De vijver van ja maren

Gisteravond keek ik naar een docu over Daan, een jongen die helaas niet meer onder ons is. Hij kon niet langer leven in deze samenleving, werd als kind buitengesloten, gepest, voelde zich niet gehoord, niet gezien, ging ten onder in de strubbelingen van het leven. Een ontzettend triest verhaal, en helaas een verhaal dat niet op zichzelf staat. We leven in een samenleving waarin ontzettend veel jongeren met zichzelf in de knoop zitten. Schrijnende verhalen van mensen wiens leven nog moet beginnen.

Het verhaal van Daan zette me aan het denken. Hoe kan het dat zoveel mensen zich niet gezien of gehoord voelen? Waar gaat het mis? Waarom zien leraren deze kinderen niet? Of zien ze ze wel, maar weten ze niet hoe ze ermee om moeten gaan? Let wel, ik leg geen schuld, bij niemand. Niet bij de pester, niet bij de gepeste. Niet bij de ouders en niet bij de leraren. Ik zet wel vraagtekens bij ons als samenleving, want ik denk dat dit probleem er eentje is die we als samenleving moeten aanpakken en oplossen.

Ik kijk even naar mezelf, ik bemerk soms dat ik mij niet prettig voel bij bepaalde groepen mensen, iets waar ik op de middelbare school ook al last van had. Groepsdruk. Verkeerde ‘grapjes’, plagerijtjes die voor de persoon in kwestie behoorlijk vervelend kunnen uitpakken. Zeker als de hele groep meelacht (sommigen als een boer met kiespijn, maar toch). Het gebeurt overal, op de werkvloer, op school, verenigingen. Mensen worden (onbewust) buitengesloten, gepest (ook al is het soms onder het motto van plagen). Hoe vaak lachen we niet mee om dingen die niet grappig zijn om zelf maar vooral niet het volgende onderwerp van spot te worden? Daar begint het al, we laten ons regeren door angst en verschuiven de grenzen van het toelaatbare. Onbewust geven we ruimte aan gedrag dat we eigenlijk niet zouden moeten accepteren. Uit angst, onzekerheid.

Hoe komt het dat we ons vaak onbewust onprettig voelen bij wat mensen wegzetten als dat gezever over leven in liefde, terwijl de wereld vooral baat heeft bij een beetje meer liefde? Waarom wordt zachtheid en kwetsbaarheid gezien als een zwakte, terwijl leven vanuit ons hart juist zo belangrijk is? Waarom ben je een watje als je liefdevol bent en waarom is sterk (en hard) zijn de maat van waaruit alles gemeten wordt? Hoe zijn we vergeten dat wij mensen groepsdieren zijn? Waar is het mis gegaan, waar zijn we de connectie met elkaar kwijtgeraakt?

Zouden we op school niet bij een vak als maatschappijleer met elkaar in gesprek moeten gaan, écht met elkaar in gesprek? Zouden we niet moeten bespreken hoe het leven werkt en zou dat niet veel belangrijker moeten zijn dan het uit het hoofd leren van zinloze feitjes en data? Zou een geschiedenisles niet vooral moeten bestaan uit het nadenken over en bedenken van lessen die we uit deze geschiedenis zouden moeten leren? Moeten we daarin niet veel meer ruimte maken voor het gesprek? Sowieso denk ik dat er meer ruimte moet komen voor echte interactie tussen de verschillende generaties. Hoe ouder we worden, hoe meer we vergeten hoe we zelf ook dachten toen we jong waren, we kunnen zoveel van elkaar leren. We vergeten te delen, vergeten het belang van de kunst van het leven. Voor jong én voor oud. We verzuipen in het individualisme.

Ik denk dat het tijd is onze samenleving eens goed onder de loep te nemen en daarin ook eens goed in de spiegel te kijken. Roept niet iedereen weleens een excuus om eigen gedrag te vergoelijken, kijken we niet bijna allemaal eerst naar een ander voor we naar onze eigen minpuntjes durven kijken?

Van de week stond er een oproep van onze gemeente over de ruimplicht betreffende hondenpoep, echt, bijna alle reacties vervielen in excuses, in ja maren. Over anderen die het ook niet doen, over katten die ook poepen waar ze maar willen, maar als wij als volwassenen niet het goede voorbeeld geven, gaan onze kinderen dit ook niet volgen. Als ik zie hoe wij als volwassenen omgaan met onze wereld, snap ik wel dat onze kinderen niet begrijpen of en wat ze dan fout doen. Als je als ouder de verkeersregels aan je laars lapt (door tegen het verkeer in te fietsen, want dat is sneller, of door daar te hard te rijden, want je hebt nu even haast), hoe denk je dan dat jouw kind hiermee om gaat gaan? Ik ben niet roomser dan de paus en ik heb ook echt de nodige dingen verkloot in mijn leven, maar het is toch nooit te laat om naar je eigen gedrag te kijken?

