Gemis…

Met het verkrijgen van mijn officiële verklaring tot niet meer hoeven werken (oftewel mijn iva uitkering) dacht ik verlost te zijn van het gemis. Ik behoorde weer tot een groep, de ‘ik hoef mij niet langer druk maken over werk’ groep, de ‘ik ben er echt klaar mee’ groep. Ik dacht dat ik daarmee in mijn kop de knop om zou kunnen zetten, ik dacht dat dít het verschil zou maken. Ik dacht dat ik nu écht zou kunnen accepteren, dat nu duidelijk was dat dit hoofdstuk in mijn leven afgesloten zou zijn. Niet dus…

Jaloers

Het gemis blijft, ik ben gewoon jaloers op de werkende mens. Ik ben jaloers op de gewone gesprekken, ik ben jaloers op personeelsfeestjes, ik mis mijn collega’s, ik mis de routine, ik mis het en het gaat niet over. Nu ik langer thuis ben kriebelt het steeds harder. Ik zit op een pagina waar mensen o.a. banen aanbieden en er komt zoveel voorbij dat bij mij zou passen, ware het niet dat mijn lijf het niet kan. Ongeschikt, dat stempel zweeft voor mijn ogen, terwijl ik voor zoveel dingen wél geschikt ben!

Ideeën

Ik heb nog steeds moeite met het niet langer goed benutten van mijn mogelijkheden, ik heb nog steeds moeite met het stempel. Met datgene dat mijn leven altijd weer beheerst. Er zit zoveel zinnigs in mijn hoofd (zoveel onzinnigs ook overigens), ik heb soms het gevoel dat mijn hoofd dreigt te exploderen. Al die ideeën, ik moet er iets mee! Ik heb mensen nodig die kunnen organiseren, die verstand hebben van marketing, mensen die een sprong in het diepe durven te nemen, zonder verwachting, maar mét passie!

Afgekeurd, niet afgeschreven

Het probleem met mij is dat ik een vervelende miereneuker ben, een perfectionist. Ik wil alles altijd zelf doen (en ik weet best dat ik dat niet kan), alles in eigen hand houden. Ik ben zo bang dat mijn ideeën gejat worden, ervaring mee. Aargh, ik word soms echt simpel van mezelf. Enig idee hoeveel energie dat kost?

Ik geef niet op, ik mag dan wel afgekeurd zijn, ik ben nog lang niet afgeschreven (of uitgeschreven). Ik heb goede ideeën, écht goede ideeën en ooit komt het moment dat ze in uitvoering komen. Ik blijf daarvoor vechten, ik blijf hoop houden en moed. Ik blijf ervoor gaan, ik blijf positief, ik heb vertrouwen in mijn toekomst!

Idealist

Ik ben een idealist, zo iemand die hoopt dat mensen om andere mensen geven. Die hoopt dat er ooit een moment komt dat mensen zich realiseren dat we een taak hebben. Dat we met z’n allen het geluk hebben op deze mooie planeet te mogen wonen. Dat we daar dus ook met z’n allen voor moeten zorgen.

Ik kan toch niet de enige zijn die inziet dat het zo niet werkt? Dat het maf is dat we geld belangrijker vinden dan het welzijn van anderen? Hoe kan het dat ik al zo lang ik leef reclamespotjes zie die bedelen om geld voor waterpompen in de arme landen. In die veertig jaar hadden we toch het probleem op moeten kunnen lossen? Waarom zijn mensen zo machtsbelust, zit het in hun DNA?

Wereldverbeteraar

Ik maak me zorgen, het moet anders, maar we lijken alleen voor onszelf te leven. Ach, dat zie je al in de verschillende landen. Het is ieder voor zich, niet één voor allen. Ik ben de zogenaamde ‘linkse rakker’, zo noemen ze dat in de reacties vaak. De ‘rechtse rakkers’ houden vooral van geld, en ja, ik ben zo’n gevalletje idealistische wereldverbeteraar.

Ik snap echt niet waarom mensen daar zo op afgeven, waarom zou je het alleen maar goed willen voor jezelf? Wat is er mis met zorgen voor die ander? En nee, ik ben niet geswitcht van mening toen ik afgekeurd werd, ik was altijd al zo. Ooit werkte ik ergens, het bedrijf kwam in de problemen, reorganisatie was het gevolg. Ik was lid van de vakbond (ook al zoiets waar veroordelend op werd gereageerd) en er was een bijeenkomst. Op de vraag ‘wil je één procent loon inleveren om iedereen aan het werk te houden’ werd door een minderheid positief gereageerd. Dat stelde me teleur, het laat duidelijk de mentaliteit zien van je collega’s. Ik ben belangrijker dan jij.

