Vandaag ben ik vrij

Mooie titel, al zeg ik het zelf. Vooral omdat je hem op meerdere manieren kunt interpreteren, zoals je alles eigenlijk op meerdere manieren kunt interpreteren. Je moet de andere interpretatie alleen wíllen zien. Grappig, zo realiseer ik mij nu tijdens het schrijven van de voorgaande zin, dat dat eigenlijk ook geldt voor misschien wel de meest lastige zin uit mijn verleden: ‘kan niet ligt op het kerkhof en wil niet ligt ernaast’. Dat klopt, als je hem anders interpreteert dan dat ik altijd deed. Want er is echt altijd een andere weg. Je moet hem alleen leren zien.

Ok, dat was misschien wat cryptisch, terug maar naar die prachtige titel.

Vandaag ben ik vrij.

Vandaag ben ik vrij, omdat ik mijzelf toesta vrij te zijn, vrij te houden van al het moeten. Ik moest genoeg de afgelopen dagen. Nee, moest is het verkeerde woord, want ik koos er zelf voor de dingen zo te doen.

Ik koos ervoor om me voor te laten lichten over een andere rolstoel. Ik rij nu in een elektrische, maar hoe fijn en nodig die ook was, hij voldoet niet meer. De zit past mij niet langer. Onderuitgezakt, als een zoutzak zelfs, zit ik erin. Gekanteld, iets wat mijn bekken nodig had maar niet meer nodig heeft, integendeel. Ook de ligstand is overbodig geworden.

Ik ben mijn stoel ontgroeid en dat is geweldig nieuws, voor mij. Voor de gemeente iets minder, maar ik vind dat ik nu aan mezelf mag denken. Ik hoef mijn vooruitgang niet af te laten remmen door wat ooit achteruitgang was. En ik ga ook niet bang zijn voor een eventuele nieuwe achteruitgang, dat is dingen over je afroepen. Gaat niet gebeuren, punt. Dus ben ik zoekende. Dat is een keuze.

Gister had ik een gesprek met de arbeidsdeskundige. Dat vond ik spannend, heel spannend. Het proces van afkeuren bij het UWV heb ik als enigszins traumatisch ervaren. Dat klinkt zwaar en dat was het ook. Ik heb erover geschreven, vaker dan eens. Het woord, afgekeurd, de mensen, de vooroordelen, het mentale aspect van dit hele proces. Contact opnemen met de organisatie die dat met mij gedaan heeft was een beste dobber. Maar je bent jong (ok niet meer zo piep maar toch) en je wilt wat.

Het broeide in mijn hoofd, al langere tijd. Ik zit boordevol ideeën en ik wilde weten of ik daar iets van kan maken. Ik mag dan wel geen duurzaam arbeidsvermogen hebben, maar dat wil niet zeggen dat ik niets kan. Dat denken mensen wel, maar dingen liggen zoveel genuanceerder!

De beste man vond mijn ideeën potentieel hebben en mijn verhaal ook. Hij toonde begrip voor mijn situatie en voor dat wat ik wil. En hij gaf me de goedkeuring om te gaan proberen mijn dromen uit te laten komen. En dus mag ik een traject gaan volgen om te kijken of het ondernemerschap mij past! Het zal niet snel gaan, iets met grenzen en daarop letten, maar ik ben dolenthousiast, x-Tien wordt realiteit! Dat is het eigenlijk al, want ik bén x-Tien, maar straks ben ik dat dus ook op papier, als bedrijf. Dan ga ik gewoon weer naar ‘de zaak’, al is ‘de zaak’ gewoon thuis, daar waar ik lig met mijn laptop op schoot.

En dan was daar ook nog een fractievergadering waar ik eigenlijk van mezelf naartoe moest (en naartoe ben gegaan). Dat alles bij elkaar was veel, heel veel. Te veel. Voor iemand die nog steeds wel chronisch ziek is.

Dus vandaag ben ik vrij.

Vrij om te blijven liggen en anderen voor mij te laten lopen. Vrij om me even niet druk te maken over het plannen van allerlei marketing gedoe (een nieuw boek dat verkocht moet worden behoeft meer marketing dan feitelijk schrijven). Vrij om gewoon met een boekje in de tuin te liggen. En de mooiste interpretatie van die titel, vanaf vandaag ben ik vrij, vrij om gewoon mij te zijn. Vrij om te gaan ondernemen, zonder angst, als het gaat dan gaat het en zo niet, dan niet. Ik mag mijn angsten op dat front achter mij laten en mijn toekomst vormgeven zoals dat bij míj past en dat is vrijheid!

Soms is het zo simpel…

Vanmorgen bedacht ik de oplossing voor het probleem dat de wereld regeert. Goed hè, dat zo’n oplossing, de verlichting zo je wilt, zomaar bij een simpele ziel als ik binnenkomt. Ineens viel het kwartje. Ineens zag ik het. Nu de rest van de wereld nog…

Wat is dat probleem dan, en vooral wat is de oplossing? Ik hoor het je denken.

