Denken en doen

Ik word een beetje moe van sommige van mijn medelanders. Ik heb ook mijn eigen idee over sommige maatregelen, maar ik hou me, zeker gelet op hoeveel invloed een mogelijke Corona besmetting al had op onze huishouding, wel aan de maatregelen. Ze zijn er namelijk om het zo goed mogelijk te doen. Er is altijd wel ergens een uitzondering op de regel, zeker als je hard genoeg zoekt. En dat is wat de media doet, zoeken naar deze uitzonderingen. Het gaat hen er namelijk niet om ons zo goed en gezond mogelijk door deze Corona crisis te loodsen. Het gaat hen om dat waar onze maatschappij grotendeels op draait; het gaat om geld. Geld dat tot hen komt door de verkoop van reclame. Daarnaast draait het ook om het ego. Beide worden bepaald door, juist de kijkcijfers.

Ik ben geen fan van de VVD, integendeel. Ik vind wel dat onze MP het goed doet. Hij blijft rustig en herhaalt, alsof hij het tegen een stel kleuters heeft, op verschillende manieren dezelfde boodschap. De boodschap zijnde dat het onze gezamenlijke verantwoording is het Corona virus te beteugelen. Welke maatregelen zij ook bedenken, een deel van ons zal zich ertegen verzetten. Er is altijd wel een groep die je raakt op een onplezierige manier. Ik zit toevallig in één van die groepen; de kwetsbaren, ik weet dus best een beetje waar ik over praat, eh schrijf. Onze doelgroep heeft het best flink voor de kiezen gehad, onze thuisisolatie duurt al maanden voort. Ik ben blij dat we nog gewoon buiten mogen rond rollen, er is nog ruimte genoeg voor ‘buitenschoolse’ activiteiten.

We doen het niet goed. Als een stel eigenwijze (daar heb je ze weer) kleutertjes gooien we onze kont tegen de krib. Eerst schreeuwen we om mondkapjes en als we ze hebben (een dringend advies erop in ieder geval) willen we ze niet. We willen de horeca open, de economie op gang houden, maar daar waar de meeste horeca ondernemers alle zeilen bijzetten om de regels te volgen en hun zaak open te houden, houden wij ons lekker niet aan de regeltjes. Waarom zouden we (en met we bedoel ik dit keer niet mezelf, want hoe heerlijk tegendraads ik ook kan zijn, dit neem ik echt wel serieus). We mogen naar de winkel, dus we gaan massaal. De anderhalve meter vinden we blijkbaar onzin, want we hebben de mondkapjes (ja, die groep hebben we ook). Geen publiek bij amateur wedstrijden wil niets meer zeggen dan geen publiek aan de lijn, want ja, ik heb ze zien staan daar achter het hek. Niet op afstand…

We hebben het aan onszelf te danken. We zijn een recalcitrant volkje en daarbij voelt dit ietwat opstandige typje zich normaliter prima thuis. Maar nu wordt er een dringend beroep gedaan op onze saamhorigheid, op dat gevoel dat ons tijdens een EK voetbal juist zo kenmerkt, dat ultieme ‘wij’ gevoel. Die ‘wij’ dat zijn we samen; de mensen uit de zorg, uit het onderwijs en de horeca. De sterken en de zwakken (hoe je dat ook wilt interpreteren want soms zijn de zwakken juist de sterkere partij). De winkeliers en de winkelaars en heel even niet de ‘ik-lap-het-allemaal-maar-aan-mijn-laars’.

Oh en deze afbeelding past zo goed bij de situatie van ons ‘kwetsbaren’ dat ik hem er daarom bij zet 😉. #DARUM

In dubio

In maart schreef ik een paar stukjes over quarantaine, isolatie en eenzaamheid, veroorzaakt door onze gezamenlijke nieuwe ‘vijand’; het COVID virus. Inmiddels zijn we een half jaar verder. Zijn we de zomer voorbij en rukt het virus weer op. Het wint snel terrein en ik zit in dubio. Mijn gedachten vliegen in hoog tempo van links naar rechts. Het ene moment ben ik voor de maatregelen en het volgende tegen. Het ene moment kan ik de stupiditeit van de mensen niet geloven en het andere moment begrijp ik het soort van misschien toch een beetje. Het is maar net met wie ik praat en welke pet ik op dat moment draag. En juist dat veroorzaakt mijns inziens de steeds groter wordende verdeeldheid. Aan de ene kant is daar het voortschrijdend inzicht en aan de andere kant is daar de onduidelijkheid van onze politici, want onduidelijk is het. Vind ik tenminste…

We hebben het over adviezen, niet over duidelijke regels. In maart was er begrip. In maart was het een verenigd land tegen een onbekend virus. Een voor allen, allen tegen Corona. En nu? Nu gooien we als opstandige kleuters onze kont tegen de politieke krib. Een dringend advies om thuis te blijven is en blijft een advies en adviezen hoeven we niet te volgen. Een advies om een mondkapje te dragen (dat volgens het RIVM niet werkt) is verre van een verplichting. De beste man van het RIVM heeft in mijn ogen dezelfde houding als zoveel artsen die aan de andere kant van de tafel zaten en zich God waanden in hun witte jas en met hun artsen titel. De ietwat arrogante en gesloten houding maakt mij opstandig. Zegt hij links, dan wil mijn gevoel naar rechts. Dat werkt dus averechts. Hoe anders is Diederik Gommers, zijn open houding, zijn luisterende oor, zijn uitleg. Zet deze man op het podium en laat hem uitleg geven en de vragen van ons land beantwoorden.

