Kriebels

Ik heb de kriebels en helaas geen goede kriebels. Daar waar ik vorig jaar nog enig begrip op kon brengen voor allerlei theorieën merk ik nu dat het me gewoon ontzettend irriteert hoe de zogenaamd wakkere mens mij probeert te laten ontwaken. De bedoeling zal vast goed zijn, maar ik ben er zo ontzettend klaar mee. Waarom zien mensen niet in dat het allemaal een kwestie is van oorzaak en gevolg?

Als we blijven stemmen zoals we de laatste jaren gestemd hebben (en met we bedoel ik in dit geval de meerderheid en niet mezelf) werken we zelf mee aan het steeds verder uitkleden van de dingen die er echt toe doen (zorg, onderwijs) en geven we ons over aan het kapitalisme. Geld gaat voor alles, de mensen zijn totaal niet belangrijk. Mensen met geld krijgen meer, mensen zonder geld minder. Denk maar niet dat jij als persoon enige waarde hebt in dit systeem. Het bijzondere is dat steeds meer mensen dit blijkbaar ok vinden.

Ik lees vaker dan met enige regelmaat over het WEF, hoe zij de macht in handen willen hebben. Dat zij met de great reset het gepeupel onder controle willen krijgen. Een soort van socialisme binnen een kapitalistisch systeem, maar als mensen dan moeten ontwaken, dan moeten ze ontwaken uit hun eigen droomwereld. Dit is waar wij in onze democratie zelf voor stemmen. Dit alles vanuit een, in mijn ogen, egocentrische instelling. Bang dat de overheid aan onze centjes komt. Hoe denk je eigenlijk dat de dingen in ons land betaald worden? Ik vraag me af of mensen eigenlijk enig idee hebben hoe het werkt in ons land? Of ze weten waar het geld vandaan komt. Hoe het uitgegeven wordt en hoe het verdeeld wordt?

Ik betaalde met liefde belasting over wat ik verdiende, daar worden namelijk de belangrijke dingen van betaald in ons land. Dingen als onderwijs en gezondheidszorg. Dingen die ons land sociaal houden, nog wel, want als het aan onze huidige (gekozen!) regering ligt kosten de mensen die te weinig verdienen te veel. Mooi is dat, hoe dat werkt. Met geld verdien je meer geld (en dat laatste is op meer manieren te interpreteren). Geld is niet langer een middel, geld is een doel geworden. Je werkt niet meer om te leven, eh, onze jeugd leert zelfs niet meer hoe je werkt voor je geld. Ze leren hoe je zo makkelijk mogelijk aan meer geld komt. Dat werken meer is dan geld verdienen om te leven lijkt niet langer in ze op te komen. Ergens is iets helemaal verkeerd gegaan.

We worden niet geregeerd door het WEF. We worden afgerekend op keuzes die we zélf gemaakt hebben. De toekomst staat niet vast, de massa heeft uiteindelijk de meerderheid, maar de massa vindt het makkelijker te schreeuwen vanaf een afstandje. Het is zo makkelijk de schuld neer te leggen bij de ander, zonder eigen verantwoording te nemen voor de eigen keuzes.

Ik hoop van harte dat mensen wakker worden en inzien dat er dingen moeten veranderen. Dat we zelf verantwoordelijk zijn voor onze toekomst. Dat dit het moment is om de dingen te veranderen. Je hoeft mij echt niet wakker te maken, ik ben wakker genoeg. Ik zie echter compleet andere patronen dan waar de gemiddelde ‘woke’ (haat dat woord!) persoon zich druk om maakt. Voel me een soort Vrouw Holle, zo hard zou ik sommige mensen door elkaar willen schudden. Sneeuwvlokken van waarheid vormen plasjes in het gras. Een witte wereld, met een ijzig koud gekras…

Trots

Ik zag een mooie vraag op Facebook ‘Als je kijkt naar een paar jaar terug, ben je dan trots op jezelf?’. Een goede om eens over na te denken.

Ik ben niet iemand die veel terugkijkt. Ik leef nu, niet in het verleden en niet in de toekomst. In heb dingen verprutst, dingen verkloot. Ik heb fouten gemaakt, maar ik heb daar ook van geleerd. Zonder die fouten was ik niet diegene geworden die ik nu ben. Van de domme dingen leer je misschien wel het meest en ik heb best een lijstje met domme dingen. Als ik terug kijk zie ik niet alleen domme dingen hoor, ik zie naast de nodige leermomenten ook echt wel mooie dingen.