Boosheid. Letterlijk het kwaad dat de wereld regeert. De boosheid dus. En weet je wat het zo simpel maakt? We kunnen er állemaal iets aan doen, we kunnen allemaal deel uitmaken van de oplossing. Maar dat willen we niet. We zijn liever collectief boos. Voelt zo lekker, dingen af kunnen reageren op een ander. Niet zelf verantwoordelijkheid nemen voor je eigen situatie. De slachtofferrol is makkelijker, vaak.

Het is de schuld van de immigranten, van de buurman, van het leven. Mopper, mopper, en niets doen. Boos op de regering, boos op de wereld, boos op jezelf, maar dat laatste erkennen is lastig.

Ik ben het ook geweest hoor, boos. Op mijn lichaam in mijn geval. Gefrustreerd dat het niet dat doet wat ik wil dat het doet, normaal functioneren. Normaal volgens mijn standaard, want dat ligt voor iedereen anders natuurlijk. Ik voelde me niet direct een slachtoffer, denk ik, alhoewel, misschien ook wel, soms. Soms had ik best een tikkie medelijden met mezelf, al drukte ik dat gevoel ook snel weer weg, want ik háát mensen die zich in de slachtofferrol gooien. Dan verving ik het maar door, juist, de oorzaak van al dat kwaad, boosheid.

Mijn moeder zegt altijd dat ik opstandig ben geboren, blijkbaar zat het er dus al vroeg in. Het kwam tot volledige wasdom toen ik op tweejarige leeftijd mijn zusje verloor, denk ik, want daar weet ik niet zo heel veel meer van, bewust in ieder geval. Ik was boos. Op God, want wat moest je met zo’n God, zo eentje die je een dood kind stuurde. Serieus mijn reactie, letterlijk, aldus mijn moeder. Tja, wat moet je ermee?

Boosheid is logisch, in sommige situaties. Het wordt een probleem als je het niet los kunt laten. Mijn hele leven al zet ik verdriet om in boosheid. Boosheid maakt dat ik kan functioneren, boosheid geeft mij kracht. Goed hè, als je geen psycholoog nodig bent om tot deze conclusie te komen. Beetje laat, dat wel, 53 en eindelijk ben ik erachter. Nu de oplossing nog.

Hoe maak ik de connectie van mezelf naar het probleem in de wereld oplossen, ben ik zo narcistisch? Nee, denk ik, weet ik. Ik weet wel dat als ik (daar zijn ze weer) de reacties van mensen lees op berichten in de media de meeste mensen hard roepen vanaf de zijlijn, dat de wereld niet deugt. Dat de regering niet deugt. Dat de mensheid niet deugt. En ja, misschien is dat zo, vanuit hun oogpunt, maar realiseer je dat jíj onderdeel uitmaakt van die wereld. En dat jíj de kracht hebt, de mogelijkheid hebt om de manier waarop jij daarmee omgaat te veranderen. Als we massaal de wapens neerleggen, letterlijk, dan is er geen oorlog. Het kinkt te simpel, maar dat is hoe het is.

Alles is een keuze, álles!

Als ik de keuze maak niet meer boos te zijn op mijn lijf, voor wat het niet kan, dan maak ik ruimte voor wat het wél kan. Dan kan ik in plaats van gefrustreerd te zijn over het liggen, zien dat een boek lezen me vreugde geeft. Dat ik tijd heb om met mijn gezin door te brengen. Op de koffie te gaan bij mijn ouders. Dat ik misschien de pijn de ruimte kan geven en in die ruimte kan zoeken naar een oplossing.

Als ik de keuze maak niet langer boos te zijn op de regering, om de verschillen die ons als land slechts uit elkaar drijven, los te laten, dan kan ik zien dat er ruimte komt voor overeenkomsten. Ze zijn er, maar we moeten ervoor kíezen ze te zien.

Dat dankbaarheidsdagboek dat ik ooit bijhield was in de basis zo gek nog niet, je moet alleen verder kijken dan waar je in eerste instantie naar kijkt.

Een simpele meditatie van Abraham Hicks maakte dat ik tot dit besef kwam. Het is aan jou om de mooie dingen te gaan zien. Het is aan jou om de frustratie over wat niet lukt los te laten en je te richten op dat wat wél lukt. Om te kijken naar wat je hebt. Je mag daarin absoluut verlangen naar wat je nog graag wílt hebben, maar dan in precies dat, een verlangen. Niet in frustratie.

Als je dat kunt zien ga je je beter vóelen en als je je beter voelt dan werkt dat aanstekelijk. Dat is geen utopie, dat is realiteit.

Vanmorgen stond ik op en kon ik bewust kijken naar wat er allemaal mooi is in mijn leven en dat is veel, zo veel. En al is het bij jou misschien minder, als je je aandacht richt op wat daar wél is, en dat is echt altijd iets, dan vermenigvuldig je dat gevoel. En is er morgen meer, zie je morgen meer, al is het maar een klein beetje meer. Als we de collectieve woede los kunnen laten, als we ons kunnen richten op die kleine puntjes van licht, en we doen dat massaal, dan ligt daar echt de oplossing voor een wereldwijd probleem.