Aan de ene kant heb ik geen moeite met het houden van afstand. Ik kom toch bijna nergens en gelukkig mag ik gewoon met Lewis naar het park. Aan de andere kant zie ik hoe lastig het is voor onze puber. Hoe het de kinderen vergaat. Ze worden verscheurd tussen gewoon willen leven en de angst dat er iets gebeurd met ouders of grootouders. Jongeren zijn niet bewust onverantwoordelijk, ze zijn alleen zoals wij ook waren op die leeftijd; impulsief. En ja, dan doe je wel eens domme dingen. Onnadenkend, niet onverantwoordelijk, dat is een verschil.

Ik voel me verscheurd tussen de meningen. Als ik lees hoeveel schade het virus doet aan de maatschappij, hoeveel mensen weinig klachten ondervinden, snap ik de beweegredenen. Maar als ik zelf goed nadenk en me realiseer hoeveel mensen er wél in de risicogroep zitten. Hoe makkelijk en snel het virus zich nu verspreidt en hoeveel mensen er wel serieus ziek kunnen worden (één op de honderd van de zeventien miljoen, reken maar uit) dan kom ik tot de conclusie dat voorzichtigheid echt wel geboden is.

We kunnen ontkennen wat we willen, onze kop diep in het zand steken. Hopen dat het zomaar weer weg is, maar mijn conclusie is dat ik het gewoon niet weet. Ik heb behoefte aan een beetje échte duidelijkheid. Niet dit zieltjeswinnende, bang om kiezers te verliezen onzekere gezever van dringende adviezen. Ga staan voor wat je vindt en blijf daar achter staan. Leg de beweegredenen erachter duidelijk uit en ga de discussie aan. En als je het niet weet, wees daar dan eerlijk over. Samen onwetend is altijd nog beter dan compleet verdeeld.

Foto Pixabay

Ceremonieel gezeik

Gisteren was het weer zover, Prinsjesdag. Zonder de traditionele hoedjesparade, maar met de speech van de Koning en met hét koffertje. Ik ben heel eerlijk, het interesseert me weinig. Natuurlijk interesseert het me hoe het gaat met ons land, maar qua speech pak ik de verkorte uitvoering, die van het nieuws. De ophef op Facebook betreffende dit onderwerp neem ik uiteraard ook mee in mijn gedachtengang.

Wat mij wat betreft dat laatste het meest opviel was de ‘loonsverhoging’ van ons koninklijk huis. Een flinke stijging in zowel inkomen als wel in personeel en ondersteuning. Procentueel valt het misschien wel mee, 2,6 procent, maar omgerekend hebben we het over heel veel geld. Ik trek even een vergelijk.

Stel je voor, je ligt thuis en je kunt niets tot weinig meer zelf. Je komt in aanmerking voor serieuze zorg, dan heb ik het over hulp bij douchen, bij aankleden, bij het uit bed halen en in bed stoppen, bij het eten en drinken, bij verpleging, bij wondzorg, veel zorg dus. Die zorg moet je inkopen, hiervoor krijg je een budget. Het bedrag per jaar dat iemand krijgt die zulke zeer intensieve zorg nodig heeft is lager dan het bedrag dat ons koninklijk paar even extra erbij krijgt.

Ik vind het helemaal prima dat we een Koningshuis hebben, ik vind Willem Alexander en Maxima een mooi paar. Ik vind het best dat ze privileges hebben, dat hoort bij de functie, helemaal ok wat mij betreft. Met de paleizen kan ik ook wel leven en ook het regeringsvliegtuig vind ik best. Waar ik echter wél moeite mee heb is deze verhoging in een tijd van crisis. Zoveel bedrijven die het zwaar hebben, ondernemers die met moeite hun kop boven water kunnen houden.

Zorgmedewerkers werden een paar maanden geleden de hemel ingeklapt en nu het erop aankomt worden ze met een schijntje afgeserveerd. Het leek er even op dat tot de wereld doordrong dat we íedereen nodig hebben om de samenleving draaiend te houden, dat de vakkenvullers en de schoonmakers net zo hard, zo niet harder, nodig zijn dan de managers. Het leek erop dat we begrepen dat het anders moest.