We leven in een excuus maatschappij, vissen volop in een vijver van ja maren. We durven het gesprek niet aan te gaan uit angst voor een verschil van mening, maar juist die zijn zo leerzaam. We weten best dat die betere wereld begint bij onszelf, maar we zijn te lui om die stap te zetten. De prijs van het gemak is hoog, te hoog, denk ik.

En zo geeft dit stukje een klein inkijkje in wat er momenteel omgaat in mijn hoofd. Ik vraag me af hoe ik kan bijdragen aan deze verandering, want ik denk dat iedereen op zijn eigen manier een bijdrage kán leveren aan een wereld waarin iedereen gezien kan en mag worden. Waarin mensen zich weer gehoord en vooral geliefd genoeg voelen om zichzelf te kunnen en mogen zijn. Waarin jong en oud elkaar aanvoelen en aanvullen. En waarin iedereen een rol kan en mag vervullen. Sámen moeten we dat voor elkaar kunnen krijgen, daar geloof ik in. Schuif die droom niet weg met een excuus, met een ja maar, maar ga de uitdaging met mij aan…

Een vleugje magie

Vorige week togen we weer naar Frankrijk, nu voor een tripje naar Disneyland Parijs. Vorig jaar waren we daar ook rond deze tijd en afgelopen voorjaar besloten we dat nog een keer te doen. Gewoon, omdat het kan. Er zijn heel veel jaren geweest dat dit soort dingen niet konden. Financieel niet, maar vooral niet omdat mijn gezondheid dat absoluut niet toeliet. Hoe bijzonder is het dat ik het nu weer kan!

We gingen voor de tweede keer met dezelfde vrienden, de kids, en een vriend van zoonlief sloot ook weer aan. We namen er wederom de tijd voor, gingen een dag eerder op pad om op een uurtje van Parijs te kunnen overnachten, zonder deze extra stop houdt mijn lijf het absoluut niet vol. We vonden vorig jaar een ontzettend leuk huisje en daar brachten we ook nu de nacht weer door.

De eerste dag begon minder prettig voor mijn vriendin, die bracht de hele nacht door op het toilet. Gelukkig hield haar buik zich verder rustig, dat is toch wel fijn als je de halve dag in de auto door moet brengen.

De eerste dag Disney begon ook met een hobbel trouwens, ik bleek een lekke band te hebben met mijn rolstoel. Gelukkig waren de mannen voorbereid en hadden ze zelf een tweetal bandensets samengesteld en meegenomen. En zijn ze handig, de band was in no-time verwisseld. Fijn, want RSR komt niet naar Frankrijk denk ik. De kids hadden we vast het park ingestuurd, die vermaken zich ook prima zonder de ouwelui.

Ik ben echt een enorme Disney fan, nergens vind je de magie die je daar vindt. Ik weet niet waar het nu precies in zit, in de muziek, de entourage of de figuren (ik denk dat laatste, er is volgens mij geen mooiere baan dan in een Mickey pak in Disney werken), maar als ik door Disney rol voel ik me gewoon weer even een klein meisje. Ik dompel me compleet en volledig onder in de Disney magie, geweldig!

Dit was mijn tweede keer Disney in rolstoel en ik moet zeggen dat het allemaal echt top geregeld is daar. Met de priority kaart hoef ik nergens lang te wachten (staan) en de medewerkers waren ook nu weer allemaal even vriendelijk. Het was druk bij de check-in bij de Davy Crocket ranch, maar toen ik mijn GPK liet zien mocht ik direct doorlopen naar een vrije balie. Toch fijn, want ik loop en sta inmiddels best ok, maar een rij van drie kwartier red ik echt niet.

Het was sowieso een tripje met hobbels, we hadden te maken met a) het onvoorspelbare lijf van ondergetekende, b) zoonlief met ingegroeide en zwaar ontstoken teennagels (die inmiddels gelukkig middels de zoveelste ingreep weer verwijderd zijn), c) vriend met rugproblemen en d) maar liefst drie dames die spugend boven het toilet hingen (en waarvan er ook nog eentje flauwviel in een van de restaurants). Ik verloor mijn priority kaart in een achtbaan (en kon gelukkig een nieuwe ophalen) en had dus die lekke band met mijn rolstoel. Én we hadden nog een spannend moment op de terugweg, toen de bus te maken kreeg met een serieus gat midden op de snelweg. Gelukkig bleef de schade beperkt tot een deuk in de velg en daarmee een trilling als je onder de tachtig km/uur rijdt. Daar doen we later wel iets mee. De wieldop vloog sierlijk door de lucht, en die van ons was zeker niet de enige die langs de weg lag. Ondanks deze hobbels was het weer een geweldige trip. Wat ben ik dankbaar dat deze dagen weer tot de mogelijkheden behoren!