Tien jaar geleden veranderde mijn leven. Er kwam een eind aan mijn carrière, mijn aandoening nam ineens een groot deel van mijn leven over. Ik wist toen nog niet voor welke uitdagingen we als gezin zouden komen te staan. Voor welke uitdagingen ik fysiek zou komen te staan. Het begon met een ogenschijnlijk simpele hernia en dat zorgde uiteindelijk, door mijn toen nog niet bekende onderliggende bindweefselaandoening, voor een grote ommekeer. Ik kan me bijna niet meer voorstellen hoe het is gewoon naar mijn werk te gaan, te sporten, avondjes weg te gaan. Niet door corona, want dat heeft in dat opzicht voor mij voor weinig verandering gezorgd. Na mijn hernia operatie lukte het niet meer op te krabbelen. Jaren van ontkenning, van grensoverschrijdend gedrag, op fysiek niveau, eisten nu hun tol. Mijn lijf was op, stortte in, echt in. Ik heb gevochten voor wat ik waard was, maar verloor keer op keer.

De winst lag uiteindelijk in het accepteren, voor zover dat mogelijk was. Accepteren dat de rolstoel in mijn leven kwam, accepteren dat zelf rollen niet kon en ik met een pookje verder moest. Accepteren dat werken geen optie meer was. Accepteren dat ik het allergrootste deel van mijn tijd om bed door moet brengen. Niet omdat ik zo vreselijk moe ben -nou ja, dat ook, maar daarom lig ik niet-, maar omdat zitten met mijn rug geen pretje is. En dat als lopen ook geen optie is slechts liggen overblijft. Ik zou kruipen als mijn knieën niet zo vervelend deden. Dat is het nadeel van deze aandoening, ieder gewricht heeft zijn eigen uitdaging.

Ben ik trots op mezelf? Ik durf te zeggen dat ik dat ben. Ik heb het maar mooi geflikt, ik heb nieuwe uitdagingen gevonden, op een positieve manier. Ik heb mijn columns, mijn gedichten, mijn boeken. Iets waar ik nooit over nagedacht heb. Daar ben ik onwijs trots op! Ik heb de stichting en al is daar de afgelopen twee jaar door corona en andere omstandigheden misschien even weinig actie geweest, we pakken dat volgend jaar gewoon weer op. Op het gebied van aandacht voor EDS heb ik op mijn manier mijn steentje bijgedragen. Ik heb mensen mogen helpen, daar ben ik dankbaar voor. Ik mag plaatselijk mijn steentje bijdragen en als is het maar een kiezeltje, je weet nooit welke rimpeling dat kiezeltje veroorzaakt.

Mijn leven was niet makkelijk de afgelopen jaren. We kregen op een aantal vlakken te maken met tegenslag, maar we hebben niet bij de pakken neergezeten. We hebben geleerd te dansen op de golven. Ik ben zo trots op mijn mannen, en op mezelf, want ook dat mag best gezegd worden.

Gebabbel

Ik krijg steeds vaker de kriebels als ik door
Social media scroll. Neem Instagram, ik vind het heerlijk om gewoon leuke foto’s te kijken en een beetje mee te leven met andere labrador baasjes. Ik volg een aantal BN-ers en een paar lotgenoten. Gewoon, een kijkje in de dag van een ander. Dat is wat ik doe op de middagen, die ik eigenlijk altijd in bed doorbreng.

De kriebels, hoezo? Goede kriebels, foute kriebels, irritante kriebels? Die laatste nemen de overhand. Overal waar ik kijk zie ik verkapte reclame. Iedere BN-er, iedere bijna BN-er, iedere ik-ken-een-BN-er en bijna iedere ik-ben-geen-BN-er lijkt wel een influencer geworden. Overal zie ik kortingscodes die gekoppeld zijn aan een bericht van weer een leuk potentieel presentje. Gek word ik ervan!

Waarom?! Omdat ik niet meer weet wat ik moet geloven. Je krijgt iets gratis in ruil voor reclame, positieve reclame. Zoveel leuke vrouwen die compleet wegvallen tussen de hoeveelheid producten die ze over me uitstorten. Ik ben er een beetje klaar mee merk ik. Alles draait om geld. Om geld verdienen en het weet uitgeven. Dat laatste daar ben ik best goed in trouwens, als dat toch een baan zou zijn, dan was ik daar een kei in. Al zijn er vast mensen die het beter kunnen.

Maar even serieus, de influencers komen me mijn keel uit. Een parfummetje hier, een lipstick daar. Ik word digitaal om mijn oren geslagen met een enorme hoeveelheid voedingssupplementen en heb geen idee of het nu écht werkt of niet. Marketing gaat nu eenmaal niet samen met eerlijkheid. Ik krijg regelmatig verzoeken binnen om producten te testen en wijs de meesten direct af. Ik wil graag dingen testen, maar ik wil ook eerlijk kunnen zijn. Bevalt het niet, dan zal ik niet roepen hoe geweldig ik iets vind.