En nu? Nu krijgt de zorgmedewerker een schijntje, wordt er gereorganiseerd ten koste van heel veel lager personeel en krijgen onze Koning en Koningin een verhoging van een slordige anderhalve ton per jaar. Een bedrag dat, ik zeg het nog maar een keer, hoger is dan het bedrag waar een serieuze kneus een heel jaar zijn broek voor op moet laten halen. Ergens gaat er naar mijn gevoel toch echt iets mis…

Foto Pixabay

Verdeeldheid

Ik schrik van de wereld om ons heen. Heftige reacties op mijn tijdlijn, overal om me heen worden mensen voor kortzichtige idioten uitgemaakt. Of het nu gaat om het Corona virus of om racisme, het is hard tegen hard qua meningen. En dat zijn het in mijn ogen, meningen. En ja, dat zijn het op beide onderwerpen.

Ik heb ook een mening, ook over beide onderwerpen en je mag best weten dat die mening per minuut kan veranderen. Dat wil niet zeggen dat ik niet in staat ben tot een gefundeerde mening te komen, nee dat wil zeggen dat ik mij heel goed in kan leven in beide kanten van beide discussies.

Wat betreft Corona, op mijn Facebook pagina zie ik alles voorbij komen. Ik zie mensen zichzelf overschreeuwen om hun visie erdoor te drukken, zo overtuigd van hun gelijk dat ze blind zijn voor ieder argument dat het tegendeel zou kunnen bewijzen. Ik zeg zou kunnen, want één ding is zeker en dat is dat niets nog zeker is. De regering roeit met de riemen die ze heeft.

Ik vind het een compleet idiote gedachte dat regeringen een virus virtueel de wereld in geholpen zouden hebben om de wereldbevolking onder de duim te krijgen. Virtueel? Het virus is echt toch? Nou, aldus sommige mensen is dit een normaal griep virus dat in de media ‘gehypet’ is om vergaande veranderingen door te voeren. Volgens deze bronnen worden berichten verwijderd en is er zo ongeveer een serieuze staatsgreep gaande. De ‘Corona doden’ zijn volgens hen slachtoffer van een normale griep en een IC tekort heeft zich niet voorgedaan. Ik denk (let op hè, dit verhaal is míjn mening) dat zij het geluk hebben gehad dat ze geen mensen in hun omgeving zijn verloren en ik denk dat ze in dat opzicht over weinig empatisch vermogen beschikken. Ik ken wel mensen in mijn directe omgeving die van dichtbij hebben meegemaakt hoe dit virus heeft huisgehouden én ik ken ook mensen in mijn omgeving die én jonger zijn én blijvende klachten hebben overgehouden. Daarnaast ken ik ook mensen die met de ellende zitten van de eveneens ontkende ‘Q-koorts’ en die uit eerste hand weten hoeveel schade je kunt overhouden. Ik denk dat er in dat opzicht nog een virus rondwaart, het ‘struisvogel virus’.

Ben ik een enorme fan van de maatregelen? Ik weet het niet. Ik mijd nog steeds de supermarkt. Ik begeef mij absoluut niet in mensenmassa’s en ik probeer netjes de anderhalve meter te behouden. Waarom? Omdat ‘ze’ misschien wél weten waar ze mee bezig zijn en ik absoluut niet het risico wil lopen mijn geliefde te besmetten. Ok, misschien is het ook handig mezelf niet te besmetten, gezien ik in de risico groep val, al ben ik niet zo bang voor mezelf. Ik moet ook eerlijk zeggen dat ik niet zo’n knuffetype ben, ik kan prima leven met wat afstand en ik vind het helemaal niet erg dat vreemde mensen buiten mijn aura blijven. Het argument dat de regering bewust bedrijven kapot wil maken om ons mensen als makke schapen onder de duim te krijgen vind ik nogal vergezocht.

Zie mij in deze als zo’n ouderwetse regelschuif op de radio, ik bevind mij qua mening ergens in het midden en de regelaar verschuift soms een tikkie naar links, maar bevindt zich meestal ietwat rechts van het midden. Waarmee ik toch neig naar het volgen van de maatregelen, zoveel mag duidelijk zijn. Dat wat betreft de discussie rond het virus. Mijn mening, je mag een andere toegedaan zijn.

Dan wat betreft het andere onderwerp, racisme. Ik ben van mening dat je niemand moedwillig mag kwetsen. Racisme bestaat en we moeten hard werken aan een echte inclusieve samenleving (inclusief ja, want ook gehandicapten worden behoorlijk gediscrimineerd, al hoor je daar veel minder over). Ook hier geldt voor mij die regelschuif die soms een tikkie naar links verschuift en soms meer naar rechts (niet te verwarren met mijn politieke mening). Ik was behoorlijk ingepakt in het ‘anti-racisme’, niet racistisch zijn is niet genoeg, je moet je uitspreken, maar ook hier geldt dat de verdeeldheid aangewakkerd wordt en niet ten goede van het onderwerp waar het om gaat. Het is lastig je open te kunnen stellen voor de argumenten van een ander als je mening te stellig is (hier heb ik in het verleden wel enige ervaring in opgedaan). Mijn regelaar schoof langzaam terug door een ervaring die ik opdeed in een groep waarin mensen hun ervaringen met racisme konden delen.