Nu thuis is het weer bijkomen, mijn zenuwstelsel (dat toch al behoorlijk overbelast was) doet zijn naam eer aan, het werkt me op mijn zenuwen, maar dat hoort er nu eenmaal bij. Het is tijd om bij te komen. Tijd om weer even braaf terug te keren naar mijn bed. Het komt weer goed, daar heb ik inmiddels vertrouwen in. En dankzij mijn rolstoel en de rust die ik mijn lijf de afgelopen tien jaar heb gegeven zie ik langzaam maar zeker weer mogelijkheden. Dat geeft me een onbeschrijfelijk gevoel van geluk.

De kramp

Hoe vaak lees of hoor je het niet: ‘krijg de kramp’. Welke kramp is niet gezegd, de boodschap is duidelijk genoeg zonder verdere uitleg. Ik denk dat iemand hem mij heeft toegewenst, ik heb hem nog gekregen ook. Buikkramp in mijn geval. Te danken aan ofwel die wens, ofwel mijn fysio (ik reageer nogal heftig op mijn nieuwe therapie), ofwel het eten van gisteravond. Ik rende gisteravond en vanmorgen in ieder geval heen en weer tussen toilet en bed. Het is een onwelkome afwisseling van het andere uiterste, het leed dat verstopping heet (gevalletje gebrek aan beweging en morfine). Mijn lijf doet niet aan een normale tussenweg, zoveel is wel weer duidelijk.

Even terug naar optie nummer één, over de rest zal ik mijn mond houden, dat duidelijker maken zal jullie eetlust niet ten goede komen. Ik had een mening over een bericht, dat heb ik wel vaker. Dat ik de drang had te reageren is ook geen verrassing bij mij, ik voel soms onrecht in een bericht en tja, ik vind het nu eenmaal moeilijk dan niet te reageren. Zo gezegd, niet zomaar gedaan, want ik voelde al aan dat hier enige weerstand op zou komen. Afwegen dan maar, is het me dat waard. Ik bezit nogal contrasterende eigenschappen op dat front. Aan de ene kant ben ik namelijk best heel gevoelig, terwijl ik aan de andere kant toch die drang heb om te reageren. De drang won het van het gevoel en ter reactie kreeg ik een compleet epistel in mijn mail. En een nogal onvriendelijke reactie als weerwoord op mijn reactie. De persoon in kwestie houdt niet van enige tegenspraak, dat is overduidelijk.

Ik nam de moeite nogmaals uit te leggen waar mijn (echt niet onvriendelijke) reactie vandaan kwam, maar kreeg nu in reactie een mail met de niet te missen boodschap dat deze persoon één, niet om mijn mening had gevraagd, twee, er ook niet op zat te wachten en drie, sowieso geen tegenspraak duldde op de eigen pagina. Duidelijk. Ik heb in reactie per direct een punt gezet achter deze ‘vriendschap’.

Wat rest is een gevoel, een gevoel dat ik zo’n negatieve woordenwisseling gewoon niet prettig vind. Ik heb mijn reacties én mails tig keer overgelezen en kan echt achter de mijne staan, vierkant zelfs. En toch steekt het. Het krampt, niet alleen in mijn buik. Als je mensen keer op keer online beschuldigt van bepaald gedrag moet je ook in de spiegel durven kijken naar je eigen gedrag en daar ontbreekt het nogal eens aan in onze samenleving.

Dus ja, ik ben weer eens in de valkuil gedonderd, die van tegen beter weten in toch reageren. Ik had misschien beter naar mijn onderbuik kunnen luisteren, dan was me misschien deze kramp bespaard gebleven, maar toch heb ik geen spijt, tenslotte leert het leven ons wijze lessen. Ook als ze minder leuk zijn. Ik hou voor niets en niemand mijn mond meer en zeker niet voor de lieve vrede. Karma vindt zijn weg uiteindelijk toch wel. En anders is daar altijd nog de kramp.

Afbeelding Pixabay

Spinazietoon

Ik begin deze dag met een Libelle, ik lig weer eens achter met mijn zogenaamde lijfblad en moet nodig even bijlezen. Ik bevind mij ergens tussen kerst en Klaas, zie nog net geen foto’s van grote, mooi gedekte kersttafels vol perfectie en lees nog grappige kinderweetjes over Klaas.

Ik heb niet zoveel met kerst meer en nog minder met Klaas, dus beide sla ik over. Daarbij is het geweest, is het gelukkig januari en mag ik weer gewoon normaal doen. Heerlijk!

