Waanzin en het UWV

Met open mond lees ik het artikel op de pagina van de NOS over de achterstand op herkeuringen bij het UWV met de kop ‘Tienduizenden zieken thuis met uitkering, zonder controle UWV’. Ik hoef het bericht al niet te lezen om te kunnen voorspellen hoe mensen op dit bericht gaan reageren en ik heb gelijk. De mens op zijn best, een en al veroordeling van de profiteurs en waarom ‘wij’ daarvoor op moeten draaien. Het is ‘wij en zij’, een paar weerwoorden van de mensen zoals ‘wij’, maar de schreeuwers overheersen.

Met zo’n kop boven een artikel weet je al dat dit soort reakties gaan komen. Het suggereert dat al deze mensen thuis zitten omdat ze lui zijn of geen zin hebben om te werken. Ik vraag me af hoe het kan, hoe is het mogelijk dat 180.000 mensen (volgens de artsen zijn er zoveel mensen afgekeurd terwijl ze verbetering verwachten nog niet herkeurd) op deze grond afgekeurd? Er is iemand afgekeurd na een blindedarmontsteking aldus dit artikel, die na zes jaar nog thuis zit. Hoe dan?

Ik begrijp dat mensen zich dat afvragen, ik vraag het mij ook af. De meeste mensen komen niet in aanraking met deze kant van het UWV en weten dan ook niet hoe het proces werkt. Voor je in aanmerking komt voor een WIA uitkering (Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen) ben je al bijna 2 jaar ziek. In die 2 jaar moet je voldoen aan allerlei regeltjes om weer deel te nemen aan het arbeidsproces. Ze zijn hier behoorlijk streng op, voldoe je er niet aan krijgt de werkgever een sanctie en moet een jaar extra voor de kosten opdraaien. Ook als zij er daadwerkelijk niets aan kunnen doen en luisteren naar de specialist (eigen ervaring). Na deze 2 jaar ziekte vraag je een WIA uitkering aan en kom je in aanraking met de keuringsarts van het UWV.

Hoe kan het dan gebeuren dat iemand met een ‘simpele’ blindedarmontsteking wordt afgekeurd? Dan moet er toch echt wel meer aan de hand zijn óf er is sprake van een fout bij het UWV. Mijn ervaring is dat 100% afkeuren bijna onmogelijk is, dan moet je echt helemaal niets meer kunnen. Zelfs op een knop kunnen drukken is namelijk volgens het UWV al voldoende om te kunnen werken als brugwachter en ja, dit hebben ze letterlijk gezegd. Ik ken tal van verhalen van lotgenoten over deze instantie en ik heb mijn eigen ervaring. Afgekeurd worden is een lastig proces, ik kon met mijn 21 uur liggen, me amper ‘staande’ houden met simpele dingen als douchen en aankleden en toch was ik bang aan het werk te moeten. Niet dat ik niet wil werken, ik zou dolgraag werken! Buiten dat ik het contact met collega’s mis, mis ik het deelnemen aan de maatschappij, mis ik een groot deel salaris en mis ik mezelf.

Er gaat blijkbaar iets mis daar bij het UWV, ik vraag me echt af hoe 180.000 mensen verkeerd gekeurd zouden zijn. Dat lijkt me dan ook een probleem van de keuringsartsen. Mijn aandoening is niet te genezen, maar ik werd wel opgeroepen voor een herkeuring hoor. Een enorme druk geeft het, als het zwaard van Damocles hangt het boven je hoofd. Ze willen je aan het werk hebben of je kunt of niet, dat gevoel.

Hou dat gevoel even vast, dat gevoel van het kan echt niet (je kunt al niet je huishouden draaiend houden, je kunt jezelf niet eens overeind houden), als een arts, die verstand zou moeten hebben van jouw fysieke mogelijkheden, dat al niet kan, hoe kun je dat dan overlaten aan niet-artsen? Dan kun je net zo goed al die mensen een brief sturen en zeggen dat ze weer aan het werk moeten. Hoe moet een onkundig iemand een baan overnemen die een ‘kundig’ arts al niet aankan?

Ik citeer: ‘Vorig jaar gaf Koolmees al aan dat hij het geen probleem vindt als de keuring gedaan wordt door iemand anders dan een arts. PvdA-Kamerlid Gijs van Dijk was het hier niet mee eens: volgens hem moeten zieke werknemers, gezien hun kwetsbare positie, altijd gezien worden door een verzekeringsarts. Volgens Koolmees hoeft dit niet. “Indien iedere zieke werknemer of uitkeringsgerechtigde gezien wordt door een verzekeringsarts, lopen de wachttijden op en neemt de dienstverlening aan deze klanten af. Dat is onwenselijk.”’.

