Een kneuzenkerst

Tja, wie mooi wil zijn moet pijn lijden en wie uit wil gaan als chronisch zieke ook. Mooi zijn was deze kerst voor mij niet iets waar ik voor ging. Ik ging vooral voor comfortabel, eh zo comfortabel mogelijk in ieder geval. Ons ontsnappingsavontuur kwam uiteraard met bijbehorende extra ongemakken in de vorm van een lijf dat geen kant meer uit wilde. Zo stijf als een plank, met stekende onderrug en brandende heupen en knieën en een bovenlijf dat vol in protest ging.

Het grote niets

We hadden van te voren al afgesproken niets te doen deze dagen en daar was ik eigenlijk best blij om. Kerstmiddag van kerstavond (eigenlijk dus gewoon 24 december) hebben we een uitverkoop bezoekje gebracht aan onze Intratuin (de mooiste kerstshow van Nederland) en een paar mooie winterjassen gescoord, gevolgd door een bezoekje aan de schoonfamilie. Eerste kerstdag niets… slechts een beetje tv kijken met lekkers. Masterchefje gespeeld met de gourmetplaat en ijs na (gewoon uit de winkel, lastig uitgebreid koken zonder energie). Wel genoten van de jaarlijkse ‘back to the eighties disco’. Gooi er bij mij drie slokken wijn in en ik ga terug in de tijd, geholpen door Mr. Sonos en Mrs. Spotify. Heerlijk meegebruld met the Cure en anderen (sorry buurtjes). Daarna in muzikale stemming Grease gekeken en zo eerste kerstdag jolig afgesloten.

Disco deel twee

Tweede kerstdag gestart zoals we eerste eindigden met een luxe ontbijt en de top 2000 (in het kader van muzikale opvoeding van zoonlief). Wederom disco in huize Kneus en Co, een goed begin is het halve werk. Bezoekje paps en mams (was door algehele kneuzerij mislukt op kerstavond) en verder wederom niets, filmpje kijken met lekkernijen (rollade van mams en chips vormen een prima maaltijd). Traditioneel kerst afgesloten met Die Hard (ik hou ervan) en het is weer achter de rug. Nog vijf dagen en dan start de kalender opnieuw.

Op naar 2018

Op naar een nieuw jaar, vol goede voornemens (die ieder jaar gedoemd zijn te mislukken, maar daarover later meer). Ik heb wat mooie projecten op de kalender staan. Maak mij op voor een gave fotoshoot op een bijzondere lokatie. Een spannend project, ik blijf groot denken en groot dromen! Het wordt een mooi jaar, ik heb er zin in!

Ontsnapt

Op de valreep, kan nog net zo voor de kerst, wil ik toch nog even verslag doen van afgelopen vrijdag. Een drukke dag was het, er stond een bezoekje ziekenhuis op het programma en ‘s avonds een verrassing voor zoonlief; een Escape room!

De dok

Eerst moest ik dus langs de neuroloog, er werd een EMG gemaakt van beide ellebogen om te kijken wat we nu met die zenuwtrekken aanmoeten. Eerst moest ik mijn koude klauwtjes opwarmen (of ik altijd van die koude handen had, ja dus) in een bak warm water. Splints af en op de onderzoektafel. Aangesloten op een paar elektroden en toen werden de zenuwen doorgemeten. Ze sturen stroomstootjes door de zenuwen om te kijken of die geblokkeerd werden. Als ik mijn armen gewoon naast me heb hangen is er geen blokkade, dat had ik ze zelf ook wel kunnen vertellen (sterker nog dat had ik al gedaan). Mijn pink en ringvinger vallen uit als er druk op komt en dat gebeurt als ik lig (en laat dat nu dus het overgrote deel van de dag zijn). De zenuw is aan beide kanten flink verdikt, dat hadden ze op de echo al gezien, maar er lijkt gelukkig verder (nog) geen schade.