De wereld draait om mooie praatjes. Mooie praatjes om de eigen zakken verder te kunnen vullen. Om het anderen zo snel mogelijk uit de hunne te kunnen kloppen. In mijn hoofd springt dat nummer van Paul de Leeuw, met Willeke. Gebabbel, gebabbel, gebabbel en verder… hete lucht. Dat is het, en daar ben ik wel klaar mee. Het is tijd dat het leven weer om echte dingen draait. Beter voor onze planeet ook.

Idealist

27 November 2017 schreef ik dit stuk. Ik heb het een beetje aangepast, maar het grootste deel intact gehouden. Ik schrik ervan, we lijken snel te vergeten hoe het gesteld is met de wereld. Het is al een tijdje aan de gang, al ruim voor corona kampten we met een aantal problemen. Als ware struisvogels stopten we onze kop diep in het zand. Gewoon doorgaan met je eigen leven, dan valt de ellende van anderen minder op ofzo. En nu? Nu worden we keer op keer met onze neus op de feiten gedrukt. Corona legt problemen bloot en we leren niks. Nou ja, we, de mannen en vrouwen daar in Den Haag in ieder geval niet. En dus krijgen we het opnieuw door onze strot geduwd. En opnieuw, want ooit zullen we leren toch?

Terug naar het jaar 2017. Ik ben een idealist, zo iemand die hoopt dat mensen om andere mensen geven. Die hoopt dat er ooit een moment komt dat mensen zich realiseren dat we een taak hebben. Dat we met z’n allen het geluk hebben op deze mooie planeet te mogen wonen. Dat we daar dus ook met z’n allen voor moeten zorgen. Ik kan toch niet de enige zijn die inziet dat het zo niet werkt? Dat het maf is dat we geld belangrijker vinden dan het welzijn van anderen? Hoe kan het dat ik al zo lang ik leef reclamespotjes zie die bedelen om geld voor waterpompen in de arme landen. In die veertig jaar hadden we toch het probleem op moeten kunnen lossen? Waarom zijn mensen zo machtsbelust, zit het in hun DNA?

Ik maak me zorgen, het moet anders, maar we lijken alleen voor onszelf te leven. Ach, dat zie je al in de verschillende landen. Het is ieder voor zich, niet één voor allen. Ik ben de zogenaamde ‘linkse rakker’, zo noemen ze dat in de reacties vaak. De ‘rechtse rakkers’ houden vooral van geld, en ja, ik ben zo’n gevalletje idealistische wereldverbeteraar. Ik snap echt niet waarom mensen daar zo op afgeven, waarom zou je het alleen maar goed willen voor jezelf? Wat is er mis met zorgen voor die ander? En nee, ik ben niet geswitcht van mening toen ik afgekeurd werd, ik was altijd al zo. Ooit werkte ik ergens, het bedrijf kwam in de problemen, reorganisatie was het gevolg. Ik was lid van de vakbond (ook al zoiets waar veroordelend op werd gereageerd) en er was een bijeenkomst. Op de vraag ‘wil je één procent loon inleveren om iedereen aan het werk te houden’ werd door een minderheid positief gereageerd. Dat stelde me teleur, het laat duidelijk de mentaliteit zien van je collega’s. Ik ben belangrijker dan jij.

Dát is de mentaliteit van een groot deel van de mensen. Als je het ze rechtstreeks vraagt is dat anders. Als ik vraag of ik recht heb op een uitkering is het antwoord van de meesten ‘ja natuurlijk, jij hebt écht wat’. Maar de meeste mensen in mijn situatie hebben écht wat. En zijn er uitzonderingen, altijd, maar die groep is denk ik kleiner dan je denkt. Ze hebben alleen geen gezicht, ze zijn anoniem en dat maakt het zoveel makkelijker te oordelen.

De mens is egoïstisch, misschien een overblijfsel uit de oertijd, toen het een overlevingsinstinkt was. Dat ligt in het verleden, je hebt geen zes auto’s voor de deur nodig om te overleven. De mensen in Afrika hebben wél drinkwater nodig om te overleven. Waarom gaat eigen rijkdom voor het helpen van anderen. Waarom is drie keer een normaal salaris om te kunnen leven niet genoeg, waarom moet het verschil zo groot zijn? Omdat ik een hbo opleiding heb werk ik harder? Verdien ik zoveel meer dan een lageropgeleide?

Ik begrijp echt niet waarom we ons zo druk maken om geld, om eigen luxe in het gekke, waarom we de rest van de mensen laten vechten voor hun bestaan. Ik snap het niet, maar ik ben ook maar een domme, linkse idealist…

1G

Ik las het net, ik ben voor een samenleving waarin iedereen gelijk en welkom is. Ik ben voor een 1G samenleving. Iedereen gelijk en iedereen welkom. Ik weet echter uit ervaring dat dit een utopie is.

