De wereld van morgen

Al twee columns schreef ik over ditzelfde onderwerp. Schreef, ik plaatste ze niet. Ik weet eigenlijk niet goed waarom niet. Waren ze te scherp? Of juist niet scherp genoeg? Te genuanceerd? Of niet genuanceerd genoeg? Ik probeer in woorden te vangen wat onrust geeft in mijn hoofd. En niet alleen in mijn hoofd, denk ik. De stemming van woensdag hangt als een zwaard van Damocles boven het hoofd van heel veel mensen.

Gisteren dacht ik uitgeknobbeld te hebben wat het grootste probleem van deze wereld is. Ja, dat kan ik, zoiets ingewikkelds terugbrengen tot een paar woorden. Het gebrek aan zelfreflectie. Het gebrek aan eigen verantwoordelijkheid.

Mensen schuiven de problemen tegenwoordig het liefst af op een ander en waar kun je beter iets op afschuiven dan op de politiek? Zíj zijn verantwoordelijk voor het welzijn van álle mensen, dus zíj moeten het maar regelen. Je ziet het steeds vaker en ook steeds breder.

Laat ik een paar voorbeelden noemen.

Assielbeleid. We willen graag mensen in ons land die de klusjes opknappen waar wij Nederlanders ofwel geen zin in hebben (werken in een slachterij) ofwel ons te goed voor voelen (bollen pellen). We willen wel graag dat deze klusjes opgeknapt worden, er kan tenslotte flink geld verdiend worden aan de export van deze producten. Dat waar deze mensen wonen deel uitmaakt van de asieldiscussie, kniesoor die daarnaar kijkt. Bepaalde figuren in Den Haag kunnen die cijfers altijd een beetje oppoetsen, zo lijkt het alsof asielzoekers het grootste probleem zijn. Marketing is je beste vriend, ook bij probleemoplossing. Het is niet ‘onze’ schuld dat er te weinig huizen zijn.

Klimaat, ook een mooie. Ik ga even voorbij aan het veronderstelde stikstofprobleem, want daar heb ik de ballen verstand van. Ik zie wel met eigen ogen dat ons klimaat in rap tempo verandert. Of je dit wílt zien is een keuze. Je kunt er heel goed voor kiezen je ogen te sluiten en je kop diep in het zand te steken. Heb je ook geen last van die stikstof misschien. Hoe vaak lees je het niet bij de zoveelste code oranje: ‘hier hebben we nergens last van gehad’. Alsof de hele wereld bestaat uit ‘hier’. Narrow minded heet dat volgens mij met een mooi woord in het Engels. Struisvogelpolitiek is breed toepasbaar.

Uitkeringstrekkers, ook zo’n mooi voorbeeld. Wordt op tv momenteel flink uitgemolken door ene Rutger (Rutger en de uitkeringstrekkers), met een weinig visionair beeld van, in het hoofd van veel mensen, luilakken die voor diezelfde tv liggend geld binnenharken. De makkelijkste conclusie is en blijft natuurlijk dat er een grote groep mensen is die profiteert van de mensen die wél hard willen werken. Kan niet ligt op het kerkhof en wil niet ligt ernaast. Dat dezezelfde spreuk ook opgaat voor empathisch vermogen willen veel mensen liever niet zien.

Het is altijd makkelijker om het probleem af te schuiven en de schuld aan een ander toe te kennen. Het WEF bijvoorbeeld. De Agenda 2030 staat volgens sommige mensen toch al vast, dus wat zou je je druk maken? De elite wil dat zij alles bezitten en de rest gelukkig is met niets. Ach, geluk is niet te koop, dus als ze dat kunnen bewerkstelligen is dat misschien beter dan schreeuwen om de pegels.

Geld is ooit bedacht als eerlijk ruilmiddel, maar eerlijk is het al lang niet meer. Zolang het bezit ervan een doel op zich is en de hoogte van de bankrekening status, zal er weinig veranderen. Dat je gelukkiger wordt van geven dan van nemen is een wijsheid die voor velen utopisch blijft. Jammer, want er valt zoveel mee te winnen.

Het is tijd dat we ons beseffen dat de wereld van ons allemaal is. Dat we sámen verantwoordelijk zijn voor onze omgang daarmee. Dat we zuinig moeten zijn met de grondstoffen die ons gratis en voor niets aangereikt worden en dat die grondstoffen voor álle aardbewoners zijn en niet voor degene die toevallig dat stukje land ooit heeft ingepikt. De brutaalsten hadden en hebben nog steeds de wereld.