Aangepast of aangetast

De neuroloog waarschuwde me dat ik toch echt moest proberen de druk op de elleboog te vermijden omdat de kans op blijvende schade wel degelijk groot is. Ze snapte echter ook wel hoe lastig dat is, ik heb mijn armen nodig aangezien de rest ook al niet fatsoenlijk functioneert, een dilemma. Ik heb al van alles geprobeerd, lig omringd door kussentjes, een steun voor mijn telefoon functioneert niet goed, lastig verhaal. Ze kunnen wel opereren maar zijn daar gezien mijn eerdere ervaringen met operaties en mijn longen niet happig op (en ik zelf ook niet). Het blijft dus aanmodderen en accepteren dat ook de ellebogen aangedaan zijn. Ze zei ook dat ze gewoon nog te weinig weten van EDS, dat dat ook deze problemen met de zenuwen kan veroorzaken. Zo belangrijk dat er meer onderzoek komt!

Avondritueel

Terug naar huis en in rustmodus voor ons avondje uit (ik kom eigenlijk nooit meer ‘s avonds buiten de deur omdat ik het fysiek gewoon niet trek, dus ik wilde erg graag mee). We hadden dus als verrassing voor de verjaardag van zoonlief een Escape room geboekt met zijn grote neven en mijn zwager en schoonzus. Ik had nog nooit zoiets gedaan, maar ik ben dol op puzzelen en real life dr. Layton (spelletje op de Nintendo) leek me wel wat.

Bezoekje dierendok

Tussendoor moest ik ook nog even met Max naar de dierendok voor controle (ik en plannen, het wordt nooit wat). Waar ik dacht mooi op tijd te zijn bleek de hut al afgeladen vol. Ik kon de auto niet dichterbij kwijt als ons huis (we wonen aan de overkant, maar zover lopen lukte dus niet zonder al in de min aan mijn avond te beginnen), dus ik ben maar terug naar huis gegaan om eerst te eten om een uur later een nieuwe poging te ondernemen. Jammer joh, nog steeds volle bak, bleek een busje afgeladen vol met honden te staan. Mensen zaten dus al een uur te wachten, daar had ik toch ietwat een probleem. Gelukkig heb ik een bijzonder lieve moeder, die mij af wilde wisselen aldaar, zodat ik toch nog op tijd op weg kon.

Krakend brein

De Escape room; een aantal ruimten vol puzzels en mysteries die je op moet zien te lossen on te kunnen ontsnappen. Een uur vol spanning en voorzichtige vreugdesprongetjes (ik was als een kind zo blij toen ik ook sloten open bleek te kunnen krijgen). Ik heb gekropen met mijn braces om (blauwe knietjes als gevolg), geklommen en mijn hersens flink laten kraken. Het was geweldig, echt super leuke ervaring! Het is communiceren, samenwerken en samen denken. Ik moest wel zelf staan/lopen/klimmen en kruipen (gelukkig is er in sommige ruimten wel een stoel en praten we over kleine afstandjes) en het is wat dat betreft voor deze kneus wel echt afzien, maar je gaat zo op in het spel dat je dat vergeet. En we hebben het gehaald, ook leuk natuurlijk!

Boete

Nu moet ik daar natuurlijk voor boeten. Aan het eind van de avond stond ik al wiebelend en trillend op mijn zere pootjes. Mijn rug wil nu niet meer buigen, maar liggen eigenlijk ook niet. Het is dus weer serieus afzien, maar het was het zo waard. Even eruit, even écht iets anders. Het zou leuk zijn als ze ook een kneus vriendelijke variant zouden verzinnen (nóg leuker om het zelf te doen, iemand een leuke ruimte beschikbaar?).

X-mas

En nu dus richting de kerstdagen. Gelukkig hoef ik niks, mag ik rust nemen en weer proberen te herstellen (baal stiekem toch wel dat een uurtje zoveel impact heeft). Bij deze wens ik jullie allemaal mooie, rustige en liefdevolle feestdagen met zo min mogelijk pijn. Geniet ervan!