Onderschat nooit de kracht die jij kunt uitoefenen op het geheel. Je hebt niets te verliezen; in het ergste geval verander je hoe jij de wereld ervaart en dat is goud waard.

Loze woorden

Het kan je natuurlijk bijna niet ontgaan zijn, het kabinet is gevallen. Vol op hun snufferd gingen ze. Plat op hun bek.

Mensen zijn niet verbaasd, ik ook niet, dit zagen we al maanden aankomen. Bezint eer men begint, zeiden veel mensen, marketing geeft daar een mooie andere draai aan, je moet toch iets proberen om dit mooie land weer overeind te krijgen. Of verder omlaag, het is maar aan welke kant van de lijn je staat.

Ik lees de comments op Facebook, ja, dom, ik val weer in die eigen gegraven kuil, ook plat op mijn snoet en al wist ik wat ik kon verwachten, ik schrok toch. Hoe kunnen mensen nog steeds geloven in de sprookjes die de PVV ze voorschotelt? Hoe kunnen mensen zulke foute uitspraken doen? Zo hard, zonder enige empathie? Ik geloof niet dat al deze mensen diep van binnen echt zo denken. Ik geloof wel dat ze meegenomen worden in een verhaal waar bepaalde mensen uiteindelijk beter van worden. Ja, ik begin steeds meer te geloven dat er mensen zijn die achter de schermen aan bepaalde touwtjes trekken. Angst zaaien op grote schaal. Om daar zelf beter van te worden. Ik word een complotdenker, een beetje tenminste. Ergens klopt er iets niet.

Gister was ik in een discussie verwikkeld met één van mijn Facebookvrienden. Eigenlijk ben ik altijd met deze persoon in discussie, want we zijn het over weinig eens, op politiek gebied. Ik hoor veel loze zinnen voorbij komen, prachtige one-liners, zo ongeveer dezelfde zinnen die bij veel rechtse stemmers standaard de revue passeren. Als je vraagt om deze uitspraken verder uit te leggen valt het stil. Ik ben geneigd mijn visie op meerdere manieren, in andere bewoordingen tenminste, uit de doeken te doen. Omdat ik gewoon écht niet begrijp waarom mensen zo tegen zijn op links. Ik denk dat het helemaal niets meer te maken heeft met de werkelijke ideeën, maar slechts met het hokje. De polarisatie is alleen maar gegroeid en mensen kijken en luisteren niet meer naar wat er echt gebeurt, ze blijven vastgeroest en hardnekkig in hun hokje. En dat is een gevaar, voor onze samenleving, of je nu links of rechts denkt.

We moeten af van de hokjes, liefst nog voor de komende verkiezingen. We moeten af van de nadruk op de verschillen. We moeten (eh, mogen) onze blik weer openen, en net als bij het oversteken van de straat onze blik verbreden. Want niet alles op links is goed en niet alles op rechts is per definitie fout. We moeten mixen en matchen en elkaar vinden op de dingen waar we het wel over eens zijn. Dat het een zooitje is in de zorg, dat er gebouwd moet worden, dat de markt heel veel verziekt en we daar -zonder ons nu constant druk te maken over de oorzaak en vooral wiens schuld het is- iets aan moeten gaan doen.

Ik denk dat iedereen gebaat is bij een stabiele overheid, een overheid die de basis faciliteert (en faciliteren is iets anders dan met wantrouwen controleren!); zorg, openbaar vervoer, onderwijs, energie. Een eerlijke overheid, een sterke overheid. Het kan, al vergt het echt wel een heleboel veranderingen. De markt mag er zijn, maar niet om over de rug van burgers een slaatje te slaan uit de regelingen die er juist zouden moeten zijn om die burgers te helpen.

Het is volledig uit de klauwen gelopen, dat ziet toch iedereen?

Overheid is een fout woord geworden, daar waar de overheid juist gezien zou moeten worden als de vader van de staat wordt hij inmiddels door veel mensen gezien als aartsvijand nummer één. En wat ik al schreef, ergens, op de achtergrond, wrijven mensen zich in hun handen, in de schaduw, uit het zicht. Het zwart-wit denken, de polarisatie komt ten goede aan hen, niet aan ons.

Het is echt tijd de strijdbijl te begraven. Het is tijd een hele grote stap achteruit te doen en het hele systeem eens echt anders te bezien. Zonder direct te oordelen en veroordelen. Terug naar de tekentafel, een hele grote tekentafel. Maar ik betwijfel of onze huidige politici daartoe in staat zijn.