Het is leuk en makkelijk gezegd, iedereen gelijk en welkom. Feit is dat dat in onze huidige, kapitalistische samenleving verre van het geval is. Er is ongelijkheid op het gebied van inkomen, er is ongelijkheid tussen mannen en vrouwen, er is ongelijkheid als het aankomt op leven met een handicap, ongelijkheid tussen knap en minder knap, ongelijkheid op vorm en kleur. We kunnen denk ik concluderen dat we leven in een samenleving die bol staat van ongelijkheden. Tijd om dat aan te pakken? Zeker! Ik ben voor een 1G samenleving, maar laten we dan verder kijken dan alleen het grote, boze c-woord, of v-woord.

Iedereen is welkom bij mij. Het interesseert mij persoonlijk geen ene moer of je gevaccineerd bent of niet. Corona hou ik liever buiten de deur, dat wel. Ik vertrouw best op mijn eigen immuunsysteem, maar je weet gewoon niet hoe ziek je wordt. Ook mensen die gezonder eten dan ik kunnen ziek worden en mensen die alleen vertrouwen op het dieet van de Mac slaan zich zonder enige moeite door corona, je weet het niet. Tot je het wel weet en heel eerlijk? Sla mij maar gewoon over, voor de zekerheid.

Iedereen is welkom, maar als je corona hebt ben je toch even minder welkom. Dat is een beetje de gedachtengang denk ik. Als je gevaccineerd bent is de kans dat je minder ziek wordt groter. Je kunt het wel krijgen én doorgeven, dus als we alleen gevaccineerden toelaten is de kans dat we de zorg nog verder lastig vallen kleiner. Het is allemaal één grote les in kansberekening. Dit is hoe we de wereld hebben vormgegeven. Je kunt Den Haag de schuld geven. Je kunt schreeuwen dat de democratie niet meer bestaat, maar dit is het beleid waar een groot deel van Nederland voor gekozen heeft. Gezondheidszorg is al jaren een enorme kostenpost, waar veel op bespaard moest worden. Blijkbaar hebben veel mensen het zo gewild en blijkbaar willen ze het nog steeds zo, gezien de zittende en straks weer zittende partijen. Iedereen is welkom, oh nee, wacht, niet iedereen. Verschillende grenzen voor verschillende gevallen. Alles afhankelijk van het kostenplaatje dat je meebrengt.

Ik weet niet wat wijsheid is. Iedereen is welkom, maar corona hou ik liever buiten de deur. Ik ben wel voor eerlijkheid. Als niet gevaccineerden moeten testen, moeten gevaccineerden dat ook. Waarom is er geen tijd geïnvesteerd in een betere test? Eentje die binnen een paar seconden een uitslag geeft. Zoiets als een zwangerschapstest, even plassen en klaar. Of even in je vinger prikken en klaar. Zou fijn zijn toch? Kon je gewoon iedereen testen en door.

Iedereen gelijk, iedereen is welkom. Goh, wat zou het fijn zijn als we dat voor elkaar zouden krijgen, al gaat dat vrees ik niet lukken met deze partijen. Misschien is het uiteindelijk toch de grote verandering waar we het in het begin van deze crisis over hadden. Misschien zal build back better toch bewaarheid worden. Dat het zo niet gaat lijkt me wel een duidelijke conclusie.

Geloven

Meestal hou ik me in mijn stukjes bezig met mijn leven als kneus. Soms maak ik een uitstapje richting de politiek. Als ware linkse rakker, richting een kleine poging mensen aan het verstand te peuteren dat we beter moeten zorgen voor de aarde en voor elkaar. Heeft dat zin? Vast niet, of misschien een klein beetje. Misschien leest iemand het en zet het die iemand aan het denken. Je weet nooit, een kleine stap kan een grotere stap worden en zo een mooie wandeling worden.

Meestal hou ik mij dus bezig met de dagelijkse beslommeringen van deze kneus. Denk daarmee niet dat mijn denken daar ophoudt. In mijn hoofd gaat veel om. Veel meer dan ik schrijf, vermoeiend kan ik je vertellen. Vandaag gaan mijn gedachten richting een teer onderwerp dat ik meestal mijdt qua schrijven, maar vandaag even niet. Je hoeft het niet met me eens te zijn, ik gun iedereen zijn eigen mening, maar ik moet het ergens kwijt.