Dit is toch complete waanzin? Ik krijg steeds meer het gevoel dat men liever af wil van de mensen die het land slechts geld kosten. Ik denk dat ik mij maar aanmeld als keuringsarts, verdient een stuk beter en ik kan liggend zo iedere dag één persoon een uiterst goed ingeschatte keuring geven. Als wij afgekeurde ‘kneuzen’ allemaal één persoon per dag zien, tegen een marktconform salaris, helpen we het UWV zo van hun probleem af. Gebaseerd op ervaring en mensenkennis, ik denk dat dat beter is dan het idee van minister Koolmees.

Speldenprikjes

Ik deed het weer, ik scrolde langs de berichten, klikte erop. Dom! Ik heb een mening en uiteraard kon ik het weer niet laten hem te laten horen, nog dommer. Ik lig me hier weer druk te maken over al die mensen die zich vooral niet druk maken over onze omgang met onze planeet. Pleur alles lekker van je af, maak je vooral niet druk om de gevolgen, het heeft toch geen zin…

Ik kan me er vreselijk over opwinden, de hypocrisie in deze wereld. Ik kan me opwinden over het egoïsme dat deze maatschappij tentoonstelt. ‘Als ik maar op tijd kom’, ‘als het mij maar niets kost’, ‘ons kleine landje helpt niet’. Nee, ons kleine landje gaat in het geheel het verschil misschien niet maken, maar ergens is er een kantelpunt en op dat punt kan één iemand wel hét verschil betekenen.

We pleuren onze rotzooi massaal van ons af, geven de schuld aan de jeugd. De jeugd die aldus deze mensen wel wil staken voor het milieu, maar er niets voor op wil geven. Zijn wij volwassenen beter? Ik denk het niet, ook wij pleuren de rotzooi van ons af en maken ons vooral niet druk om de toekomst van onze planeet. Of een beetje, als het uitkomt. Gemak dient de mens en ja, ik ben soms geen haar beter. Ik ben me er wel steeds meer bewust van en dat is een begin.

Misschien zijn het speldenprikjes, maar ook veel speldenprikjes hebben invloed. Prik ze maar eens in je arm, zien of het effect heeft. Ieder individu heeft de macht om de wereld te veranderen, alle beetjes helpen.

Misschien heeft dit stukje de kracht om een klein beetje bewustzijn te genereren, een klein beetje invloed op de denkwijze van iemand. Misschien ben ik dan toch een kleine influencer, geef ik iemand een speldenprikje en veroorzaken we samen een klein beetje verandering in positieve zin.

De gouden kooi

Gister zag ik een tekening van mijn lot- en naamgenootje (Martine Trip) Een tekening van een figuurtje in een gouden kooi. Een figuurtje, omringt door gekleurde regendruppels of serpentines, omringt door kleur. De tekening raakte mij, bleef hangen en in mijn hoofd vertaalde ik hem in woorden, deze woorden:

gevangen

in een gouden kooi

de wereld rondom mij

gaat kleurrijk, levend,

pijnlijk mooi

te vaak aan mij voorbij

gevangen

in de werk’lijkheid

en ik kom nooit meer vrij

Herkenbaar, denk ik, voor niet alleen onze lotgenoten, maar ook voor degenen die lijden aan andere aandoeningen. Ik zit gevangen in mijn lijf, maar ik kan nog wel genieten van de mooie dingen om mij heen. Op dat moment kijk ik vanuit mijn ‘kooi’ naar de serpentines, naar de mooie kleuren en geniet daarvan. Op andere momenten regent het, maar altijd met een randje kleur, want gelukkig ben ik in staat mij te realiseren wat een geluk ik heb te mogen leven.