Weerstand

Op deze laatste dag van de meimaand (en EDS awareness maand) lees ik over een documentaire die deze week op televisie was. Een documentaire over een vrouw die een dwarslaesie opliep en weigerde haar leven in een rolstoel door te brengen. In de intro spreken ze over haar enorme doorzettingsvermogen, in de reacties wordt ze hierom de hemel ingeprezen. Ik snap het. En toch voel ik weerstand, heel veel onvervalste weerstand.

Weerstand voelen vraagt om graven, in jezelf, het zegt heel veel, of kan veel zeggen. Het is een spiegel. Graven in mezelf doe ik veel tegenwoordig, ik wil weten wat er speelt, ik wil leren voelen. Ik heb jaren alles weggedrukt, wilde niet voelen, wilde niet weten. Laten we zeggen dat mijn zoektocht naar andere perspectieven ook dit deel in mezelf naar boven haalde. Klink ik toch als een spirituele coach, zo eentje die met Ibiza jurk in kleermakerszit op het strand wijsheden oplepelt die ze ergens gelezen heeft. Maar ik kan niet in kleermakerszit zitten, dat trekken mijn heupen niet en Ibiza trekt me niet. De jurken staan me trouwens ook niet, dus geen zorgen, dat ben ik niet en dat word ik ook niet.

Weerstand vraagt om een reactie, die voel ik wel. In deze wist ik ook eigenlijk meteen waar hij vandaan kwam. Het is een gevoel dat veel lotgenoten denk ik herkennen, dat gevoel dat maakt dat je bang bent voor het oordeel van anderen. Dat jouw vechten niet gezien wordt. Dat mensen je weer veroordelen als zijnde lui. Dat je jezelf misschien wel stiekem daarom veroordeelt. Ik heb dat gedaan, jaren. Vond mezelf nooit goed genoeg, al heb ik gevochten als een leeuw. Ik loop al jaren op pure wilskracht en doe het nu weer, dat laatste realiseer ik mij terwijl ik dit schrijf. Omdat ík vind dat dat moet. Maar het vergt soms meer doorzettingsvermogen om je verlies te nemen en de winst te zoeken in rust en het erkennen van je grenzen dan in het stomweg vechten. Alleen wordt dat niet gezien door de samenleving. En ook niet door onszelf.

EDS vergt geen doorzetten tot je erbij neervalt, want de kans dat je dan weer opstaat wordt steeds kleiner. De gevolgen van het grensoverschrijdende gedrag kunnen groot zijn. Soms zit de winst echt in kleine dingen, in bewust kleine stappen zetten, vooruit én achteruit. In het vinden van rust, ook in jezelf. Ik heb gemerkt dat daarmee meer mogelijk was dan ik ooit hoopte, al vergeet ik die lessen ook en val ik weer terug in mijn oude patronen. Niet mauwen, maar doorgaan.

Doorzettingsvermogen zit ook in het accepteren, in het luisteren of leren luisteren, naar je lichaam, naar je grenzen. In het loslaten van schuldgevoel en van schaamte. In het luisteren naar jezelf en de oordelen die de omgeving mogelijk heeft laten voor wat ze zijn. Niet invullen voor een ander. Dat alles kost misschien wel meer kracht dan puur op eigenwijsheid doorgaan…

PS ik wil met dit stuk niets afdoen aan de uitkomst of het proces van de dame in deze documentaire, ik wil slechts laten zien dat doorzettingsvermogen zich in vele vormen kan uiten.

Valse hoop?

Ik heb heel veel en vaak geschreven over hoop. Het is een prachtig woord, met een mooie betekenis. Ik zocht hem op: ‘Hoop is de gedurige verwachting dat een onzekere uitkomst gunstig zal blijken.’

Hoop vergt vertrouwen, vertrouwen dat de dingen goed zullen komen, ook al zie je dat nog niet. Wij mensen, nou ja ik zal het bij mezelf houden, ik interpreteerde het eigenlijk altijd anders. Ik dacht dat hoop meer een onzekere variant van vertrouwen was. Een soort mogelijke uitkomst. De uitkomst waar ik op hoopte, in plaats van de uitkomst die ik verwachtte.

Ik schreef het al vaker, hoop is spannend, want wat als jouw hoop nu eens valse hoop blijkt te zijn?

Valse hoop. Wat is dat eigenlijk? Een verwachting tegen beter weten in? Maar bestaat er zoiets als tegen beter weten in? Daarmee saboteer je toch eigenlijk jezelf, of erger nog de ander?

Wij mensen hebben de neiging de mening van een ander boven die van onszelf te zetten, ík heb die neiging in ieder geval. Daarmee hou ik mezelf eigenlijk klein. Daarmee leef ik vanuit angst en angst is geen vertrouwen. Stom, want als ik naar mijn eigen gevoel luister zie ik altijd eindeloze mogelijkheden en ik ben bereid er hard voor te werken. Alles te geven.