Overmoed

Ik heb er vaker last van, overmoed. Ik denk vaak meer te kunnen dan dat ik daadwerkelijk kan. In mijn hoofd ren ik nog (ongeveer net zo als Soundos in Robinson, maar ik kom vooruit), ik kan best een halve marathon lopen (denk ik dan hè). Ik kan ook best een korfbalwedstrijd spelen, denk ik als ik aan de kant zit te kijken, vergetend dat ik niet eens één bal kan schieten met mijn lijf)…

Grote hoogte

Ik ben dus nogal eens overmoedig. Meestal hou ik me in (ok, dat komt ook doordat de mensen om mij heen me kennen en me tegen mezelf beschermen, soms tot grote irritatie van mezelf), maar vandaag steeg ik tot grote hoogte (jawel en dat al voor tien uur ‘s morgens… normaal kom ik dan net uit bed). Het zit zo, onze kater Max is ziek. Hij eet niet, drinkt niet, spint niet en ligt alleen maar in z’n hokje. Gister keken we het aan, maar vanmorgen zat ik al om half zeven naast zijn mandje om hem nog steeds suffig om zich heen te zien kijken. Max moest naar de dierenarts.

De dieren dok

Manlief moest werken, zoonlief naar school en ik belde met de dieren dok. Het kattenspreekuur was al volgeboekt, dus ik moest naar het inloopspreekuur. De dierenarts zit hier schuin tegenover, ik dacht dat is hooguit 50 meter, daar kan ik niet de bus voor starten. De scoot had een lege accu en Alex heeft in de bus overnacht (en krijg ik er niet alleen uit, de oprijplaat is te zwaar voor mij), dus ik dacht braces om en lopen. Dat kan ik best, dat moet lukken.

Zo gezegd, zo gedaan, schoenen aan, kniebraces om, kat in het bakkie en lopen maar. Aan het eind van het blok kwamen de twijfels, maar ik was al op de helft. Al is Max een klein katertje, hij is best zwaar voor mij (ik hield de bak al in beide handen voor mijn borst). Ik stond te trillen op mijn pootjes toen ik bij wijze van ‘shortcut’ mij een weg door de struiken en over het gras baande (het pad loopt eromheen en dat was echt een stapje te ver voor mij). Binnen ben ik op een stoel geploft als een hijgend hert (conditie lik me vestje), wachtend op onze beurt.

100 meter horden

Max blijkt een fikse ontsteking te hebben en heeft antibiotica en een pijnstillende prik gekregen. Toen kwam de weg terug. Met inmiddels trillende handjes én pootjes begaf ik mij naar buiten. Max deed verschillende pogingen te ontsnappen (zat inmiddels blazend in zijn mand, proberend met zijn koppie en pootjes door de tralies te komen) en ik moest zo de wiebelende mand en mijn wiebelende ledematen onder controle proberen te houden. Onderwijl Max toesprekend zich vooral in te houden, we waren er bijna (hij kent de weg daar waarschijnlijk beter als ik, het is zijn territorium).

We hebben het gered (Max in zijn mand en ik op mijn rubber aanvoelende benen met het zweet in de bilnaad). Ik zag eruit alsof ik daadwerkelijk de halve marathon had gelopen in plaats van de honderd meter horden. Rood hoofd, bezweet lijf en hijgend als een molenpaard, maar hé, ik heb het gedaan!

Gelukkig lijkt Max iets beter, hij eet nog steeds niet, maar drinkt gelukkig wel weer wat en knort weer. En ik? Ik lig nu trillend op bed, wat ik al schreef, overmoed en ik gaan niet goed samen. Ach ook overmoed komt met rust wel goed (hoop ik 🤔).

Weg met het woord

Het irritantste woord van het jaar is weer gekozen en het is (tromgeroffel) ‘genderneutraal’. Ik vraag mij werkelijk af waarom mensen zich zo druk kunnen maken om een woord. Of is het de gedachte achter deze letters?