Ik denk dat je communicatie vooral open moet houden om dingen op te kunnen lossen. Met dat in mijn achterhoofd zette ik mijn vragen open en eerlijk op papier. Vragen over gevoeligheden, over misschien overgevoeligheden, over het verschil tussen racisme en pestgedrag, over vervagende grenzen in een multiculturele samenleving. Vragen waarop ik voor mijzelf een antwoord zocht om me een gefundeerde mening te kunnen vormen. Het bericht werd niet geplaatst, geen open communicatie dus. Als witte medelander kun je je niet voorstellen hoe het voelt racistisch bejegend te worden, maar zonder open communicatie blijft dit onmogelijk. Gevoeligheden hebben de neiging overgevoelig te worden en op dat moment stopt iedere vorm van communicatie en blijven we hangen in verdeeldheid.

Die verdeeldheid is iets dat de overhand lijkt te nemen in onze samenleving. Je bent voor of tegen, links of rechts. De balans is compleet zoek zo lijkt het. Een gevecht tussen ego’s, een gevecht tussen goed en fout, maar van fouten kun je leren. Er bestaat iets als voortschrijdend inzicht, we leren terwijl we gaan. Één ding is zeker, ík weet niet wat wijsheid is, ik laat me leiden door mijn onderbuikgevoel in deze, maar ik ga geen ongefundeerd risico lopen voor de mensen die ik lief heb. Ik probeer geen mensen te kwetsen, maar ik laat me ook geen schuldgevoel aanpraten voor dingen waar ik me niet schuldig aan heb gemaakt.

Zo, lang verhaal, maar ik moest het even kwijt. Het is mijn mening en je hoeft het niet met me eens te zijn. ‘Let’s agree to disagree’ is een prima conclusie. Geef elkaar wat ruimte, in iedere zin van het woord.

Verdeeld

Het is weer zover. Mijn gedachten vliegen alle kanten op. Ik voel me verscheurd in het moment. Verscheurd door verschillende meningen, door het gevoel kant te moeten kiezen. Verscheurd omdat ik aan beide kanten van de verschillende discussies pluspunten vind zitten. Maar ook minpunten en die laatsten maken dan ook dat mijn gedachten alle kanten op vliegen.

We leven in een wereld van uitersten, zeker nu. De wereld der mensen bevindt zich op een kantelpunt. Als het Covid virus één ding duidelijk heeft gemaakt is het wel dat. We hebben allemaal gezien wat onze levensstijl doet met onze planeet. We zijn met onze neus niet zachtzinnig op de feiten gedrukt. We beloofden beterschap. Zes weken lang waren we samen van plan de wereld te redden. We deden het sámen, het virus zorgde voor een eenheid. Samen stonden we sterk. Dit varkentje gingen we wassen! De resultaten waren verbluffend, de zorg kreeg wat ademruimte en de kwaliteit van de lucht verbeterde zonder vliegverkeer en zonder files. Een kanteling, nu komt het écht binnen bij mensen, dacht ik.

Drie maanden verder zijn de mensen het vooral spuugzat. ‘We’ is verworden tot ‘ze’. Je bent ‘voor’ maatregelen of ‘tegen’. De wereld is verscheurd. In Brazilië laten ze het virus lekker zijn gang gaan, allemaal onzin de maatregelen, het komt zoals het komt. Dood gaan we toch wel een keer, grote opruiming. Helpt wel bij het probleem van de overbevolking. Ik hoor de complotdenkers al denken ‘vooropgezet plan van de regering maakt eind aan overbevolking’. Of dat nu de juiste manier is waag ik te betwijfelen, maar dat is slechts mijn mening.

Op Facebook zie ik de discussies steeds verhitter worden. Ik heb genoeg hittegolven in mijn leven door de overgang en brand mijn vingers er niet meer aan. Of toch wel? Dat zal blijken bij de reacties op dit bericht denk ik. Aan de ene kant delen en schreeuwen de anti-spoedwet aanhangers. Of ik soms gek ben dat ik de anderhalve meter maatschappij als het nieuwe normaal zie. Eh, nee, ik zie dit niet als het nieuwe normaal, alhoewel ik het soms best als een soort van prettig ervaar dat mensen niet binnen mijn persoonlijke cirkel komen. Ik ben niet zo’n knuffelaar. Al vind ik de anderhalve meter soms ook best lastig, over het algemeen is het prima te doen. ‘Robots van de regering’ dat worden we, blijkbaar. Ik geef toe, ik ben wat naïef, maar ik denk dat dat niet de achterliggende gedachte is. Alhoewel sommige machthebbers misschien kwijlen bij deze gedachte, vertrouw ik op ons democratisch systeem. Ik voel echter de druk oplopen tussen de verschillende kanten. Ik ben het op bepaalde punten eens met de voorstanders en op andere met de tegenstanders. Het is niet zo zwart-wit.