Ik heb echter ook te maken met mensen in mijn omgeving die die verwachtingen temperen. Uit bescherming, zoals ik dat vroeger ook bij zoonlief deed. Dat doe ik dus niet meer, ik stimuleer hem om groot te denken. Om te dromen en om in die dromen te geloven. Het ergste dat kan gebeuren is dat ze niet uitkomen. Dan kun je teleurgesteld zijn, maar het leert je ook een belangrijke les. Geef niet op, leer ervan en probeer het nog een keer. En nog een keer.

Dat is iets waar ik goed in ben, het is mijn superpower. Geboren uit pure eigenwijzigheid, maar dat hoe doet niet ter zake, het gaat tenslotte om het resultaat. En de weg, die is om te leren, maak het niet moeilijker dan het is.

Ergens gaandeweg mijn ‘ziek’ worden heb ik de hoop op meer laten varen. Ik durfde niet langer te vertrouwen op mezelf. De strijd met mijn lijf liet diepe sporen na op dat gebied. Ik ging op in de stilstand. Liet mijn dromen voor wat ze waren.

Zo af en toe probeerde ik weleens wat, als dat gevoel dat ik voor meer bedoeld was de kop weer opstak. Dan maakte ik een boek. Vol goede moed startte ik het proces, maar strandde bij het fysieke product. Een halfslachtige poging, want de verwachting werd dan toch getemperd door de mogelijke beren op de weg. Ik probeerde ze weg te jagen, maar dat kostte teveel energie en die energie, die had ik vaak gewoon niet.

En nu, nu brandt dat vlammetje harder dan ooit. Mijn binnenste is klaar met fluisteren, het schreeuwt. Ik sta met het zwaard in de hand, al ben ik niet van het geweld. Ik heb een innerlijk vuur dat zich niet langer laat negeren. De wilskracht is terug. Ik weet dat ik iets te vertellen heb en ik weet dat ik mensen kan helpen.

Ik ben klaar om de hoop in volle glorie te laten schijnen. De toekomst vol vertrouwen tegemoet te treden.

Er bestaat niet zoals als valse hoop. Je kunt iemand geen valse hoop geven, de hoop moet vanuit henzelf komen. Als je niet kunt geloven, niet kunt vertrouwen, dan heb je de hoop niet. De hoop komt vanuit je eigen binnenste. Hoop geef je jezelf, en als je leert vertrouwen op je intuïtie, dan wéét je of je kans van slagen hebt. Maar niets komt zomaar. Niets komt voor niets, je moet er iets voor doen. En je moet vertrouwen op die goede uitkomst. Voor jezelf, je kunt de hoop niet projecteren op een ander, dat is niet jouw plek.

Moraal van dit verhaal, vertrouw je eigen innerlijke stemmetje. Leer contact maken. Vóel. En laat anderen je niet beletten jouw dromen na te jagen, het zijn niet voor niets jóuw dromen.

Valse hoop is bedacht door ons hoofd. Vanuit bescherming, maar zonder schrammen leer je niet jouw dromen te leven. Ik schreef het al eerder, de reis is de bestemming en als jr leert voelen weet je waar jouw bestemming ligt. Iedereen ervaart drempels, iedereen heeft te maken heeft gaten en hobbels in en op de weg. Iedereen moet leren omgaan met tegenslagen. Je ziet niet waar de ander mee kampt.

Laat je niet tot stilstand dwingen door je hoofd dat zegt dat je iets niet kunt, maar luister naar je hart, want dat klopt. Echt!

PS een deel van mijn dromen is dat delen, dat inspireren, anderen helpen met erkenning door het bieden van herkenning. Dat lees je ook terug in mijn nieuwe boek dat binnenkort uitkomt. Een reis met vallen en weer opstaan. Met hobbels en teleurstelling, maar ook met échte hoop. Die ik graag deel. Nu ik de voorverkoop, stuur een berichtje naar martine@eenanderperspectief.com, 17,50 kost het, en het is absoluut de moeite waard! En schrijf je in voor de nieuwsbrief, daarin deel ik updates en krijg je een uniek inkijkje in het proces van het totstandkomen van dit boek.

Inschrijven kan via de website http://www.eenanderperspectief.com

Wat als?

Als kind leren we vaak dat dromen niet uitkomen. Als peuter, of kleuter, mag je nog groot dromen, astronaut, op naar de sterren, en daar voorbij. Maar als je ouder wordt leer je dat niet alles mogelijk is. Dat je niet alles kunt bereiken wat je graag zou willen. We leren dat het beter is realistisch te zijn. Die realistischere blik zou je kunnen beschermen tegen teleurstellingen. Als ouder wil je je kind graag beschermen, met de beste bedoelingen haal je de kastanjes voor ze uit het vuur. Maar je kúnt ze niet beschermen tegen teleurstellingen.

Teleurstelling hoort bij het leven.
Teleurstelling maakt dat je groeit.
Teleurstelling leert belangrijke lessen.

Je hoeft teleurstelling niet tegen te houden, je kunt het juist gebruiken, om van te leren. Om te groeien. Het is niet het doel dat telt, het is de weg ernaartoe. Het gaat om de reis, niet om de bestemming.