Feit is wel dat ik mij vaak gevangen voel in de werkelijkheid, feit is dat veel dingen aan mij voorbij gaan. Ik luister terwijl ik dit schrijf naar de ‘Vrienden van Amstel live’ en dit maakt pijnlijk duidelijk wat ik bedoel. Ik zou zo ontzettend graag aanwezig zijn bij dit evenement, maar het is eigenlijk niet te doen. Als je al zou kunnen gaan, word je als rolstoeler geplaatst op een speciale plek, mag je een begeleider meenemen. Ik wil ernaartoe met mijn man en mijn zoon, met vrienden. Dat kan niet, veiligheidsvoorschriften. Langs de zijlijn, geen onderdeel van het feest met de mensen waarmee je het leven wilt vieren. Zo hoeft het niet, dan maar liggend kijken naar de tv. Leuk, maar niet hetzelfde.

Als chronisch zieke mag je dit niet te vaak zeggen, klinkt als klagen. Is geen klagen, is realiteit. Iedere dag probeer ik om te gaan met deze realiteit. Ik geniet echt van het leven hoor, van het uitzicht, van de kleuren en de geuren van het leven, maar mijn gevangenis gaat met mij mee, waar ik ook ga. Zelfs een avondje grensoverschrijdend bezig zijn, de consequenties ervan accepteren wordt steeds lastiger. De consequenties halen mij in en mijn kooi wordt met iedere stap over de grens een stukje kleiner…

Half-hout jubileum

Vandaag drie jaar geleden startte ik met dit blog, een beslissing die mij veel gebracht heeft. Bloggen heeft mij geholpen in het acceptatieproces, voor zover je van zoiets kan spreken. Het opschrijven van wat mij bezig houdt helpt me mijn gedachten te ordenen. Ik zou die schrijfsels natuurlijk ook voor mijzelf hebben kunnen houden, maar ik vind het ergens toch wel een mooi idee dat misschien in de toekomst iemand iets van mij leest en zich afvraagt wat voor persoon deze verzameling van letters de wereld in heeft geholpen.

Dat is ook een van de redenen dat ik mijn dichtbundels heb laten drukken; je laat iets achter van jezelf voor de toekomstige generatie(s) en dat vind ik mooi. De reden dat ik mijn eerste blogs heb gebundeld en heb laten drukken is een andere. Ik zal niet ontkennen dat het onwijs leuk en vleiend is dat mensen geld uitgeven om iets te lezen dat ik geschreven heb, maar het is nooit mijn intentie geweest ‘rijk’ te worden hiervan. Dan zou ik het trouwens ook niet goed aangepakt hebben, want mijn blog kost nog altijd meer dan het oplevert 😉.

Drie jaar geleden had ik nog nooit een ‘zinnig’ stukje geschreven. Ik had dan wel de opleiding schriftelijke communicatie met goed resultaat afgesloten, maar voor ik de in mijn studie mijn opgedane kennis echt in praktijk kon brengen was is als een walvis gestrand en veroordeeld tot mijn bed van violen (zonder violen). Mijn eerste stukje was een primeur en een ‘eyeopener’. Ik had nooit gedacht dat mijn blog zo groot zou worden. Ik sprong een gat in de lucht toen ik 250 volgers haalde. Inmiddels ben ik de 2500 gepasseerd, heeft mijn blog ook bijna 2450 likes (niet dat ik het daarvoor doe, maar het is wel leuk) en heb ik een trouwe groep lezers opgebouwd.

Ik wil jullie bij deze bedanken voor jullie steun, ik schrijf gedeeltelijk zodat ik jullie kan laten zien dat je niet alleen bent in veel dingen die je doormaakt, maar jullie reakties geven ook mij steun. Ze laten mij weten dat ook ik niet alleen sta in mijn onzekerheden, in mijn interne gevechten. Het schrijven van dit blog heeft deuren geopend waarvan ik nooit gedacht had dat ze open zouden gaan, of deuren die verborgen zaten achter een dikke laag stuckwerk.

Ik heb al schrijvende mijzelf gevonden en ach, wie weet komt er nog wel een verzameling in druk. Er zijn nog meer dan genoeg artsen te overtuigen, familieleden te informeren en mensen te inspireren. Op naar het 5-jaar jubileum en de 5000 volgers 😉.

Dank 😘!

Monsterlijk

Ik heb het weer, ik word besprongen door groene monstertjes. Ik wil het niet, maar de steekjes van jaloezie zijn soms lastig te onderdrukken. Mensen met een nieuwe baan, mensen met een eigen bedrijfje, een opleiding, advertenties die voorbij komen en waar ik perfect geschikt voor zou zijn (in mijn hoofd), ik zou zo graag willen, zou zo graag kunnen…

Ik weet best dat ik niet compleet nutteloos ben, maar zo voelt het soms wel. Ik voel mij weer eens duidelijk langs de zijlijn geparkeerd. Ik gun iedereen een fantastische baan, een succesvol eigen bedrijf, echt! Maar ik zou zo graag zelf ook weer willen. Ik hoor mensen denken als ik dat schrijf: ‘doe dat dan’, maar zo makkelijk ligt dat niet. Ik neem nu al teveel hooi op mijn ieniemini hooivorkje.