Genderneutrale kleding

De Hema wakkerde het aan met hun genderneutrale kleding. Eigenlijk was het niet meer dan de labels ‘jongen’ of ‘meisje’ eruit halen, maar door het woord ging heel Nederland uit zijn dak. Ik zelf zie het probleem niet zo, ik snap best dat een jongen geen leuke trui of leuk shirt aan zou trekken als daar een label ‘meisje’ in zou staan. Andersom is dat vaak minder een issue. Ik was ook geen meisje-meisje; ik haatte roze, trok echt geen maillot aan (kwamen toch alleen maar gaten in) en rokjes en jurkjes, nee daar hield ik niet zo van. Ik heb ook jaren gelopen in spijkerbroeken en truien van manlief, aangevuld met een paar stoere gympen van mezelf (omdat manlief een iets andere schoenmaat heeft).

Geen roze en glitter

Ik was niet genderneutraal, maar er is meer in het leven van meisjes dan roze en glitter, in het leven van dit meisje wel in elk geval. Ik speelde met jongens (meisjes zijn vaak toch lastiger), voetbalde en bouwde hutten. Barbies kwamen pas in de pubertijd en daarmee werden geen kleine meisjes dingen meer mee gedaan… (ik knipte de haren en gaf ze make-up 😉). Ik had lange tijd een voorkeur voor makkelijke kleding en een grote mannen trui is toch heerlijk?

Labels

Genderneutraal, ik heb geen moeite met mijn geslacht, maar denk dat geen mens zich druk had gemaakt om de labels als ze het woord achterwege hadden gelaten. Het is verworden tot een oproer woord, iemand op de kast, gooi hiermee. Maak je druk om dingen die er toe doen, niet om het naampje. Als ik dan echt een woord irritant vindt is dat wel ‘droeftoeter’, ik vind het een non-woord. Je bent een droeftoeter lees ik regelmatig in reakties, gefeliciteerd, ook ergens een mooi woord gelezen dat is blijven hangen in je brein? Ik vind het een sneu woord, zeg eens iets zinnigs of hou je mond, maar dat is mijn mening.

Laten we ons druk maken over échte problemen, genderneutraliteit is voor veel mensen een reëel probleem. Je kunt een hekel hebben aan het woord, je kunt je afvragen waarom mensen het zo voelen, maar veel mensen lijden aan een identiteitscrisis en die is echt. Wees blij dat je er zelf geen last van hebt…

G.P.K.

Ik las net een interessante discussie over de GPK; de Gehandicapten Parkeer Kaart. Ik vind dit wel een blog-waardig punt, er heerst namelijk nogal wat onenigheid hierover.

Deze beruchte en graag gewilde kaart (er zijn nogal wat mensen jaloers op ons slecht ter been zijnden) krijg je (volgens de regels) als je minder dan 100 meter kunt lopen. Zoals met veel dingen in ons land zijn de regels ter interpretatie van de meneer of mevrouw van de WWZ (bij ons in ieder geval wel). De ene gemeente gelooft je op je mooie blauwe ogen, de andere heeft voor deze beslissing keuringsartsen. Lijkt me erg lastig om voor een ander te bepalen of hij of zij hierin een loopje met je neemt, maar goed, zij hebben daar blijkbaar voor gestudeerd.

Rolstoel als ‘fashion statement’?

In onze gemeente is het aanvragen van een rolstoel genoeg bewijs dat je slecht ter been bent. Het is dan ook niet echt een fashion statement, zo’n stoel op wielen (al vind ik mijn inmiddels met gebruikssporen gehavende Quickie nog steeds erg mooi). Ik heb ‘m dus, de kaart, en mag daarmee op de, zoals ik ze noem, ‘kneuzenplekken’ parkeren. Dat is niet alleen prettig om het feit dat ze dichterbij de ingang liggen (wel weer om het zit moment voor mij zo kort mogelijk te houden), nee, het is vooral prettig omdat deze plaatsen breder zijn. Onze bus krijg ik alleen fatsoenlijk in een normaal parkeervak als beide plaatsen ernaast vrij zijn (parkeren met bus is nu eenmaal niet mijn sterkste punt).