Over zwart-wit gesproken; ook die discussie heeft meerdere nuances. Ik volg een pagina over racisme, maar waar dat begon als een ‘eye-opener’ voel ik ook daar nu de verdeeldheid juist oplopen. Overal lees ik ‘we’ versus ‘ze’, aan de ene kant ben ik blijkbaar ‘we’, aan de andere ‘ze’. Zo komen we nooit tot elkaar! Ik denk dat open communicatie het begin is, maar de (over)gevoeligheden maken dat open communicatie bijna onmogelijk is voor sommige mensen. De verdeeldheid van vooroordelen breekt het gesprek al af voor het is begonnen.

Ik wil nadenken over mijn mening voor ik hem geef. Ik wil luisteren naar anderen, ik wil me inlezen en proberen in te leven. Soms buig ik naar links en soms een beetje naar rechts. Soms sta ik stil in het midden; als een rietstengel die zich mee laat voeren door de wind. Pas als de storm geluwd is, de wind is gaan liggen ben ik in staat de voors en tegens af te wegen en krijgt mijn mening vorm. Hoe dan ook blijft er altijd weer kans op wind, mee of tegen, die mijn mening kan doen veranderen. Voortschrijdend inzicht, we leren van elkaar. Van het heden en het verleden. Samen maken we de wereld mooi. Dit jaar, deze pandemie, deze roerige tijd geeft ons een kans de wereld te veranderen, linksom of rechtsom, of juist toch in het midden…

75 jaar vrij

welkomindewereldvaneenkneus.files.wordpress.com/2020/04/blog-75-jaar-vrij.m4a

Vandaag is het 75 jaar geleden dat onze woonplaats bevrijd werd. Een mijlpaal, een bevrijding, letterlijk. Het is dus een dag met een feestelijk tintje zou je zeggen. Onze burgemeester riep op de vlag uit te hangen, om in deze moeilijke tijd toch te denken aan dat lichtpuntje van 75 jaar vrijheid. In mijn hoofd schiet echter van alles voorbij, zoveel mensen zijn verre van vrij…

Je zou denken dat mensen iets geleerd hebben van het verleden. Je zou denken dat de mensen wijzer worden, we zijn tenslotte het ‘intelligente’ soort. In naam misschien, in realiteit hebben we nog een lange weg te gaan. Als ik zie hoeveel oorlogen er nog woeden, hoeveel mensen gedwongen leven in gevangenschap. Omdat ze van mening verschillen met degene die het voor het zeggen heeft. Wij leven hier in vrijheid, op dat gebied tenminste, alhoewel is een leven in vrijheid niet meer dan een leven zonder oorlog?

Ik ben laatst uitgenodigd in een groep die zich sterk maakt tegen racisme van ‘Asians’. Ik wist niet eens dat dit zozeer speelde, dat maakt het misschien wel des te pijnlijker, is het onwetendheid of is het meer dan dat? Negeren we niet allemaal dit soort problemen omdat het makkelijker is het niet te weten? ‘Ignorance is bless’? Ik ben verre van achterlijk, ik ben ietwat naïef, dat zeker, maar dan nog had en heb ik de taak na te denken, mijn hersens heb ik niet voor niets gekregen. Ik noem een klein voorbeeld, wie heeft er niet op de kleuterschool ‘Hanky Panky Shanghai’ gezongen? Heb je er ooit over nagedacht dat dit niet de vertaling zou zijn van ‘Happy birthday to you’? En om het nog een tikkeltje pijnlijker te maken, wie trok er tijdens het zingen aan zijn ogen?

Ik zag er geen kwaad in, zelfs toen mijn zoon hetzelfde liedje zong op school zag ik het niet. Als ik toen had geweten wat ik nu weet had ik er iets van gezegd. Weet je, één keertje een vervelend ‘grapje’ of liedje horen is niet erg, wel pijnlijk, maar voor de meesten overkomelijk. Continu geconfronteerd worden met ‘onwetende’ uitspraken maakt dat je je niet langer thuisvoelt in je thuisland. Geboren en getogen in Nederland, maar je huidskleur is anders dan dat van de meesten. Mensen die denken je te complimenteren door te zeggen hoe goed je Nederlands is, eh ja, net zo goed als het jouwe? Je niet thuis voelen in je geboorteland, maar ook niet in het land van je voorouders, want je spreekt hun taal niet of niet goed? Hoort dit ook geen onderdeel te zijn van leven in vrijheid?

Al die mensen die zich nu bevinden in een vluchtelingenkamp, het gevaar komt voor hen van meerdere kanten. Gevlucht uit hun huizen, alles achterlatend voor een beetje veiligheid. Geen thuis meer omdat je niet welkom bent, bestemming onbekend, want waar ben je dat wel? Op de vlucht voor geweld in een wereld die gevangen is. Weer een ander soort vrijheid, eentje waar de bevrijding op zich laat wachten. De wereld speelt Russisch roulette, met ons ieder als inzet. De vrijheid die momenteel voor veel mensen niet voelt als vrijheid. De ‘ophokplicht’ die voor vele medelanders voelt alsof ze gevangen zitten tussen de muren van huis en tuin (goh, klinkt toch bekend nietwaar?).