Ik ben protestant christelijk opgevoed. Ging braaf elke zondag mee naar de kerk. Nou ja, braaf, ik was bij vlagen een behoorlijk opstandige puber en denk mijn hele leven al zelf na. Dat werd overigens ook gestimuleerd thuis, gelukkig! Ik had wat moeite met bepaalde onderdelen van het geloof en ging daar dan ook over in discussie. Met mijn ouders, maar ook met de dominee. Zij ging het gesprek aan, stond open voor mijn visie. Ik vind dat dat ook moet kunnen, dingen moeten bespreekbaar zijn. Ik heb ontzettend veel moeite met ‘het is zo omdat het zo is’. Daar had ik op school al moeite mee. Als ik vroeg waarom een wiskundige formule zo werkte en het antwoord kreeg ‘dat is nu eenmaal zo’, werd ik opstandig.

Die opstandigheid is gegroeid met de jaren. Ik kan helemaal niets met bepaalde elementen in het geloof. Ik ben ermee opgehouden, met de kerk, zeker met de kerk als instituut. Er gebeuren te veel dingen die niet door de beugel kunnen. Iedereen mag erheen hoor, als het je houvast geeft, prima! Maar, zoals Martien zegt, mij niet bellen.

Waar ik het meeste moeite mee heb is dat het sommige mensen een excuus geeft. Het komt allemaal goed, de Heer heeft het zo gewild. Dat vind ik geen goede insteek. We hebben zelf een stel hersens gekregen om mee na te denken. De problemen in de wereld zijn beschreven en de verlossing komt. Tja, dat kan ik ook wel voorspellen. De mens maakt er met op keer een zooitje van. Wij zijn zélf verantwoordelijk voor ons gedrag. Wij zijn verantwoordelijk voor de puinhoop die we er als mensen van gemaakt hebben. Het is onze verantwoording het tij te keren. We willen het alleen niet. Het gaat ten koste van ons gemak. We willen niet bezig zijn met de grote vraagstukken hier op aarde. We willen niet leren.

We maken er een bende van en verschuiven het probleem naar de volgende generatie. Ik begrijp niet hoe je je schouders op kunt halen en over kunt gaan tot de orde van de dag. We kunnen bidden wat we willen, vragen om onze zonden te vergeven en dan op dezelfde voet doorgaan. Als je daadwerkelijk wilt dat er iets verandert moet je daar zelf aan werken. Verantwoordelijkheid nemen voor je zonden en ervan leren. Vergeef ons onze zonden werkt niet zonder zelf actie ervoor te ondernemen.

Het geloof als basis is prima, ik geloof ook, al is het niet in de kerk. Het is tijd dat we de verantwoordelijkheid terugnemen. Dat we geloven in het feit dat wij hier sporen achterlaten. Grote sporen. Met gevolgen, grote gevolgen. Het is tijd dat we de touwtjes in handen nemen en gaan zorgen voor de aarde en voor elkaar. Daar wordt iedereen beter van. Maar dat geloof ik.

Beter?

Ik wil het weer eens hebben over het syndroom dat Ehlers Danlos heet. Je weet wel, dat syndroom dat ervoor gezorgd heeft dat ik ben toegetreden tot de club van de kneuzen en de kreupelen. Of toch niet? Heb ik daarin zelf niet een dikke vinger in de pap gehad?

Poeh, lastig! De mate van de beperkingen die je op kunt lopen met deze aandoening verschilt namelijk nogal en hangt ook nog eens van ontzettend veel factoren af. Je zou denken bindweefsel is bindweefsel en een foutje daarin is voor iedereen gelijk, maar nee, zo werkt dat dus niet. Ik denk dat als je honderd mensen met het hypermobiele type naast elkaar zet, je honderd verschillende personen ziet qua klachten. De een heeft weinig last, werkt gewoon, sport, heeft een redelijk normaal leven. De ander ligt grotendeels en rolt. Weer een ander heeft vooral last van de binnenboel. De verschillen zijn echt groot.

Er zijn lotgenoten die na jaren van fysieke ellende weer kunnen sporten, het kan. Er zijn echter ook lotgenoten die het liggen niet meer ontgroeien. Dat is iets wat voor de niet-EDS’ers niet te begrijpen is. Voor sommige EDS’ers wellicht ook niet trouwens, want hoe kan dat nu? Ik houd me ver van een oordeel daarover, ik weet het niet. Ik blijf zelf proberen. Steeds opnieuw, dat het tien jaar geleden niet ging zegt tenslotte niet dat het nu niet zou kunnen. Al tien jaar lang stoot ik mijn neus en niet te zuinig ook. Al tien jaar lang probeer in op te krabbelen en mijn lijf in beweging te schoppen. Helaas lukt het nog steeds niet. Nou ja, dat is niet helemaal waar, want ieder beetje rompstabiliteit dat ik heb en hou is meegenomen. En daar train ik dus voor.