Het is ieders eigen verantwoordelijkheid om te zien naar een ander en niet slechts te leven voor zichzelf. Jíj bent baas over je leven, niemand anders. Jíj bent verantwoordelijk voor jouw gedachten en voor jouw acties. Het is echt tijd dat we beseffen dat ónze keuze van invloed is op hoe de wereld van morgen eruitziet.

Blessing in disguise?

Er zit veel in mijn hoofd, te veel. 

Ik kan niet eens hele zinnen formuleren, de een is nog niet half af of de volgende schiet naar binnen. Het is vermoeiend. Zeer vermoeiend. Ik ben het gewend te leven met een chaotisch hoofd vol ideeën, maar het afgelopen jaar leek het beter te gaan. Gestructureerder. Tot vandaag dus. 

Chaos. Totale chaos.

Ik werk aan ideeën voor de plaatselijke politieke campagne voor de partij waarbij ik mij heb aangesloten. Als het aan mij ligt gaat het complete politieke systeem op het schop, tijd voor brede hervorming, maar de wereld is vrees ik nog niet klaar voor mijn radicaal andere ideeën op dat front. Niet dat ik denk dat ik het wel even zal regelen hoor, maar ik voel toch een drang, een overtuiging dat het anders kan. En verandering moet beginnen bij jezelf. Dus werk ik aan kleine dingen, vorm ik een mini-team met ChatGPT, altijd handig, wat tegengas. 

Ik probeer mijn gedachten te ordenen op het front van mijn eigen bedrijf, waar ik ook te veel ideeën voor heb. Ik heb moeite met structuur, met planning. Ik sla compleet dicht bij alles wat er op me afkomt. Iets simpels als een mailtje sturen laat me uren naar mijn scherm staren. En ik wist echt wel waar ik aan begon, maar bepaalde reacties in mezelf had ik gewoon niet voorzien. Daar probeer ik aan te werken, maar ook dat haalt dingen overhoop in mijn hoofd. 

Contrast brengt groei. En ik denk dat ik behoorlijk moet groeien. 

Ik word getriggerd door oude trauma’s waarvan ik van sommigen niet eens wist dat ik ze had. Twijfel of ik daar weer hulp bij moet zoeken, maar dat kost energie, en tijd, die ik gewoon even niet heb. Keuzes.

Eigenlijk zou het simpel moeten zijn, kies voor jezelf, maar het is niet simpel. Niet voor mij tenminste. 

En daarnaast moet ik mij eigenlijk even overgeven aan het niets, want dat is denk ik wat mijn lijf nu van me vraagt. Of toch niet? 

We zijn een paar dagen naar Londen geweest, manlief, zoonlief en ik en de weerslag is pittig. Ik liep al op mijn tandvlees, nu is de man met de hamer daar. Hij mept flink van zich af. Zo heftig is het in jaren niet geweest. Aan de ene kant is fysiek wat actiever zijn fijn, aan de andere kant trekt mijn lijf het slecht.

Koorts, vermoeidheid, een dikke bult op mijn onderrug, bibberen en trillen, uitval en tintelingen, ook in mijn gezicht. Buikpijn en misselijkheid. Ik ken het, herken het, maar weet gewoon niet goed wat ermee te doen. Als ik ga liggen, doet alles pijn en weet ik niet meer hoe te liggen. Als ik in slaap val schiet mijn hartslag bij het wakker worden omhoog met hartkloppingen als bonus. 

Dysautonomie. Ik dacht dat het weg was, mispoes. En ik weet het: chronisch is altijd. Maar die hoop hè? Wat is wijsheid?

Dat weet uiteindelijk alleen ik, als ik mijn gevoel weet te activeren want ik val terug in mijn oude patronen. Verdoven, doorgaan, gevoel uitschakelen. En ik probeer het te veranderen, maar oude patronen zijn lastig te doorbreken. Ik signaleer het, en dat is al winst. 

En dit is nog maar een heel klein deel van alles dat mijn hoofd overspoelt. Terug in de tijd en dan back to the future, terug naar bewustere keuzes. Terug naar dat wat ik herwonnen had. Even een pas op de plaats, in mijn cocon, zonder moeten.

Ik moet slechts van mezelf. Van niemand anders. 

Eigenlijk zijn dit soort terugslagen een zogenaamde blessing in disguise, ze dwingen je na te denken over keuzes die je maakt. Bewust te kijken naar je reacties. Uiteindelijk zal ik ze bedanken, en loslaten.

Ik heb het eerder gedaan, dus ik weet dat ik het kan.