Ik lees met wat meer interesse een artikel over het aangeven van grenzen. Qua ergernis en irritatie in dit geval, niveautje collega die teveel praat (goh, denk zomaar dat ik dat type collega was) en harde muziek in de trein. Hoe ga ik om met asociaal gedrag, dat werk. Ik lees dat je beter je mond open kunt doen dan als een boer met kiespijn, met de ogen rollend, te zwijgen. Ik ben meer type botte boer die alles benoemt, dus dat probleem heb ik niet. Ik hoor wel dat mensen mij soms te direct schijnen te vinden. Ach, ik ben te oud voor zinloos meepraten, die tijd heb ik gehad. Ik gooi er meestal gewoon uit wat me dwarszit. Ik hoop op een niet te vervelende toon, al weet ik dat er mensen zijn die mij en mijn soms ietwat beterwetende toon uitermate vervelend en irritant vinden. En ja, ik kan ontzettend irritant zijn, zoveel zelfkennis heb ik nog wel.

Ik lees in deze Libelle (niet psycholoog magazine, maar meer psycholoog in mini magazine) over een compleet nieuwe toon, de spinazietoon. Kende jij hem al? Het schijnt de toon te zijn waarop je iemand hardop (ja, het moet wel hardop zijn) toefluistert dat hij spinazie tussen zijn tanden heeft. Ik frons mijn wenkbrauwen, ik heb hem nog nooit gehoord, die toon. Nou eet ik ook nooit spinazie, dus misschien is dat het, maar hardop fluisteren, hmmmm.

Ik ben niet zo goed in dat fluisteren. Samenzweerderderig ook nog, lees ik, alsof we een geheimpje delen. Hey, pssst, ik vind jou nu even niet zo aardig, je leest me de les, kappen daarmee graag. Door dit toontje aan te slaan kun je je ook iets fermere taal permitteren. ‘Hey klojo, even dimmen’. Maar wel hardop gefluisterd. Ik fluister ofwel te zacht, of roep het hardop. Ik associeer fluisteren eigenlijk sowieso niet met iets positiefs. Als je het niet hardop kunt zeggen is het zelden aardig. Of het sluit mensen buiten, laat duidelijk voelen dat dit niet voor hun oortjes bedoelt is (het handgebaar dat bij dat fluisteren hoort draagt daar ook aan bij, de hand naast de mond), het voelt als, en is vaak ook, roddelen. Ik ben er geen fan van, al zal ik het zelf vast weleens gedaan hebben. Waarschijnlijk om een geheimpje te delen, over een ander, dat niet voor andermans oren bedoeld was, oh toch roddelen dus. Niet kwaadspreken, dat doe ik gewoon hardop, als mensen er niet bij zijn, hoef ik ze ook niet te storen.

De spinazietoon, hij was nieuw voor mij. Ik moet eerlijk zeggen dat ik een psycholoog die me dit advies zou geven niet echt serieus zou nemen. Ik denk namelijk dat een tikje op iemands arm en dan een gebaartje richting voortanden maken veel effectiever is, iets dat minder mensen ongemakkelijk maakt ook nog. Ik zou je dan ook adviseren niet al teveel waarde te hechten aan het advies. En als je ooit over mij wilt roddelen, doe het dan vooral als ik daar niet bij ben en niet op de spinazietoon. Of gewoon recht in mijn gezicht, dan doe ik dat bij jou ook.

Foto Pixabay

Onacceptabel

Ik zou mijn eerste blog dit jaar graag gestart zijn met een oprecht en enthousiast Gelukkig Nieuwjaar, maar eerlijk gezegd is het dit jaar eigenlijk vooral gelukkig, nieuwjaar! Negatief? Misschien, of wellicht, in welke volgorde dan ook. Het is volledig inherent aan de bui van de dag, die misschien, of wellicht, ook ingegeven wordt door enige irritatie vanwege de overbelasting die ons vluchtgedrag van afgelopen week afgeroepen heeft over mijn lijf.

Vluchtgedrag? Tja, wij zijn op de vlucht gegaan voor de fantastische traditie die vuurwerk heet. Ik geloof dat steeds meer medelanders deze geweldige traditie ontvluchten, de vuurwerkvrije parken zitten steeds sneller vol (ondanks torenhoge prijzen). Wij vluchtten richting het zuiden, staken er wel twee landsgrenzen voor over. Gingen richting overblijfselen van eerder oorlogsgebied zelfs. Maf, het lijkt in ons land tegenwoordig wel oorlogsgebied, gezien de inmiddels steeds zwaardere bommen die gebruikt worden door steeds jongere kinderen. Vuurwerk waarmee geldautomaten opgeblazen kunnen worden, in de handen van mensen wiens hersenen nog lang niet volgroeid zijn. Jongeren die geïnfecteerd zijn met het vuurwerkvirus door ouders wiens hersenen waarschijnlijk ergens in hun tienerjaren gestopt zijn qua ontwikkeling. Ach, ik heb een ietwat sarcastische en hoogst geïrriteerde bui, dat schreef ik al toch? Je kunt ook eigenlijk niet anders dan cynisch reageren op het nieuws dat je ter oren komt.