Met kromme tenen lees ik de reacties op Facebook van mensen die hun ei niet kwijt kunnen. Samen kunnen ze nog eieren zoeken in plaats van beren, die gaan even terug naar de weg. Hoezo opgesloten? Je mag naar buiten, er is geen extra slot op de deur geplaatst, je hebt nog een grote mate aan vrijheid. Ik lees over hoezeer pubers vechten met zichzelf en hoe zielig dat is. Mensen, misschien is dit juist wel eens goed voor ze. Leren ze dat niet alles maakbaar is, ‘shit happens’, er zijn echt ergere dingen in het leven dan je vrienden of zelfs je vriendinnetje een paar weken niet zien. Is het leuk? Nee, maar het leven is nu eenmaal niet altijd leuk.

Ik zal het vergelijk met de vast-opgehokten niet nog eens uitgebreid maken, maar het steekt wel. Dat mensen nu lijken te begrijpen hoe jij je normaal altijd voelt en verder vooral digitaal klagen over hun gebrek aan mogelijkheden. Terwijl er zoveel mogelijk is. ‘Out of the box’ denken moet je leren en sommigen leren nooit. Het vergelijk met mijn situatie is er, eventjes, maar dan is het ‘business as usual’ en beland ik weer in de vergetelheid. Ik zou er zelf weer achteraan kunnen gaan, maar ik kamp naast de ophokplicht met een enorm gebrek aan energie, dus laat maar. Dat is niet zielig, dat is gewoon even níet anders.

75 Jaar vrij, ik wil wel voorzichtig vieren, maar ik zou het zoveel fijner vinden als we de overwinning van ons ego konden vieren. Wanneer we als mensheid in konden zien dat ieder mens het verdient te leven in vrijheid. Dat we samen leven, zonder ons boven een ander te zetten. Samen, niet als individu, niet als groep, niet als land. Samen als mens, als wereld. Geen enkel individu is beter dan een ander. Zo ontstaat echte vrijheid.

Unheimisch

welkomindewereldvaneenkneus.files.wordpress.com/2020/03/blog-unheimisch-.m4a

Ik loop al een paar dagen rond met een knoop in mijn maag. Ik denk dat deze knoop te wijten is aan de huidige situatie, aan de quarantaine, aan de opgelegde isolatie. Ik schreef al dat er voor mij op zich weinig verandert, ik zie gewoon weinig mensen op een doorsnee dag. Toch wil dat absoluut niet zeggen dat deze isolatie geen gevolgen voor mij heeft, de gevolgen zijn alleen minder zichtbaar. De gevolgen zitten vooral in mijn hoofd en in mijn onderbuik, waar zich dus een soort ‘unheimisch’ gevoel heeft genesteld.

Van de week overviel mij voor het eerst in jaren een soort van zinloosheid van mijn bestaan. Ik doe mijn best er te zijn voor anderen, ik hou in mijn eentje in ieder geval één medewerker bij Greetz aan het werk in de hoop misschien het verschil te maken in iemands dag. Ik app de mensen die in zwaar weer zitten, maar het voelt zinloos. Mijn wereld heeft een soort van wazige waas gekregen. Ik hou mezelf voor me niet zo aan te moeten stellen, de mensen in mijn omgeving zijn gelukkig veilig (voor zover we weten althans), ik ben daar dankbaar voor en toch heb ik het gevoel dat het zwaard van Damocles boven mijn hoofd hangt. Het zit tussen mijn oren, dit virus is zich een weg aan het vreten in mijn hoofd.

De tv staat uit, de radio staat op een muziek station zonder nieuws. Nergens ben je veilig voor de getallen, voor de donkere wolk die boven de wereld hangt. Zelfs op mijn geliefde Social media voel ik mij niet langer ok. Ik sta volledig achter alle maatregelen hoor, ‘stay safe’, blijf binnen, maar ik ben niet immuun voor de tsunami aan ellende die via de verschillende kanalen mijn toch al zo kleine wereld volledig overspoelt. Ik kan niets met de nummers, kan niets met de dubbele informatie. Met de groepen die elkaar tegenspreken, hun eigen punt willen maken omwille van hun eigen gelijk.

Wetenschappers die zich bemoeien met de opgestelde regels van de overheid en zo verdeeldheid zaaien. Mensen die elkaar in de haren vliegen binnen de opgelegde anderhalve meter. Ik word moe van het klappen, ik heb de medewerkers in de beroepen die er toe doen altijd al gewaardeerd. Als er dan een beroep zinloos is dan is het het mijne wel, ‘beroepskneus’, kost alleen maar geld, levert niets op. Ik voel mij ietwat cynisch, schrijf maar niet alles op wat in mijn hoofd popt momenteel.