Het kost me bloed, zweet en tranen. De boete is soms echt wel heel pittig. Vorige week ging het mis en goed ook. Een week vol pijn volgde en nog steeds heb ik er last van, maar ik ga stug door. Al doe ik het weer een tandje minder. Ik moet blij zijn met stabiliteit en de vooruitgang los laten, maar dat vind ik ontzettend moeilijk. Mensen zijn verbaasd als een lotgenoot toch vooruit gaat. Toch weer lijkt te kunnen trainen. Er is wilskracht voor nodig, het vergt doorzettingsvermogen. Maar vergis je niet, ook als je niet vooruit gaat, als je je neer moet leggen bij je situatie, soms letterlijk, kost dit enorm veel wilskracht. Het is verre van eenvoudig, je inhouden.

Mensen hebben echt geen idee hoe graag ik wil lopen, fietsen, rennen, sporten. Hoe graag ik gewoon weg wil kunnen wanneer ík dat wil, zonder afhankelijk te moeten zijn van anderen. Gewoon met Lewis naar het bos, zonder vast te rollen in de modder of de bladeren. Gewoon een avond naar de kroeg, of naar de film, zonder die verrekte beperkingen en dat enorme gebrek aan energie. Hoe graag ik honderd kilo zou willen wegdrukken met mijn benen. Of zelfs maar vijf kilo, zonder dat mijn lijf me trakteert op een lading ontstekingen. Of zelfs gewoon mijn rompbalans zou kunnen trainen zonder daarna niet te weten hoe ik moet liggen door die verrekte zenuwpijn in mijn benen. Ik wil hoepelen, ik wil gewoon kunnen fotograferen, ik wil dansen, touwtje springen. Ik wil zo ontzettend veel, maar het.gaat.gewoon.niet.

Het zijn mooie woorden. Doorzettingsvermogen, wilskracht, niet opgeven, trainen, gaan. Het zijn mooie woorden als je het kunt. Maar niet iedereen heeft die keuze. Van alle EDS’ers kan een groot percentage sporten, werken, zich terugvechten. Maar een kleiner percentage kan dit gewoon niet. Iedere EDS’er is anders, de meesten doen echt wat ze kunnen. Uitzonderingen heb je altijd, maar denk niet dat als de één iets wel kan, de ander het automatisch ook kan. Soms gaat het gewoon niet. En écht beter, dat worden we niet.

Gecodeerd?

Jawel dames en heren, het is weer eens zover. Tinus Tussengas is de weg kwijt. De weg in haar eigen gedachtengang en dat is best wel een dingetje kan ik je vertellen. Het komt, hoe kan het anders, door alle berichten die rondgaan op Facebook. Berichten over QR codes, voorstanders, tegenstanders en zij die ergens vertwijfeld ronddwalen in het midden. Ik behoor tot die laatste groep.

Vorige week ging ik onnadenkend ontbijten bij de Intratuin. Bij de kassa werd ons gevraagd onze QR code te scannen. Ik heb hem niet, de beruchte app. Gewoon omdat ik hem vergeet eigenlijk, maar ook omdat ik er het nut gewoon niet zo van inzie. Ik begrijp niet goed waarom ik wel gewoon mag winkelen en niet in dezelfde winkel in het restaurant aan een tafeltje mag gaan zitten. Ik zie dat verschil niet zo, in de winkel kan ik bovenop iemands lip gaan staan, maar ik mag niet aan een tafeltje zitten waar keurig anderhalve meter afstand is. Misschien wel meer, want Sir Lewis houdt strak de wacht over mij. Ik begrijp dat niet zo goed en niemand kan het me uitleggen.

Ik lees berichten van voorstanders en van tegenstanders. De voorstanders zien niet zoveel problemen en de tegenstanders maken zich vooral druk om twee hoofdpunten. Het eerste is de vermeende discriminatie. Een deel van de wereld mag niet meedoen. De voorstanders opperen dat iedereen mee mag doen, je kunt je tenslotte laten testen, het is een keuze. De tegenstanders roepen dat ze zich tweederangs burgers voelen. Ze staan aan de zijlijn van de maatschappij.

Daar vind ik wel iets van, ik bevind me namelijk al jaren aan de zijlijn van de maatschappij. Voor de rollers onder ons zijn er diverse drempels. We kunnen vaak niet zomaar een winkel in, de toegang wordt ons letterlijk ontzegt. Door drempels in de vorm van deuren die te zwaar zijn of de verkeerde kant op gaan, door trappen zonder oprijplaat, door smalle gangpaden en door hoge counters. Geen mens die zich daar verder druk om maakt overigens. Ze hebben er zelf geen last van. Dat laatste maakt denk ik wel degelijk onderdeel uit van hun probleem. Als je niet wilt vaccineren heb je er last van. Als je niet kunt vaccineren is het een ander verhaal.