Vanmorgen viel er weer een kwartje, ik deel het, want je weet niet wie deze woorden op dit moment moet lezen.

Als ik schrijf over wat ís, kan ik niet vóelen wat ik wil dat is.

Ik herhaal hem nog een keer
Als ik schrijf over wat ís, kan ik niet vóelen wat ik wíl dat is.

Wie zich heeft verdiept in de wet van de aantrekkingskracht weet wat ik hiermee bedoel. Álles is energie, alles draait om frequentie. Jouw gevoel zit op een bepaalde frequentie, voel je je slechter, dan voel je dat fysiek ook (vaak lager in je lichaam). Voel je je goed, enthousiast, dan voel je dat ter hoogte van je hart. Om aan te kunnen trekken wat je wilt, moet je dat verlangen het universum inslingeren en vóelen hoe het zou voelen als het er al is. En het dan loslaten en vertrouwen op een goede uitkomst.

Mijn verlangen, één van mijn verlangens, laat zich raden, gezond zijn. Ik leer al twee jaar, ik probeer ernaar te leven en vervolgens beschrijf ik mezelf in het heden, in een heden waarin mijn lijf niet doet wat ik zo graag zou willen dat het doet. Een patroon, een valkuil. En daarmee hou ik mezelf ook in het gevoel van dat heden, het gevoel van pijn, en beperkingen. Met alle goede bedoelingen, want dat delen van het heden geeft andere mensen herkenning en die herkenning geeft mij weer erkenning (iets waar ik blijkbaar behoefte aan heb, dat maakt dat ik mij gezien voel). Maar het delen van mijn heden maakt ook dat ik mijn verlangen niet in vertrouwen los kan laten. Ik vóel niet hoe ik mij zou willen voelen. Ik voel alleen maar meer van hoe het in het heden voelt. Ik hou mezelf gevangen in dezelfde cirkel.

Je kunt het geloven of niet, het kan werken of niet, maar niet geschoten, altijd mis. En íedere vooruitgang is vooruitgang. En dat vergeet ik, als ik terugval in mijn oude patronen.

Dat iets nog niet is, wil niet zeggen dat het nooit zal zijn. En dat is een hele wijze les. Blijven hangen in het oude laat het nieuwe niet komen. Er is helemaal niets mis met van een mooie toekomst dromen!

De meeste mensen deugen

Geen EDS blog vandaag, ik wens deze Moederdag even de pijn te vergeten. I wish… deze pijn wordt trouwens snel vervangen door een andere, misschien wel grotere pijn. De pijn die het me doet als ik zie hoe mensen op hun medemensen reageren. Op kinderen, die niets meer verdienen dan een dak boven hun hoofd en eten in hun buik. Dankbaar zijn moet je en verder je mond houden. Pijnlijk vind ik dat.

Je hoeft het niet met me eens te zijn, denkt mijn rationele zelf, maar in mijn binnenste schreeuwt iets, iets dat zegt hoe kun je het nu niet met me eens zijn? Wat is er in jouw leven gebeurd dat je een ander zijn geluk niet gunt, zelfs als dat geluk maar een dagje duurt? Want maak je maar geen illusies, het geluk voor een vluchteling zit niet in dat dak en die maaltijden, daar zullen ze blij mee zijn (moeten zijn tettert Facebook in mijn oor), maar dat is niets meer dan een basisbehoefte van ieder mens, het geluk zit in hoe ze behandeld worden. Behandel iemand als een derderangs persoon en ze zullen jou ook zo behandelen. En zeggen dat ze (vooral dat je, zé) maar blij moeten zijn met dat dak en dat eten, is niet iemand behandelen zoals je zelf behandeld wilt worden. Dat getuigt niet van enig respect, zelfs niet van een beetje vriendelijkheid. En dan ook nog roepen dat iedere vluchteling misbruik maakt van het systeem, dat maakt dat je je goed voelt om hier te mogen zijn.

Geen vluchteling kiest voor oorlog. Geen vluchteling kiest ervoor te moeten vluchten, zijn land en de mensen om zich heen achter te moeten laten om veilig te kunnen zijn. Gelukszoekers, komt dan weer boven, maar dat zijn er toch allemaal? Ieder mens zoekt naar geluk, voor zichzelf, maar vooral voor hun geliefden, voor hun kinderen. Dat zou je zelf ook doen. En dat geluk wordt hen niet gegund, omdat het geld kost. Gelukkig zijn er medelanders die die wel inzien en die graag een tientje afstaan voor het geluk van de ander. En dan komt de grootste dooddoener van alles, maar er zijn zoveel medelanders die ook niet naar de Efteling kunnen. Eerlijk? Ook dat is een keuze, ook een keuze van jezelf, want als we het kunnen regelen voor een vluchteling, kan iemand het ook regelen voor een medelander. En ja, soms kan het niet, maar dan nog bevind je je hier in een betere uitgangspositie dan de mensen die hiernaartoe gevlucht zijn.