Een man die doodgeslagen wordt omdat hij kinderen aanspreekt op hun gedrag. Mensen reageren geschokt. Onacceptabel, dat is het. En vervolgens halen we massaal onze schouders op en gaan verder tot de orde van de dag. Gelukkig nieuwjaar buur!

Achttien zware ongevallen binnengebracht in het Rotterdamse oogziekenhuis. Onder de slachtoffers ook omstanders van vuurwerk. Onacceptabel, vind ik. Ach, achttien maar, dat valt wel mee, vindt iemand die ik spreek. We halen onze schouders op en gaan over tot de orde van de dag. Gelukkig nieuwjaar andere buur!

Zwaar vuurwerk, gegooid naar agenten, hulpverleners worden belaagd door randdebielen (mijn woorden). Ooit (in mijn jeugd nog) was er sprake van respect, haalde je het niet in je hoofd een agent een grote bek te geven. Misschien een bijdehante opmerking, als je in een hele stoere bui was, maar daar hield het wel bij op. Moet je zien hoe er tegenwoordig omgegaan wordt met deze beroepsgroep. Onacceptabel, roepen we massaal, maar er iets aan doen is niet zo eenvoudig meer. Je loopt een bepaald risico en dus haalt menig volwassene ook nu de schouders op en loopt door. Gelukkig nieuwjaar overbuur.

Ik vind oud en nieuw al een paar jaar niet zo leuk meer. Op oudjaarsdag laat ik het uit mijn hoofd door het park te rollen, het is er een aaneenschakeling van teringherrie. Ergens in de afgelopen jaren is het compleet uit de hand gelopen met dat vuurwerk. Het moest steeds harder, steeds gekker, steeds eerder. Waar is het misgegaan? Wanneer is de grens overschreden en vooral hoe gaan we dit nog terugdraaien? Kunnen we het überhaupt nog terugdraaien? Wanneer is de grens van het toelaatbare bereikt? Wanneer houden we op met het roepen dat iets onacceptabel is en gaan we er daadwerkelijk iets aan doen?

Ik ben blij dat ik de mogelijkheid had een paar dagen te verkassen richting rust en stilte. Vooral voor Lewis, die doe ik echt geen plezier met al dat geknal hier. Daar heb ik die dagen overbelasting van mijn lijf wel voor over. Al foeter ik (verre van in stilte) gewoon sarcastisch het nieuwe jaar in.

Onacceptabel dit…

Foto Pixabay

Kerstwens

Eerste kerstdag, 2023 (nee, geen kerstverhaal dat speelt in een lied ergens in de jaren zestig). Ik zit op de draaistoel, voeten op het bijbehorende bankje. Geruite legging met kersttrui aan mijn lijf, Lewis aan mijn voeten, radio op de top 2000. Kopje koffie naast me (cappuccino, we doen het goed deze kerstochtend).

Het voelt niet als kerst dit jaar. Ligt dat aan de ontbrekende kerstboom? Of misschien aan de beroerde voorbereiding, last minute een pakje toastjes gehaald in een lege en kaalgeplukte failliete groothandel om verder totaal overprikkeld en onverrichter zake dat pand ook weer te verlaten en vervolgens om een paar minuten voor negen toch nog even de plaatselijke Jumbo een beetje te sponsoren. Geen idee wat te moeten of te willen ook. Een luxe probleem, dat realiseer ik me echt wel.

Ik weet niet wat het is, ik heb het gevoel dat hoe ouder ik word, hoe minder ik heb met deze ‘verplichte’ ‘feest’dagen. Oorlogen en andere ellende in de wereld helpen hard mee aan dat gevoel, evenals vriendinnen met grote zorgen. Als ik een kerstwens zou mogen doen zou ik geen cadeaus wensen, slechts een goede gezondheid voor mezelf en de mensen om me heen, voor iedereen eigenlijk. En wereldvrede, lijk ik toch nog een beetje op Miss Universe. Ik vrees echter dat de mensheid zelden verder verwijderd was van die vrede, luister maar eens naar de mening van veel landgenoten. Dat laatste stemt me triest, we zullen het als mensen toch met elkaar moeten rooien. Zonder teveel schade aan de natuur en met aandacht voor al dat leeft. Al denken veel mensen ook hier blijkbaar anders over.

Zouden we als mensheid de wereld kunnen veranderen met positieve gedachten? Ik denk van wel, als iedereen elkaar nu eens het beste toe zou wensen, dan zou de wereld er heel anders uitzien. Als mensen elkaar iets zouden gunnen, als mensen de wereld vanuit een ander perspectief zouden kunnen bekijken. Als ze iets meer vanuit ‘samen’ zouden kunnen denken en iets minder vanuit ‘ik’.