Het tweede punt is de vermeende controle die de overheid wil krijgen over de burgers met de qr code. Ik zeg vermeend, want vooralsnog gaat het toch echt alleen nog om het gebruik van de qr code om het groene vinkje voor toegang. Is er een kans dat er meer data aan deze qr code gekoppeld wordt? Ik denk, eh ik vrees, het wel. Marketeers doen een figuurlijke moord voor al deze data. Misschien zelfs wel een letterlijke moord, gezien het feit dat bedrijven grof zullen willen betalen voor deze gegevens. Zal een zorgverzekeraar graag willen weten hoeveel iemand beweegt? Eh duh, natuurlijk! De privacy zit nog in de weg, maar in Amerika is met Snowden al lang bewezen dat dat privacy slechts een woord is.

Moeten we ons hier nu ernstig zorgen om maken? Ik denk dat we ons hier tientallen jaren geleden al zorgen om moesten maken. Onze smartphones weten alles van ons, alles. Ons hele hebben en houden zit erin, een schat aan informatie en nu maken de tegenstanders zich druk om controle. Ik vrees dat we die strijd jaren geleden al hebben verloren. In slaap gesust door onze gemakzucht. Deze strijd is al gestreden, daar was corona niet voor nodig. De mens is jaren geleden al gecodeerd.

Foto Pixabay

Betutteling

Hét woord van de verslaafden, betutteling. We worden betuttelt door de overheid. We bepalen zelf wel wat we kopen en wat we doen. We kunnen prima voor onszelf zorgen. Toch?

Ik denk dat we diep van binnen allemaal wel weten dat dit niet zo is. Mensen zijn ieder op hun eigen manier bevattelijk voor verslavingen. De een rookt, de ander drinkt. Weer een ander is verslaafd aan gokken, aan medicijnen, aan paddestoelen, hasj, marihuana of aan de venijnigste van het hele stel, aan suiker.

Ik lees dat de Lidl de sigaretten uit het schap haalt. Hulde, wat mij betreft. Ik wil niet dat mijn kind verslaafd raakt aan sigaretten. Ik weet wat voor ellende het is. Ik ben zelf verslaafd geweest, sterker nog, ik rook maar af en toe, maar vind het niet prettig als me de mogelijkheid tot roken ontnomen wordt. Ergens zit het duiveltje genaamd nicotine dus nog steeds in mijn hoofd. Als een mogelijke uitweg, die ik niet hoef te gebruiken, maar wel kan als ik het wil. Manlief is verslaafd aan sigaretten. Heeft meerdere keren geprobeerd te stoppen, maar het knopje van het echt willen is steeds slechts half ingedrukt en dan is zo’n poging gedoemd te mislukken. Wie wil roken vindt wel een weg. De prijs scheelt ze niet, het is niet voor niets een verslaving. Hoe minder verkoopplaatsen, hoe minder groot de verleiding is. Maar dat is mijn visie. Betuttelend, aldus veel mensen.

Dezelfde discussie gaat momenteel op voor snoepgoed. Ik begrijp met de beste wil van de wereld de mensen niet die niet schijnen te snappen dat de supermarkt te veel rotzooi biedt op het gebied van voeding. Ik zag een documentaire waarin ze lieten zien dat feitelijk alle schappen in de binnenring niets, maar dan ook niets toevoegen aan voedingswaarde. Gemodificeerde troep is het. Te veel suiker, te veel zout, transvetten. Niet goed voor ons. Wel goedkoop. En lekker, en dat is nou juist een probleem. Je hebt toch wilskracht, je kunt toch gewoon langs dat schap lopen, zo zeggen de voorstanders van al dat lekkers. Maar dat is het het juist, er is bewezen dat we dat niet kunnen.

Ik ben niet tegen alle pakjes en zakjes. Ik ben niet tegen snoepgoed, ik hou van een handje (of kom) pepernoten op zijn tijd. Van een bakje chips of een blok chocola. Maar kom op, de gezondere keuze moet toch beter vertegenwoordigd zijn?! Goed en gezond eten is duur, terwijl de ongezondere keuzes goedkoper zijn en voor het grijpen liggen. Goed en gezond eten moet voor iedereen bereikbaar zijn, niet alleen voor de mensen met geld. Daarnaast zijn we zo gewend aan de smaak van suiker dat we niets anders meer lekker vinden. De kracht van suiker en de kracht van de grootverdieners die ons bewust verslaafd maken.

Er komen steeds meer mensen met diabetes, een regelrecht gevolg van onze suikerverslaving. Het aantal mensen met obesitas groeit, maar je mag er niets van zeggen, want we houden onszelf wel in de hand. Tuurlijk, niets om je zorgen over te maken. Zo kunnen de farmaceuten weer wat extra verdienen aan de pilletjes om ons te helpen. Weet je wat echt helpt? Gezond eten.