En dan kom ik terug op dat voor mij zo belangrijke punt. Dit is een dag. Eén dag, waarop kínderen (jongeren zijn ook kinderen) even kunnen proberen te vergeten waar ze vandaan komen. Hoe ze moeten leven. Met een beetje geluk een paar minuten hun trauma kunnen vergeten. Gewoon even kind kunnen zijn. En dat wordt ze misgunt, want dat is het, een bewuste keuze ze dit te misgunnen. Omdat ze het hebben geflikt geboren te zijn in een tijd en land waar oorlog is. Waar grote mannen met kleine pikkies vechten over hún hoofd. En bommen gooien. Geen dag veilig, zelfs niet waar je veilig zou moeten zijn. Want de mensen moeten je niet en reken maar dat je dat voelt, ook al spreek je de taal niet. Energie is universeel.

Ik kan nog alinea’s typen, over dat Nederlandse jongeren op een kermis zich ook misdragen, niet alleen op een kermis trouwens. Dat wij ons zelf als jongeren ook niet altijd voorbeeldig gedroegen. Ook de nodige rotzooi hebben getrapt. En dat zonder groot trauma.

Je mag je eigen mening hebben, zegt mijn rationeel zelf. En tegelijk komt álles in mij in opstand, omdat één dagje proberen weer kind te zijn mensen misgund wordt…

Meimaand – EDS awareness

En toen was het weer mei, zeldzame ziektemaand. Of EDS nou echt zo zeldzaam is, dat weet ik niet. Ik denk van niet eigenlijk, ik denk dat er heel veel lotgenoten rondwandelen of rollen zonder diagnose, of zonder juiste diagnose. Onbekend is het nog steeds, al hoor je het nu veel vaker, nou, ik hoor het vaker, maar dat is logisch denk ik, omdat ik er nu eenmaal meer mee bezig ben, al dan niet bewust.

Mijn klachten gaan op en neer. Nog steeds. De ene dag, week, maand gaat het beter dan de andere. Momenteel gaan dingen moeizaam, ik probeer wat ik herwonnen had vast te houden, maar de balans is weer eens zoek. Ik overschrijd de grens, soms bewust, maar vaker kom ik er te laat achter. The story of my life. Ik rol meer, loop kleinere stukjes en met meer moeite. Vallen en weer opstaan.

Mensen in mijn omgeving denken vaak dat het slechter gaat als ze me rollend tegenkomen, maar dat is niet altijd waar. Soms wel natuurlijk, maar vaak is het ook een keuze. Lewis wil wel graag iets verder lopen dan mijn grens reikt, dan moet er toch echt gerold worden. Dat maakt dus niet dat het ‘slechter’ gaat. Dat behoeft geen medelijden, al kan een beetje medeleven soms geen kwaad. De keuze is te vaak pijnlijk, hoe je dat dan ook op wilt vatten.

Mijn rug is en voelt ellendig, hoe hard ik ook mijn best doe hem sterk en gezond te denken (want dat doe ik nog steeds!). Zitten is een crime, wat lastig is als je niet zo ver kunt lopen vanwege de heupen en de knietjes (die momenteel ook niet echt lekker buigen). Mijn voeten knapten op van steunzolen maar de rest van mijn lijf moet wennen. Met alle consequenties van dien. Never a dull moment.

Leven met EDS is leven op en over de grens. Leven met EDS is nooit saai.
Leven met EDS is aanpassen, flexibel zijn, letterlijk en figuurlijk.
Leven met EDS is zoeken naar balans, altijd en iedere dag.
Leven met EDS is keuzes maken, lastige keuzes soms.

Maar leven met EDS is voor mij gelukkig nog steeds waardevol en de moeite meer dan waard. Daar prijs ik mij enorm gelukkig mee!

Komende maand probeer ik wat frequenter te schrijven, wat meer te delen. Mijn boek kostte me veel tijd en nog meer energie, maar het is klaar en gaat (hoop ik) deze week of volgende week naar de drukker. Dan hoop ik ook de website af te hebben en een nieuwsbrief te kunnen starten (jemig wat komt er veel bij kijken), de link zal ik delen.

De meimaand is er een prima maand voor!

Re(a)geren

Vorige week heb ik besloten mij aan te sluiten bij een van de twee plaatselijke politieke partijen. Ik probeerde het al eerder, vijf jaar geleden, bij een landelijke partij, maar op de een of andere manier miste ik iets. Kan ook aan mij gelegen hebben hoor, het was niet de juiste plek op de juiste tijd, laat ik het daar op houden.

Nu volg ik volledig mijn gevoel en ik vind het toch leuk! Voor het eerst in jaren voel ik mij weer alsof ik een beetje meedoe in de maatschappij. Dat klinkt misschien een beetje pathetisch, maar zo voel ik het oprecht. Ik bemoei me graag met dingen en durf inmiddels prima voor mijn mening te gaan staan, en om dingen te veranderen moet je iets doen, niet blijven liggen en mauwen. Ik ben dus een doener geworden.