Voor deze eerste kerstochtend zit ik hier in ieder geval in mijn geruite legging de wereld het beste toe te wensen. Misschien helpt het als we dat allemaal eventjes doen. Gewoon heel even onze energie sturen, oprecht iedereen het beste gunnen.

Ik wens jullie in ieder geval het beste voor deze dagen en voor alle dagen die mogen volgen. In goede gezondheid, in vrede, vol liefde en met aandacht voor elkaar. Voor iedereen, mens, dier en natuur.

Fijne dagen allemaal.

Regels

Vanmorgen, een bericht van de gemeente op sociale media. Een oproepje voor ideeën om een bepaalde weg in ons dorp veiliger te maken. Deze weg ‘vraagt’ om harder rijden, zou niet ingericht zijn voor de schamele snelheid van dertig km/uur. Ik heb nog nooit een weg horen ‘vragen’ om harder te rijden. Ik heb wel mensen horen mopperen, dat het niet opschiet, dat dertig rijden. Naarmate de auto’s stiller zijn geworden, comfortabeler ook, de mensen meer op hun agenda hebben staan en daarmee ook ongeduldiger worden, en het verkeer steeds drukker, lijkt het alsof het ongeduld in het verkeer toeneemt. En flink ook.

Ik begeef mij steeds minder vaak op de weg, in de auto dan. Vind het ook helemaal niet leuk meer, dat autorijden. Dat kan te maken hebben met het feit dat mijn prikkelverwerking veranderd is. Of met het feit dat ik dus minder rij en daarmee minder routineus over het asfalt stuur. Maar ik denk dat ook de drukte op de weg meespeelt. En dat ongeduld van mensen. Ik rij als een omaatje, denk ik, al kan ik volgens zoonlief het gaspedaal nog best vinden. Over het algemeen heb ik alle tijd en maak ik me volgens mij niet schuldig aan het gebruiken van de weg als een racecircuit.

Maar goed, dertig rijden, de inrichting van de weg, daar gaat dit over. Waarom is een bordje dat de snelheid aangeeft niet langer genoeg? Waarom moet de weg ingericht worden met irritante verkeersdrempels en obstakels om mensen te laten zien (en voelen) dat je ergens dertig mag? Mijns inziens maken al deze obstakels de weg niet veiliger, zeker niet voor andere weggebruikers. Sterker nog, het maakt het verkeer onveiliger. De mensen die harder willen rijden, blijven namelijk harder rijden. Die geven tussen die verrekte drempels wat extra gas om de verloren tijd in te halen.

Het is de mens die heropgevoed moet worden. De mens die totaal geen zin heeft zich aan regels te houden die hen, in hun ogen, slechts beperken. De ongeduldige, haastige ouder, die zich (met het eigen kind veilig op de achterbank) langs het door de buurt geplaatste gele poppetje haast om het kind op tijd op school af te leveren (en ja, ook ik heb mij daar vroeger vast schuldig aan gemaakt), om vervolgens snel door te rijden naar het werk. De jongeling die, met het rijbewijs net op zak, met ongekende souplesse stoer tussen de drempels door stuurt. Of de zakenman die zich ergert aan dat trage omaatje voor zich en toch nog even snel aan haar voorbij gaat, tijd is geld tenslotte. Het zijn de mensen die bewust of onbewust vinden dat zij net iets meer haast hebben dan een ander, vandaag toch in ieder geval, en het recht hebben de snelheidsmeter een klein beetje op te jagen. Een beetje maar, voor dat beetje tijdswinst.

Het is tijd om de mens te onderwijzen, ze te wijzen op de consequenties van hun gedrag, zeker in het verkeer. Niet door nog meer drempels neer te leggen, obstakels te plaatsen, maar door bewustzijn te creëren. En door te handhaven. Zet maar flitspalen neer, laat ze het maar voelen in de portemonnee (liefst inkomensafhankelijk om het wat eerlijker te verdelen dan ook).

Een bord is een bord, een regel een regel. Het is tijd dat mensen weer leren dat die regels er zijn voor een reden, niet alleen om hen te pesten. En dat ze niet alleen zijn op de wereld. Verre van zelfs.

Kou

Het is weer herfst, de kou heeft zich zo diep in mij vastgeklampt dat het bijna pijn doet. Mensen om mij heen begrijpen er geen moer van, het is twintig graden hier in huis. Hoe dan? Geen idee… ik lig met mijn trui en dubbele sokken onder een lekkere dikke deken met een kruik op mijn buik te bibberen. Werkelijk iedere spier in mijn lijf spant zich aan. Ik probeer te ontspannen, maar het maakt echt niet uit welke meditatie ik erbij haal, het gaat niet. Ik heb het koud. Mijn handen en voeten staan op standje vrieskou en blijven op standje vrieskou. De kruik op mijn buik doet bijna pijn zo warm, en toch hou ik het koud. Tot ik opvlieg en wapper als een malle, terwijl handen en voeten in de vriezer blijven. Maf lijf heb ik toch.