Betutteling. We weten het zelf allemaal beter. We houden onszelf in de hand. Tot we voor het schap staan en de suiker ons roept. Ik hoor het stemmetje van de reep chocola, die me roept vanuit de la. Martine, kom, neem me, een hapje maar. En ik eindig op bed met de reep in mijn ene hand en de zak chips – die ernaast lag – in de andere. Geef mij maar betutteling, help mij maar de betere keuze te maken. Mijn lijf is je dankbaar.

Foto Pixabay

Beter is niet beter

Stof om over na te denken, voor mij althans. Veel stof om over na te denken, want de ene zin leidt tot de andere en alles bij elkaar leiden ze tot een complete chaos in mijn toch al warrige hoofd. Beter is niet beter. Ja, beter is natuurlijk wel beter, maar niet béter. Ik ga een poging wagen dat uit te leggen.

Zoals eerder geschreven ben ik twee weken geleden naar de NVS kliniek geweest voor een daith piercing. Ik was en ben ontzettend enthousiast over het resultaat. Ik voelde mij beter, schreef ik en dat is ook zo. Ik voel mij beter dan dat ik mij hiervoor voelde. Helaas is het verschil niet meer in dezelfde mate als toen de piercing gezet werd, maar dat heeft met een grote lading factoren te maken. Ten eerste moet de piercing de kans krijgen zijn werk te doen en dat is balans brengen in de werking van de nervus vagus zenuw. Deze balans is er niet van het ene op het andere moment. Dit kan tijd kosten. Bij de een werkt het direct fantastisch, bij de ander gaat het met ups en downs. Ik ben de ander, een paar dagen geleden zakte ik terug. Dat wil niet zeggen dat hij niets doet en ook niet dat dit nu blijvend is. Dat wil slechts zeggen dat de balans er nog niet is. Maar wat niet is kan nog wel komen en ik neem de dagen ook zo, zoals ze komen.

Voor nu betekent het dat ik de dagen of momenten als kwalitatief uitermate teleurstellend kan ervaren. Met name de dysautonomie klachten verergeren de situatie. De weer toegenomen zenuwpijn en gewrichtsklachten helpen daar ook niet in mee. Deze zijn echter niet direct te wijten aan de nervus vagus, maar meer aan het duiveltje genaamd overbelasting. Er zijn hier nogal wat factoren die daar momenteel voor zorgen. De stemmingswisselingen van het monster genaamd overgang geven me het laatste zetje. Ik ben behoorlijk uit balans, net als mijn nervus vagus. Ik moet echt mijn best doen mijn positieve blik te bewaren. Wie zei ooit dat leven met een chronische aandoening makkelijk is. Dat het leven überhaupt makkelijk is.

Beter is niet beter. Ik voel me beter is blijkbaar een gevaarlijke uitspraak. Mensen hebben verwachtingen. Ze voelt zich beter staat soms gelijk aan ze is beter en nee, zo’n feest is het helaas niet. Ik voel mij beter. Het oorsuizen is minder. Het is niet weg, nog steeds heb ik een continue versie van de zee in mijn hoofd. De ruis is niet langer schel, maar nog zeker niet weg. Hij overstemd de tv niet meer, maar de ventilator helpt me ‘s nachts nog steeds hem te overstemmen. Die zorgt overigens ook voor de nodige verkoeling tijdens een opvlieger, dat is bonus. De rust in mijn hoofd wordt nu afgewisseld met de sneltrein aan gedachten. Alsof er passagiers uitstappen en er vervolgens nieuwe met een shitload aan gedachten weer instappen.

Beter is niet beter. Mijn gewrichten helen niet door balans in de nervus vagus. Ik zit niet in de rolstoel door vermoeidheid, ik zit erin omdat mijn gewrichten door overbelasting permanente problemen ervaren. Dat los je niet op met balans. Beter is niet beter. Beter is wel beter, maar beter is niet beter. EDS is niet weg, EDS gaat niet weg. Lieve mensen die meelezen om de ander beter te begrijpen, knoop deze zin in je hoofd. Dat iemand zich beter voelt is winst. Dat is iets om te omarmen, maar pas op. Beter voelen is niet beter zijn en op bepaalde fronten zorgt het uitspreken van de zin ik voel mij beter juist voor druk. Alsof het een prestatie is en alsof het blijvend is. Ik voel mij beter is een momentopname en het zegt niets over garanties of resultaten in de toekomst.

Geef ons de vrijheid ons te uiten in het moment. Laat het uitspreken ervan je niet verleiden tot het verbinden van consequenties. Laat ik voel mij beter er gewoon zijn in het moment. Laat ons genieten van dat moment, zelfs als het zorgt voor overbelasting, want dat gevaar ligt altijd op de loer bij beter. Laat ons dom zijn, onbesuisd. Laat ons genieten, geniet mee, maar denk niet beter is béter. Denk slechts de momenten van beter zijn dat, beter.