Als de Quickie meegaat is het ook fijn, want anders kan hij niet uit de auto. Daarbij heb ik ook extra ruimte nodig bij het in- en uitstappen, het gaat allemaal niet zo soepel meer zeg maar. Tot zover niet echt een discussie, al ik vind het wel apart dat de prijzen van deze kaart (ja lieve lezers, we krijgen hem niet voor Sinterklaas) zover uit elkaar liggen (bij gemeenten met een keuring komen de kosten dáárvoor er nog bovenop).

De discussie

Het punt van discussie zit hem in het volgende. Hier in Nederland hebben we keuze uit maar liefst twee soorten gehandicapten parkeer kaarten; de zogenaamde ‘P’ kaart en de ‘B’ kaart. Het verschil is de plaats die je inneemt in de auto, niet je handicap. Een ‘B’ kaart krijg je als bestuurder van de auto en de ‘P’ als passagier (de benaming is best logisch). Volgens de regels (zo is het aan mij uitgelegd) krijg je slechts een passagierskaart als je niet in staat bent ‘afgezet te worden en daar alleen te kunnen blijven wachten tot de bestuurder de auto heeft weggezet’. In dat opzicht zouden slechts een paar mensen hier recht op hebben, het overgrote deel van ons slecht ter been zijnden kan best even alleen zíjn. Lastig wordt het als je wordt afgezet, daar staand moet blijven wachten (terwijl je een kaart hebt omdat je slecht ter been bent) op je partner in crime. Dat vind ik dus voor interpretatie vatbaar.

Mijn issues

Ik heb een ‘B’ kaart, geen probleem, ik stuur meestal nog best (al kom ik daar weer in botsing met een ander nieuw stukje wet, maar dat is voor een later blog). Maar wat als ik heen nog prima gestuurd heb en terug mezelf geen betrouwbaar chauffeuse meer vind? Dan ben ik volgens de regel van de wet in overtreding. Daar ging de discussie over, je zit in een rolstoel, daarvoor heb je de kaart en dan nog voel je je schuldig als je op een kneuzenplek parkeert. Omdat je niet rijdt maar ernaast zit. Dat is toch echt enorme Bull Sh*t?! Zie je het voor je, drukke winkelavond, manlief rijdt omdat ik mij niet goed voel, moet onze bus voor de winkel neerzetten (compleet het verkeer blokken), uitrijplaat op de weg, mij uitladen, bus in de drukte op de te smalle parkeerplaats manoeuvreren (gelukkig kan hij dat beter als ik), teruglopen naar mij, boodschappen doen, bus halen, mij halen en dat alleen maar omdat hij rijdt en ik een plaatsje ben opgeschoven?

Laten we gewoon, net als in de rest van Europa, één kaart uitgeven. Als de kneus maar mee is is dat toch prima? Een veel groter probleem is het neerzetten op de bewuste plek zonder kaart, of met de kaart van tante Tien die er niet bij is (wat hier dus écht een no-go is). 

Zo, dat is eruit, ik moest het even kwijt…

Minder waard

Als tiener begon het, het gevoel minder waard te zijn. Geen idee waarom, geen idee waar het vandaan komt, maar het gevoel blijft de kop op steken. Als ik dingen onderneem beland ik in een gevecht met mijn perfectionistische ik.

Half werk

Een voorbeeld; ik maak nu nog af en toe foto’s. Ik probeer altijd het beste uit mezelf te halen, maar ondervind veel hinder van mijn gestel. Dat punt ergert mij, zelfs het opschrijven ervan is een irritatiefactor. Het voelt alsof ik een excuus maak voor het feit dat bepaalde dingen niet meer kunnen. Ik moet van mezelf daar dan een oplossing voor vinden. Of ik moet stoppen met mijn inmiddels hobby die ooit onderdeel van mijn werk was. Ik accepteer dus geen half werk, niet van mezelf. Als het een ander betreft ben ik heel anders. Waarom maak ik het mezelf altijd zo moeilijk?

Falen

Ik word blij (heel blij) van positieve reakties, maar een negatieve haalt me direct naar beneden. Ook al staan er veel meer positieve tegenover. Waarom kan ik dat niet langs me heen laten gaan? Ik word soms serieus gewoon moe van mezelf. Het voelt als falen, steeds opnieuw. Ik doe zo graag dingen, zet me zo hard in voor dingen en nog overstijgt het moeten in mijn hoofd de rust die mijn lijf nodig heeft.