Ik ben geboren met kouwe klauwen denk ik. Had het al als kind, het groeide met me mee. Ik werkte in de slagerij en hekelde het maken van filet americain. Met je handen in het koude gehakt, mij niet bellen. Of de vriezer, erin, schoonmaken. Ik moest eerst mijn winterjas halen voor ik erin kroop. Hokje ongeschikt, dat werk.

Ik ben gewoon op de verkeerde plaats geboren. Hoor eigenlijk ergens in de tropen, vind dat eten ook heerlijk trouwens. Beetje pit erin, kom maar door. Nee, deze gure wind is niet echt mijn ding. Terwijl ik met Lewis in de regen rollen helemaal niet erg vindt. Het komt daarna, als ik mijn Uggs weer geparkeerd heb onder de kapstok. Dan bijt het zich vast in mijn botten.

Ik slaap ‘‘s nachts met het raam open, dan gaat het prima. Het gaat mis in de middag. Een overbelast zenuwstelsel lijkt het probleem te veroorzaken.

Oververhit en toch zwaar onderkoeld…

Bubbels

Trek de champagne maar open, de verkiezingen zijn voorbij. We zijn (voor nu in ieder geval) even verlost van de mooie verkiezingsbeloften, kunnen ons opmaken voor het achterliggende gedachtengoed. Geert hoeft hiervoor in ieder geval geen masker af te doen. Geen wolf in schaapskleren, maar een gewone wolf. In plain sight. Hij mag blij zijn, hij heeft het geflikt en dat is wel knap. Al zegt het ook veel over ons land. Een land dat de hakken in het zand zet en flink ook. Klaar met het gezeik van de heersende club. Ach, dat ben ik ook. Dat deel snap ik wel.

Ik begrijp dat het een zooitje is. Ik begrijp de zorgen om het huidige assielbeleid. Om de boeren, om onze ouderen, om de zorg, het onderwijs en de veiligheid. Ik snap dat. Écht!

Maar ik maak me ook zorgen, want mensen uitsluiten kan nooit de oplossing zijn. Ik lees het verkiezingsprogramma van de PVV, je kunt niet roepen dat iets waardeloos is zonder iets gelezen te hebben en weet direct waarom ik het hier zo intrinsiek niet mee eens ben.

Klimaatwaanzin roept het. Tja. Het is waanzin dat mensen niet inzien dat er iets goed mis gaat met het klimaat, als je het mij vraagt. De mens heeft absoluut invloed op dat klimaat, dat wisten we in de jaren tachtig al. Je kunt er voor kiezen dit als onzin te bestempelen, maar waar zadelen we onze kinderen dan mee op? De natuur lijdt onder de invloed van de mens, op íeder vlak. Ik vind dat we daar onze verantwoordelijkheid voor moeten nemen. De PVV, en de kiezers, denken daar blijkbaar anders over.

Diversiteit, ook zo’n heikel punt. Gender-maatregelen, diversiteitsgeneuzel, lees ik. Weet je, het is zo makkelijk praten als je er zelf niet direct mee te maken hebt. Ik ken meerdere mensen met genderdysforie, heb er ook al vaker over geschreven. Dat afdoen als geneuzel is denigrerend. Is onzinnig! Mensen lijden hieronder, mensen kiezen dit niet als het nieuwste speeltje, het is een aandoening. Ik begrijp best dat mensen de weg een beetje kwijtraken in alle hokjes en termen die ons momenteel om de oren vliegen, en heel eerlijk, ik denk dat dat ook best met wat minder afkan, maar om dan álles op dat vlak af te doen met geneuzel is niet ok.

Einde aan de linkse haat tegen helden uit onze geschiedenis, ook zo eentje waar ik de rillingen van krijg, excuses voor het slavernijverleden intrekken. Doen alsof het niet gebeurd is? Het is wél gebeurd, het was fout! Kom daarvoor uit, dan kun je het bespreekbaar maken en kunnen we samen stappen vooruit zetten.

‘Een held (mannelijk) of heldin (vrouwelijk) is een bestaand, fictief of historisch persoon die, wanneer geconfronteerd met gevaar en rampspoed of vanuit een zwakke positie, moed en de bereidheid tot zelfopoffering betoont voor een grotere zaak. Aanvankelijk had dit heldendom vaak te maken met strijd of het uitblinken in iets, maar later werd dit uitgebreid tot een meer algemeen moreel uitblinken’

Wat een helden, mensen onderdrukken, tot slaaf maken, voor eigen gewin. Ik snap waarom dat voor sommige mensen helden zijn, past zo bij andere partijen aan de rechterkant van het politieke spectrum.