In mijn kleine wereld is weinig veranderd en tegelijk is alles anders. Het voelt alsof ik in ‘Game of thrones’ beland ben; ‘winter is coming’. Na een voor mijn gevoel zeer lange winter verheugde ik mij zeer op de lente. Op een uitweg uit de jaarlijkse gevangenis. En nu heb ik het gevoel dat de winter nog moet beginnen. Volledig in contrast met het zonnetje buiten. Dat zeg ik, het voelt ietwat ‘unheimisch’…

Foto Pixabay

Eenzaamheidsvirus

welkomindewereldvaneenkneus.files.wordpress.com/2020/03/blog-eenzaamheidsvirus.m4a

‘Laten we samen zorgen dat niemand zich in de steek gelaten voelt’

Het laatste deel van de Speech van de koning is mooi, maar eigenlijk ook best een beetje pijnlijk. ‘We missen onze vaste patronen en vooral de mensen die daarbij horen’. Weer moet ik de vergelijking trekken met de enorme groep chronisch zieken. De hele dag thuis zonder werk, zonder sport, zonder koffiemomentjes.

‘Dit is iets waar we samen doorheen moeten’, nu staan mensen klaar voor elkaar. Dat kan, want er is tijd. Veel mensen zitten verplicht thuis in isolatie, nu alle sociale bijeenkomsten vervallen is er ruimte voor nadenken, voor anderen. ‘Het Corona virus kunnen we niet stoppen, het eenzaamheidsvirus wel’. Ik ben sceptisch, ik denk dat we nu bijna iedereen thuis zit dit inderdaad kunnen, maar wanneer de crisis eindelijk bezworen is gaat iedereen terug naar hun oude patroon.

Oude communicatiemogelijkheden als post en telefoon zijn tijdelijk. Als je net thuiszit is er aandacht voor elkaar, maar ik weet uit ervaring dat dat weg ebt. Nieuws verandert in oud nieuws, men gaat over tot de orde van de dag en dán, dan komt dat eenzaamheidsvirus om de hoek kijken. We zitten net een paar dagen thuis en mensen weten van gekkigheid al niet meer wat te doen. Ik ben in het voordeel, eindelijk, ik verveel me niet zo snel meer. Zelfs niet als ik noodgedwongen met mijn ogen dicht de binnenkant van mijn ogen bekijk.

Ik hoop dat jullie het nog niet zat zijn, de ‘klaagzang’ van deze chronisch zieke. Ik wil een punt maken in de hoop dat mensen dit meest kwetsbare punt onthouden. Eenzaamheid; een wereld zonder post, zonder telefoontje, zonder een appje. Dát is eenzaamheid, die jaren duurt. Wat ben ik dankbaar voor de mensen die mij niet vergeten zijn…

Isolatie

welkomindewereldvaneenkneus.files.wordpress.com/2020/03/blog-isolatie.m4a

Gister verscheen er een bericht van onze burgervader op mijn tijdlijn. Een bericht waarin stond dat er een gezin in onze woonplaats besmet is met het Corona virus. Ze zitten thuis in quarantaine, de burgemeester wenste ze sterkte. Ik las het met een dubbel gevoel.

Gelukkig hebben deze mensen slechts milde verschijnselen en blijft het dus vooral bij voorkomen dat anderen het virus krijgen. Ik leef met ze mee, maar tegelijk schoot door mijn hoofd dat mijn leven zich iedere winter vooral tussen onze vier muren afspeelt. Niemand die daarbij stilstaat verder en ik ben niet de enige die delen van het jaar behoorlijk geïsoleerd doorbrengt, wat te denken van de eenzame ouderen? We zitten niet in quarantaine, maar veel verschil zal het voor ons niet maken.

Ik ben gister al begonnen met dit stukje, maar ik liep steeds vast. Het voelt echt dubbel, aan de ene kant is er dat stekende gevoel dat mensen te weinig aandacht hebben voor elkaar. Dat weinig mensen zien hoeveel landgenoten thuis bijna standaard in isolatie zitten doordat ze periodes niet naar buiten kunnen. Dat het niemand een moer interesseert hoe je leven er dan uitziet. Dat je dan een sneu geval bent of dat je dan niet beschikt over genoeg wilskracht. Dat kunnen gelijk staat aan willen, geloof mij maar, zo werkt het niet.

Aan de andere kant is daar dat gevoel dat iedereen het beste gunt en ik het niemand toewens in deze situatie te zitten. En er is dat gevoel van aanstelleritus, dat bij mij altijd wel ergens op de loer ligt. Daar krijgt dit gezin niet mee te maken. Er is begrip, er is medeleven, iets dat veel chronisch zieken en ouderen niet krijgen.

Vergis je niet, mensen leven ook nu maar mee tot bepaalde hoogte. Er is een zekere mate van begrip, maar er is ook het egoïsme van de bovenste plank. De mens zorgt vooral goed voor zichzelf, nadenken over een ander is ingewikkeld. Waarom zou je voedsel op de schappen laten liggen voor een ander als je het voor jezelf in de kast kunt leggen?