Verantwoordelijkheid

Ik heb moeite dit stuk te beginnen. Niet omdat ik niet weet wat ik wil schrijven, of moet schrijven eigenlijk, want er zit een enorme drang in mij om deze boodschap over te brengen, maar omdat mensen die eenzelfde drang bezitten vaak weggezet worden als drammers. Of als woke, of als al het andere dat de mensen een naam geeft puur omdat mensen het niet willen horen. Omdat de boodschap niet leuk is, omdat deze een grote invloed heeft op het leven van sommige mensen. En toch moet het. De wereld is niet eerlijk. De verdeling is niet eerlijk. En ik kan mijzelf niet recht in de spiegel aankijken als ik niet mijn steentje bijdraag. Hoe klein dat steentje dan ook is.

Gisteravond keek ik naar een documentaireserie op Netflix (Tales by light, aanrader!), een serie waarin een aantal fotografen gevolgd wordt. Fotografen die hun steentje bij willen dragen aan een betere wereld. De eerste drie afleveringen heb ik met tranen in mijn ogen gekeken. Kinderen in Bangladesh die werken in mijnen. Kinderen die met blote voeten over een enorme berg afval lopen om daar bakjes van plastic te verzamelen. Kinderen die rakelings langs een trein rennen voor een plastic vorkje. Om geld te verdienen, om te kunnen overleven in een tentje langs diezelfde rails. Kinderen die in bakken roeren met chemische rotzooi om ballonnen te kleuren. De ballon heeft iets magisch, had iets magisch, want die magie, die is na het bekijken van deze aflevering weg. Het is triest, in- en intriest, dat mensen, kinderen, zo moeten leven in deze tijd.

Aflevering drie vertelt het verhaal van een fotograaf die gezien heeft hoe de haaien in Indonesië precies daarnaartoe zijn gegaan, naar de haaien. Een totaal vernietigd ecosysteem, met de mens als grote verantwoordelijke. Gelukkig was het op dit stukje van de wereld nog niet helemaal te laat en zijn de haaien na ingrijpen deels teruggekeerd, maar in het overgrote deel van de wereld maken wij er als mensheid een enorme puinhoop van. Ja, dat weten we wel. Dat wist ik ook wel, maar ook ik ben blijkbaar heel goed in het buitensluiten van de gevolgen. Kan mijn ogen sluiten en denken dat ik er weinig aan kan doen. Nee! We hebben een verantwoordelijkheid. Voor andere mensen, voor andere landen, voor de dieren, voor onze planeet. En iedereen kan daarin zijn steentje bijdragen. Door je bewust te zijn van jouw voetafdruk. Door te zorgen voor de ander. Door je bewust te zijn van je gedrag. En door verder te kijken dan je neus lang is en je eigen portemonnee reikt.

Ik ben een linkse rakker, een trotse linkse rakker. Noem me woke, noem me een klimaatdrammer, I don’t care! We hebben een verantwoordelijkheid naar de wereld en het wordt hoog tijd dat we die nemen. En dan kun je wegkijken van de stikstofproblemen, van ons ecosysteem, dat we echt compleet aan het verkloten zijn, maar het haalt ons uiteindelijk in. Wij mensen zouden het vermogen moeten hebben na te denken over de toekomst van onze planeet en toch denken we slechts aan onszelf. Denken we in vakjes van landen, begrenst door ons onvermogen te delen. Met angst voor het onbekende. Hokjesgeest ten top. Schieten we de wereld aan flarden, met als enige en grootste winnaar de wapenhandel. Draait alles toch weer om de pegels.

We leven op een planeet die ons alles geeft dat we nodig hebben en we ruilen die in voor iets ongrijpbaars. Waarom zou ik het beter mogen hebben dan die ander? Waarom zou ik het beter wíllen hebben dan de ander? Iedereen op deze planeet zou het goed kunnen hebben, of in ieder geval béter, als we het concept delen zouden begrijpen en zouden uitvoeren. En ja, dan kun je heel makkelijk roepen dat jij in je eentje dat niet kunt veranderen. Dan kun je rustig doorleven in je eigen wereld, met je ogen dichtgeknepen. Dan kun je lekker liberaal zijn en roepen dat iedereen dan maar wat harder moet werken. Zeg dat tegen die kinderen, die zich uit de naad werken langs de spoorlijn. Zonder kans op een toekomst.

Ik kan dat niet. Ik kan mijn ogen niet langer sluiten. En dan maakt mij dat maar een drammer. Een woke en linkse idealist. Ik weet nog niet wat ik eraan ga doen, maar mijn ogen zijn wagenwijd open. En ik verspreid op mijn manier deze boodschap. Denk na over de toekomst. Niet alleen voor jezelf, maar voor je kinderen, voor de rest van de wereld…

Foto Pixabay