Mentaliteit

Dát is de mentaliteit van een groot deel van de mensen. Als je het ze rechtstreeks vraagt is dat anders. Als ik vraag of ik recht heb op een uitkering is het antwoord van de meesten ‘ja natuurlijk, jij hebt écht wat’. Maar de meeste mensen in mijn situatie hebben écht wat. En zijn er uitzonderingen, altijd, maar die groep is denk ik kleiner dan je denkt. Ze hebben alleen geen gezicht, ze zijn anoniem en dat maakt het zoveel makkelijker te oordelen.

Domme idealist

De mens is egoïstisch, misschien een overblijfsel uit de oertijd, toen het een overlevingsinstinkt was. Dat ligt in het verleden, je hebt geen zes auto’s voor de deur nodig om te overleven. De mensen in Afrika hebben wél drinkwater nodig om te overleven. Waarom gaat eigen rijkdom voor het helpen van anderen. Waarom is drie keer een normaal salaris om te kunnen leven niet genoeg, waarom moet het verschil zo groot zijn? Omdat ik een hbo opleiding heb werk ik harder? Verdien ik zoveel meer dan een lageropgeleide?

Ik begrijp echt niet waarom we ons zo druk maken om geld, om eigen luxe in het gekke, waarom we de rest van de mensen laten vechten voor hun bestaan. Ik snap het niet, maar ik ben ook maar een domme, linkse idealist…

Anders en toch hetzelfde

Ik heb een vriendin met een bi-polaire stoornis, ze is manisch depressief. Ze heeft net als ik goede dagen en slechte dagen (die hebben we allemaal, maar op onze slechte dagen is uit bed komen en enigszins functioneren al een uitdaging), wij zijn net een soap, je zou er een blog over kunnen schrijven (oh wacht, dat doe ik ook 😉).

Fysiek versus mentaal

Mijn vriendin en ik lijken op elkaar, andere aandoening, totaal ander vlak van problematiek, maar we begrijpen elkaar. Als zij haar slechte dagen in gaat ligt de depressie op de loer. Een échte depressie is iets anders dan een dipje of een dagje down zijn. Een echte depressie los je niet op met ‘ga maar lekker naar buiten’ of ‘ga iets leuks doen’. Mensen zeggen tegen mij ‘rust roest, je moet bewegen’ uit diezelfde onnadenkendheid, mensen zijn onwetend op zoveel vlakken. Maar ze denken het wél te weten, beter te weten.

‘Ga toch even lekker sporten’, kunnen ze tegen ons beiden zeggen. Dat zou een soap an sich zijn; de depri en de kneus, de één kan fysiek de band niet op, de ander krijgt simpelweg de ene poot niet voor de ander. Verschillend en toch gelijk. Een aanvulling, ik kan me niet voorstellen hoe het is zo’n chaos in je hoofd te hebben, eh dat zeg ik verkeerd want chaos heb ik ook, maar ik heb zo’n basis optimisme in mij en voor haar zijn sommige dagen zo moeilijk. En zij kan niet snappen hoe ik mijn dagen doorkom, altijd maar in rust (en ja, ik weet dat dat normaliter roest). En toch snappen we het, Yin en Yang.

De Balk

De manie is de andere kant, ze voelt zich goed, te goed, een letterlijk doorslaand succes. Wederom het vergelijk, op een goede dag zoek ik niet meer naar mijn grens, maar dender ik er vol overheen. Beide grenzeloos en toch anders. Anders en hetzelfde.

Voor ons allebei geldt dat we op onze grenzen moeten letten. Dat we het meest gebaat zijn bij stabiliteit, de gulden middenweg. Maar die middenweg is zo lastig, het is een evenwichtsbalk en mij staat nog duidelijk mijn kleine ik voor de geest. De turnster in mij (jawel, ooit ben ik Gelders kampioen geweest, ik was 8 en ben daarna op mijn hoogtepunt gestopt), op de balk, hoe vaak ik daar niet vanaf ben gelazerd. Oefening baart kunst zeggen ze, deze wijsheid zou ook voor ons moeten werken maar ik voorzie nog wat beren op deze weg.

Onze weg

Fysiek en mentaal, verschillend en toch ook niet. We verdwalen samen in een bos vol beren, maar vinden ook samen de weg naar huis. Iemand die je begrijpt zonder woorden, die wéét hoe het voelt. We bewandelen allemaal een eigen pad, maar het is fijn soms een stukje met iemand op te kunnen lopen. Samen kun je meer!

P.S.

” Overigens heb ik veel meer mensen om mij heen, allemaal met hun eigen struggles, allemaal zijn ze me ontzettend dierbaar! ”