En waar besteden we onze door Corona verkregen ‘vrije’ tijd aan? Aan winkelen, lekker met z’n allen naar de meubelgigant of het speelparadijs! Dat mensen daar met risico tegen minimumloon gewoon door moeten werken is niet hun probleem. Dat daar nog steeds veel mensen bij elkaar kunnen komen blijkbaar ook niet.

Rare wereld…

Fotografie Hans Poels

De zin ‘van Ark’

‘Staatssecretaris Tamara van Ark van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (VVD) tijdens het vragenuur in de Tweede Kamer. © ANP

Werkgevers mogen mensen met handicap onder minimumloon gaan betalen

Het wordt voor werkgevers aantrekkelijker om mensen met een handicap in dienst te nemen. Zij mogen hen onder het minimumloon gaan betalen. Toch gaan de gehandicapte werknemers dan meer verdienen dan nu omdat zij van de gemeente een aanvulling tot het minimumloon kunnen krijgen. Wel verliezen zij hun recht op pensioen en bouwen zij minder aanspraak op voor de werkloosheidsuitkering en de arbeidsongeschiktheidsuitkering.’

Verwerken

Het kan alleen maar een VVD-er zijn die met dit ‘briljante’ idee komt om te bezuinigen op een kwetsbare groep mensen. Mensen die graag deel uit willen maken van de samenleving. Mensen die ondanks hun handicap hun steentje willen bijdragen. Dat zij hinder ondervinden van hun beperkingen is duidelijk, zij hebben echter de wil om te doen wat ze kunnen. Zij spannen zich daarvoor in, wat vaak ook consequenties heeft voor hun verdere dagindeling. Weken moet lonen, een kreet die ik regelmatig voorbij hoor komen. Toch hoeft werken voor gehandicapten blijkbaar niet lonend te zijn, zij worden vooraf al weggezet als ‘onderpresterend’ en daarbij direct onderbetaald.

Verantwoord denken

Hoe kun je zoiets verantwoorden? Hoe kun je zo krom denken? Hoe kun je een groep mensen zo tekort doen? Mensen worden gestraft voor iets waar ze niets aan kunnen doen, voor het hebben van een aandoening, voor besprekingen waar je geen vakantie van kunt nemen, voor iets waar je levenslang voor hebt gekregen. Minder mogelijkheden, minder geld, logisch toch? Je presteert te weinig in een maatschappij waarbij je afgerekend wordt op je economische waarde. De menselijke waarde is niet aan de orde, slechts hoeveel je opbrengt, afgewogen tegen de kosten.

Afhankelijk

De laatste tijd is de financiële onafhankelijkheid vaak aan de orde geweest. Ook hier kun je als beperkte naar fluiten. Als je partner een goede baan heeft zoek je het maar uit, behoeft jouw werkwaarde geen aanvulling. Heb je gespaard voor de studie van je kinderen, jammer. Weer komt het neer op het ‘had je maar geen beperking moeten krijgen’, weer lijkt het alsof ze vinden dat ziek zijn een keuze is.

Economisch gedachtengoed

Waarom zou je een arbeidsongeschiktheidsverzekering nodig hebben? Je doet toch al niet mee, je bent niets, een niemand in de ogen van ons ministerie van sociale zaken. Hoopvol nietwaar? Pensioen is ook een compleet onnodig iets, de bijstand is blijkbaar een prima opvang voor de groep beperkten die ze liever kwijt zijn. Ongewenst, ongewild, nutteloos, economische minkukels. Waarom zou je deze mensen een normaal bestaan gunnen?

Motivatie

Het ergste is nog wel dat er klakkeloos vanuit gegaan wordt dat de productiemogelijkheden van deze mensen standaard lager ligt dan dat van de ‘normale’ mens. Bedoelen ze daarmee ook de ongemotiveerde, zich standaard op maandag ziek meldende mens? Of diegene die zijn tijd vooral verdoet met zinloze vergaderingen? Of de halve dag bezig is met verhalen over de kids of het weekend?Waarmee wordt de productiviteit eigenlijk gemeten? Slechts met lopende band werk? Iemand die wil, maar fysiek minder kan is misschien wel veel gemotiveerder.

Wisseling van de wacht

Wederom wordt er slechts kortzichtig gekeken naar bezuinigen. De mens achter de handicap wordt compleet genegeerd. Je mag niemand ellende toewensen, maar ze maken het wel erg lastig zo. Graag zou ik de mensen op het pluche een paar dagen in het lijf of hoofd van iemand met een beperking gunnen. Laat ze maar even ervaren hoe het is om te gaan met een leven vol hindernissen. Laat ze voelen hoe het is weggezet te worden als ongewilde mislukkeling.

Waardevol

Mensen met een handicap horen net zo thuis in onze samenleving als de ‘gezonde’ mens. Ze hebben een functie, zitten vol mogelijkheden, al is het misschien niet zozeer in het standaard arbeidsleven. Iemands bestaansrecht hangt niet af van zijn economische waarde, het hangt af van zijn waarde als mens en die waarde is waarschijnlijk een stuk hoger dan die van ons ministerie sociale zaken.