Onzekerheid

Ik haat het perfectionistische deel in mijzelf. Ik ben te kritisch, durf dingen niet uit handen te geven. Altijd ligt de onzekerheid op de loer, altijd vraag ik me af of het wel goed genoeg is. Of ik wel goed genoeg ben. Ik dacht dat ik van me afgeschud had toen ik moest stoppen met werken, maar helaas, hoe meer ik onderneem, hoe harder het terugkomt.

Ik wil niet stoppen met mijn plannen, ik wil wel leren hoe ik mezelf kan accepteren. Ik wil het perfecte plaatje loslaten, want het bestaat niet. Wat voor de één perfect is is voor de ander een ramp in wording. Ik weet het best, maar mijn gevoel is zo dwars in deze. Ik doe mijn best, meer kan ik niet doen. Waarom is mijn best dan toch niet goed genoeg?

Hoe overleef ik mezelf

Ik lig, lijf lijkt in soort van rust, maar mijn hoofd gaat als een razende tekeer. Ik moet mijn gedachten ordenen, ik moet opschrijven wat ik denk, mijn digitale pennetje raast over mijn toetsenbord op mijn telefoon en mijn lijf gaat in serieus protest…

Mijn ellebogen branden, mijn hand trilt, mijn schouder steekt. Ik moet liggend de spieren in mijn benen aanspannen om mijn lijf bij elkaar te houden, maar ik moet door, anders word ik gek. Teveel gedachten, te weinig mogelijkheden ze uit te werken. Waarom raast mijn kop zo door, waarom kan ik het denken niet gewoon even uitzetten?

Mijn hoofd overruled mijn mogelijkheden en dat doet pijn, letterlijk. Ik weet wat hier de gevolgen van zullen zijn, maar ik moet door, ik moet. 

Het is de frustratie van mijn leven. Het hoofd in overdrive, het lijf in protest. Het is mijn wereld, het is mijn strijd, het is mijn valkuil en het is het enige wat mij op de been houdt…

Gemis…

Met het verkrijgen van mijn officiële verklaring tot niet meer hoeven werken (oftewel mijn iva uitkering) dacht ik verlost te zijn van het gemis. Ik behoorde weer tot een groep, de ‘ik hoef mij niet langer druk maken over werk’ groep, de ‘ik ben er echt klaar mee’ groep. Ik dacht dat ik daarmee in mijn kop de knop om zou kunnen zetten, ik dacht dat dít het verschil zou maken. Ik dacht dat ik nu écht zou kunnen accepteren, dat nu duidelijk was dat dit hoofdstuk in mijn leven afgesloten zou zijn. Niet dus…

Jaloers

Het gemis blijft, ik ben gewoon jaloers op de werkende mens. Ik ben jaloers op de gewone gesprekken, ik ben jaloers op personeelsfeestjes, ik mis mijn collega’s, ik mis de routine, ik mis het en het gaat niet over. Nu ik langer thuis ben kriebelt het steeds harder. Ik zit op een pagina waar mensen o.a. banen aanbieden en er komt zoveel voorbij dat bij mij zou passen, ware het niet dat mijn lijf het niet kan. Ongeschikt, dat stempel zweeft voor mijn ogen, terwijl ik voor zoveel dingen wél geschikt ben!

Ideeën

Ik heb nog steeds moeite met het niet langer goed benutten van mijn mogelijkheden, ik heb nog steeds moeite met het stempel. Met datgene dat mijn leven altijd weer beheerst. Er zit zoveel zinnigs in mijn hoofd (zoveel onzinnigs ook overigens), ik heb soms het gevoel dat mijn hoofd dreigt te exploderen. Al die ideeën, ik moet er iets mee! Ik heb mensen nodig die kunnen organiseren, die verstand hebben van marketing, mensen die een sprong in het diepe durven te nemen, zonder verwachting, maar mét passie!

