerste gevoel, bij zo’n bericht. Mijn borstkas trekt zich samen, een steek van ja, wat, ik weet het niet precies, teleurstelling? Of is het tekortkoming?

Nog steeds voel ik mij tekort schieten. Ik wil meer, nee voor mijn gevoel móet ik meer. Doe ik te weinig. Nog steeds bekritiseer ik mijn gebrek aan mogelijkheden. Nog steeds kamp ik met dat gevoel dat ik maar wat luilak door de dagen.

Ik dacht het van me afgeschud te hebben.
Niet dus.

Het gevoel lag slechts om de hoek, te wachten op een onbedacht moment. Bam, recht in mijn gezicht, precies toen ik het niet meer verwachtte.

In mijn zoektocht naar mijn dromen stuit ik telkens weer op mijn onmogelijkheden. Als ik met slechts weinig doen toch teveel gedaan blijk te hebben. Als ik met enige schroom voor mezelf kies en dat doe waar ik zin in heb en vervolgens op mijn vingers getikt word door mijn eigen gevoel voor verantwoordelijkheid.

Jouw waarheid wordt bepaald door jouw eigen ervaringen. De reactie van een ander zegt nooit iets over jou, slechts over hoe jij zelf denkt over jezelf.

Dat zegt wel wat.
Er is nog wat werk aan de winkel.

Puur geluk

Ooit was ik een vormgeefster, nee, ooit verdiende ik mijn geld als vormgeefster. Ik ben het nog steeds, ik doe het alleen niet zo vaak meer. Ik kies een aantal projecten waar ik, zonder druk, aan kan werken. Op mijn gemak, al leg ik mijzelf wel degelijk druk op. Aard van het beestje.

De afgelopen weken werkte ik aan een nieuw boek voor Charlie en dat wakkerde mijn liefde voor dit werk weer aan. Niet dat ik weer aan de slag ga, of kan, want mijn schouders zijn nog steeds geen fan en het gaat gewoon te traag om er echt iets mee te kunnen. Het is en blijft een hobby. Het gaf me wel het enthousiasme om weer een boek van en voor mijzelf te maken. Kneus -en -Co is alweer vier jaar geleden uitgekomen en ik heb columns genoeg geschreven. Ik heb wel wat lessen geleerd van de vorige edities, ik wíl wel groot denken (en kan het zeer zeker), maar groot inkopen laat ik maar achterwege. De halve zolder wordt nog steeds ingenomen door dozen vol boeken die hun eigenaar wel verdienen maar nog niet gevonden hebben. Lesje. Geleerd, hoop ik.

Gisteren ben ik maar eens gaan inventariseren, wat krijgt een plaatsje, wat niet. Het is best zinnig om op deze manier terug te kijken op de afgelopen jaren, je vergeet best veel. In mijn hoofd zitten vooral pieken, de dalen waren er ook, las ik. Als je terugleest zie je patronen, en herhalingen, niet per se hetzelfde. Ik herhaal best vaak dingen, in andere bewoordingen, het is geen ingestudeerd trucje. Soms is de boodschap net iets anders, laat in ieder geval zien dat ik leer. Ook een veelvoorkomend onderwerp trouwens. Logisch ook, het afgelopen jaar was een groot leerproces, zoals het hele leven dat is.

Ik kan me bijna niet meer voorstellen hoe mijn leven eruit zag, ben zo ver gekomen. Kwam van zo diep, fysiek. En al zeurt het stemmetje in mijn hoofd nog steeds dat er zoveel mensen zijn die er beroerder aan toe zijn, ik antwoord dat dat los staat van mij en van mijn situatie. Ik hoef niet langer te vergelijken, dat is winst. Groei.

Ik ben nog lang niet op het punt dat ik wil bereiken, ik sta nog aan het begin. Fysiek nog steeds op achterstand, ondanks die zo grote vooruitgang. Maar ik ben goed op weg en dan val ik toch weer in herhaling, want ik ben dankbaar en dat woord komt door dat hele boek terug. In hoofdletters. En dat mag, want dankbaar kunnen zijn is iets om dankbaar voor te zijn. En dat ben ik dus.

Ik kwam trouwens ook een stukje tegen over geluk, ik zette het erin en keek naast me. Wat ik daar zag was puur geluk…