Ik heb niet de ambitie om te regeren, ik ben meer van het reageren. Altijd al geweest. Ik merk steeds vaker dat er meerdere wegen zijn die leiden naar Rome en dat er meerdere manieren zijn om tegen zaken aan te kijken. Jouw waarheid versus de mijne. Het één is niet meer waar(d) dan het ander. Al denken we soms van wel.

Nu ik van dichterbij zie hoe discussies lopen en hoe zaken daarmee soms de verkeerde kant op dreigen te lopen (voor wie? Goede vraag…), merk ik steeds meer op hoe ingewikkeld het eigenlijk is een dorp te begeleiden, laat staan dat je een heel land van het beste moet proberen te voorzien.

Dat woord begeleiden kies ik bewust, want dat zou het denk ik moeten zijn. Leiden ontaardt al snel in een bewust gekozen route die je standvastig volgt. Eentje die misschien voor best veel mensen goed is, maar voor andere mensen totaal de verkeerde richting uitgaat. Kijk naar de sociale richting waarin ons land gestuurd wordt. Mooi voor de kapitalisten, maar met forse consequenties voor de laten we zeggen meer gemiddelde medelander. Er waren al een paar grote ‘jongens’ die het probeerden, dat leiden, in het verleden. In veel landen om ons heen zie je het weer gebeuren. Een échte leider, grote woorden, nog grotere visie. Make it great, for the happy few. Mooie leider ben je dan.

Ik ben dus meer van dat begeleiden. Begeleid mensen naar de beste versie van zichzelf. Degene die gelukkig is en dat geluk uit kan stralen. Door kan geven. En soms vergt dat regeren, een beetje leiding, een beetje bijsturen, en maar vaker vergt dat reageren. Luisteren naar wat de mensen nu écht zeggen. En onthouden dat we het sámen moeten doen.

Lastige taak, dat re(a)geren…

Foto Pixabay

Keuzes

Doe niet mee aan oorlog.
Doe niet mee aan verdeeldheid.

Twee regels. Klinkt zo simpel, en tegelijk lijkt het zo moeilijk. Maar dat is het niet, niet echt.

Doe niet mee aan oorlog.

Ik lees het, in een reactie op iets dat ik deelde, maar het spookt al dagen, weken, maanden, jaren zelfs door mijn hoofd. Doe niet mee aan oorlog. We (of ze zo je wilt) laten het klinken alsof we geen keuze hebben. We hebben altijd een excuus. Of zoeken een excuus misschien eerder. Wil het feit dat een ander je de oorlog verklaart zeggen dat je mee moet doen? Aan moet sluiten?

Is geweld de oplossing? Is meer geweld een oplossing? Of hebben we altijd een keuze? Kunnen we op ieder moment zeggen, nee, zo moet het niet. Dit willen we niet. Niet langer. Is er geweld nodig om een punt te maken?

Doe niet aan verdeeldheid.

Ook een zin die al dagen, weken, maanden, jaren zelfs door mijn hoofd spookt. In corona tijd bereikte het een hoogtepunt. Iemand die ik hoog had zitten verzette zich met hand en tand tegen de maatregelen, en verzet zich nu tegen de zogenaamde klimaatdrammers. Waarschijnlijk ben ik er eentje, ik voel me tenminste aangesproken. Stom, want het enige dat ik ‘verkeerd’ doe is me zorgen maken om de effecten van ons gedrag op het klimaat, iets met de toekomst en de aarde en al haar bewoners liefhebben. Alsof dat een fout is. Het is maar vanuit wel perspectief je het bekijkt.

De mensen met de grootste bek zorgen voor verdeeldheid. De menigte volgt, je ziet het overal. En ja, ook diegenen die al dan niet door gebruik van zeer sarcastische humor hun mond opentrekken zorgen daarvoor. De pot en de ketel, je ontkomt er nooit aan. En dan heb ook ik mijn aandeel, vanuit mijn perspectief. Ook ik trek heel graag mijn mond open, om mijn visie toe te voegen. Schreeuw ik daarmee net zo hard? Ben ik ook zo’n pot die de ketel verwijt?

Doe niet aan oorlog.
Doe niet aan verdeeldheid.

Als we willen dat het stopt moeten we een keuze maken.

Ik geloof niet dat geweld geweld oplost. Nooit. Ik geloof dat vrede niet geboren kan worden vanuit oorlog. Er is niet zoiets als gedwongen rust, we zien dat op ieder continent zo’n beetje mislukken. Gespannen verhoudingen tussen mensen die elkaar niet (kunnen) begrijpen. We zijn mijlen ver verwijderd van enige vorm van begrip, van vertrouwen.

Maar als we willen dat het stopt moeten we een stap zetten, als individu, als groep en als samenleving.

Doe niet mee aan oorlog.
Doe niet mee aan verdeeldheid.

Stook het vuurtje niet op. Dat is ook een keuze. Een keuze die eenieder voor zichzelf kan maken…