Afgekeurd, niet afgeschreven

Het probleem met mij is dat ik een vervelende miereneuker ben, een perfectionist. Ik wil alles altijd zelf doen (en ik weet best dat ik dat niet kan), alles in eigen hand houden. Ik ben zo bang dat mijn ideeën gejat worden, ervaring mee. Aargh, ik word soms echt simpel van mezelf. Enig idee hoeveel energie dat kost?

Ik geef niet op, ik mag dan wel afgekeurd zijn, ik ben nog lang niet afgeschreven (of uitgeschreven). Ik heb goede ideeën, écht goede ideeën en ooit komt het moment dat ze in uitvoering komen. Ik blijf daarvoor vechten, ik blijf hoop houden en moed. Ik blijf ervoor gaan, ik blijf positief, ik heb vertrouwen in mijn toekomst!

Anders en toch hetzelfde

Ik heb een vriendin met een bi-polaire stoornis, ze is manisch depressief. Ze heeft net als ik goede dagen en slechte dagen (die hebben we allemaal, maar op onze slechte dagen is uit bed komen en enigszins functioneren al een uitdaging), wij zijn net een soap, je zou er een blog over kunnen schrijven (oh wacht, dat doe ik ook 😉).

Fysiek versus mentaal

Mijn vriendin en ik lijken op elkaar, andere aandoening, totaal ander vlak van problematiek, maar we begrijpen elkaar. Als zij haar slechte dagen in gaat ligt de depressie op de loer. Een échte depressie is iets anders dan een dipje of een dagje down zijn. Een echte depressie los je niet op met ‘ga maar lekker naar buiten’ of ‘ga iets leuks doen’. Mensen zeggen tegen mij ‘rust roest, je moet bewegen’ uit diezelfde onnadenkendheid, mensen zijn onwetend op zoveel vlakken. Maar ze denken het wél te weten, beter te weten.

‘Ga toch even lekker sporten’, kunnen ze tegen ons beiden zeggen. Dat zou een soap an sich zijn; de depri en de kneus, de één kan fysiek de band niet op, de ander krijgt simpelweg de ene poot niet voor de ander. Verschillend en toch gelijk. Een aanvulling, ik kan me niet voorstellen hoe het is zo’n chaos in je hoofd te hebben, eh dat zeg ik verkeerd want chaos heb ik ook, maar ik heb zo’n basis optimisme in mij en voor haar zijn sommige dagen zo moeilijk. En zij kan niet snappen hoe ik mijn dagen doorkom, altijd maar in rust (en ja, ik weet dat dat normaliter roest). En toch snappen we het, Yin en Yang.

De Balk

De manie is de andere kant, ze voelt zich goed, te goed, een letterlijk doorslaand succes. Wederom het vergelijk, op een goede dag zoek ik niet meer naar mijn grens, maar dender ik er vol overheen. Beide grenzeloos en toch anders. Anders en hetzelfde.

Voor ons allebei geldt dat we op onze grenzen moeten letten. Dat we het meest gebaat zijn bij stabiliteit, de gulden middenweg. Maar die middenweg is zo lastig, het is een evenwichtsbalk en mij staat nog duidelijk mijn kleine ik voor de geest. De turnster in mij (jawel, ooit ben ik Gelders kampioen geweest, ik was 8 en ben daarna op mijn hoogtepunt gestopt), op de balk, hoe vaak ik daar niet vanaf ben gelazerd. Oefening baart kunst zeggen ze, deze wijsheid zou ook voor ons moeten werken maar ik voorzie nog wat beren op deze weg.

Onze weg

Fysiek en mentaal, verschillend en toch ook niet. We verdwalen samen in een bos vol beren, maar vinden ook samen de weg naar huis. Iemand die je begrijpt zonder woorden, die wéét hoe het voelt. We bewandelen allemaal een eigen pad, maar het is fijn soms een stukje met iemand op te kunnen lopen. Samen kun je meer!

P.S.

” Overigens heb ik veel meer mensen om mij heen, allemaal met hun eigen struggles, allemaal zijn ze me ontzettend dierbaar! ”