En dan is er nog de haat jegens bepaalde groepen mensen. Ook daar kan ik helemaal niks mee, het uitgaan van wantrouwen tegen bepaalde groepen mensen. Gewoon roepen, zonder enige nuance. Daar win je zieltjes mee. En verkiezingen blijkbaar.

Dit zijn maar een paar regels uit dit programma. Regels die ik niet zomaar aan de kant kan schuiven als linkse idealist. Het is niet allemaal slecht, er staat hier en daar best wat goeds tussen, maar ik kan bovenstaande punten als voorbeeld niet negeren.

Ik zat te denken over oplossingen en kwam eigenlijk maar tot één conclusie. Wilders moet om tafel met Omtzigt en met Timmermans. Samen. Dit zijn de drie grootste winnaars. Dit is waar het land voor gekozen heeft. Niet alleen voor de PVV en dat programma. Ga maar zitten. Blijf daar zitten tot je eruit bent. Verzin eens iets creatiefs. Een beetje van links, een snufje van midden en een beetje rechts. Dan kom je pas echt op voor al onze medelanders. Dan is Nederland pas echt van ons allemaal.

Kiezersstrijd-tijd

Het is weer zo ver, de strijd om de zetels, om de kiezer, is begonnen. Het is hier inmiddels net Amerika, het gaat in deze strijd niet om wat echt telt, ons land, het gaat om zo goed mogelijk je best doen een perfectig plaatje neer te zetten.

Marketeers zoeken door middel van focus groepen uit welke woorden het beste landen en met deze teksten uit het hoofd geleerd gaan de hoopvolle acteurs hun première tegemoet. Op naar het premierschap. Het is één groot toneelstuk op nationale televisie. Wie is er het beste in staat het voorgeschreven praatje te verkondigen. Wie is de grote winnaar op het strijdtoneel der politiek?

Het irriteert me, ik erger me. Bij berichten op Facebook die de ene na de andere ‘grappige’ illustratie uitspugen van een ietwat te zware linkse ‘rakker’. Het raakt me dat ook hier het uiterlijk blijkbaar moet spreken, terwijl de boodschap compleet verloren gaat.

Dat de eerste vrouwelijke premier ineens een kans moet krijgen, terwijl haar partij ons land al dertien jaar lang onderdompelt in kapitalistische ellende. Want weet je, dat is wat het is, ze hebben ons land, met een zorgstelsel dat ooit een voorbeeld was voor dat grote Amerika, verkwanseld voor geld. En toch lukt het haar op de een of andere manier om die boodschap aan de kant te schuiven.

Ik sta voor u klaar, tuurlijk, jij wel. Met praatjes die exact zo geschreven zijn dat ze het volk aanspreken. En verder hou je gewoon je mond. Laat je anderen praten en zichzelf vastlullen in de modderpoel die politiek heet. Ook dat is een kunst.

Het probleem van de linkse politiek is dat ze te veel nuance zien. Dat las ik ooit ergens en dat klopt. De linkse kiezer trekt zich het leed van de wereld aan en wil graag helpen. De rechtse kiezer helpt vooral zichzelf. Ziet geen grijstinten tussen zwart en wit. Makkelijker denken, makkelijker praten. Makkelijker om met precisie geplaatste oneliners de verder niet geïnteresseerde kiezer over de streep te trekken. Geen ja maar, het is wat het is.

Zeg eens eerlijk? Lees jij het verkiezingsprogramma van A tot Z? Of laat je je leiden door één persoon, die een bepaald schandaal aan het licht bracht, zich als een ware pitbull vastbeet om iets wat hij heel goed kan (daarover heb ik geen enkele twijfel!) tot een goed eind probeerde te brengen. Dat iemand daarin uitblinkt zegt niets over zijn verdere ideeën. Zegt niets over zijn capaciteiten op andere vlakken. Zegt niets over dat partijprogramma, dat ontzettend conservatief is. En ben jij als kiezer dat ook, prima hè? Maar heel veel mensen zijn dat niet en kijken gewoon niet verder dan die persoon aan het hoofd van die partij.

Hoe kunnen mensen vergeten dat een bepaalde partij al dertien jaar (!) werkt aan een steeds groter wordende kloof tussen arm en rijk. En hoe kunnen mensen daar vervolgens links de schuld van geven? Want hoe dan ook heeft links het gedaan.

Een ding is zeker, in een kapitalistische markt is het niet de aanhouder, maar de aandeelhouder die uiteindelijk wint…

Afbeelding Pixabay