Het is echt niet dat ik mijn dagen vul met niets doen. Ik doe de was, ik knutsel zo af en toe eens iets leuks in elkaar, ik kook, ik bezoek met enige regelmaat het streekziekenhuis voor mijn lichtbaktherapie, ik lig en ik schrijf. Oh en ik denk na over van alles en nog wat. Best druk voor deze kneus, mijn dagen zijn goed gevuld en tegelijkertijd ontzettend leeg.

Mijn hoofd loopt niet synchroon met mijn lijf. Mijn batterij is al leeg als ik opsta, maar mijn hoofd wil meer, zoveel meer! En dat maakt dat bij ieder bericht over nieuwe banen of fantastische bedrijfsdingetjes ik een groenig monstertje van mijn schouder moet meppen terwijl ik een hartje typ als reaktie.

Ik gun iedereen zijn succes, maar oh wat zou ik graag meedoen, meedraaien in de mallemolen van het leven…

Het oxycodon dilemma

Dit is niet het eerste bericht dat ik lees over het (te) makkelijk voorschrijven van sterke pijnstillers zoals oxycodon. Ik ontken niet dat het tegenwoordig misschien wat snel voorgeschreven wordt, het zijn middelen waarbij je echt wel goed op moet letten, maar ik word ietwat onrustig bij de mening hierover van sommige zogenaamde experts. Als ik dus lees dat zo’n expert schrijft dat opiaten slechts voorgeschreven mogen worden ‘onder acute omstandigheden en voor korte duur’ gaat er iets kriebelen in mijn binnenste en niet op de goede manier. Er wordt in zo’n geval compleet voorbij gegaan aan een groep mensen met chronische pijn, mensen zoals ik.

Ik ben verslaafd aan opiaten, ik geef het eerlijk toe. Ik kan niet zonder, ik heb ze nodig, ik ben er afhankelijk van. Zonder opiaten heb ik geen leven. Dat klinkt heftig en dat is het ook. Sommige mensen zullen nu denken dat ik overdrijf, maar niets is minder waar. Zonder opiaten zou ik niets kunnen doen, zou de pijn mijn leven beheersen, overheersen. Het is niet een beetje pijn in mijn rug, of een beetje een geïrriteerde schouder, mijn hele lijf doet pijn. Er is geen gewricht dat gespaard blijft. Ik heb een zeurende en stekende pijn in mijn gewrichten, alle gewrichten, ik heb pijn in mijn wervels en ik heb brandende en stekende zenuwpijn in mijn armen en benen, met dank aan afgeknelde zenuwen in mijn rug, nek en elleboog. Daarnaast zijn werkelijk alle pezen chronisch geïrriteerd en ontstoken, allemaal tegelijk.

Het klinkt ongeloofwaardig, ik weet het, en toch is het zo. En dan is dit nog slechts de ‘buitenkant’, de zeurende pijn in mijn buik, de altijd aanwezige spierpijn, de vermoeidheid in deze overbelaste spieren die hun best doen het krakkemikkige lijf overeind te houden, het eeuwige gebrek aan energie en de spasmen in mijn armen en benen, het is nogal wat om hiermee zo normaal mogelijk proberen te functioneren. Tegen dat laatste deel is geen pijnstiller bestand trouwens, ze doen er ook niet echt goed aan. Een bijwerking van opiaten is een moeilijke stoelgang, nou die darmen van mij zijn net zo lui aangelegd als ik zelf, dus die bijwerking maakt het er niet beter op. Een andere bijwerking is sufheid. Een junk is op zoek naar deze werking, ik niet, ik zou deze graag kwijt zijn.

Ik leef op een grens, ik bewaak de balans tussen teveel medicijnen en te weinig. Bij veel pijn word ik misselijk; mijn lijf registreert de pijn niet goed. Een extra oxycodon is alles wat helpt. Ik probeer regelmatig te minderen (ik gebruik fentanyl pleisters, lyrica en oxycodon) en soms lukt dat ook. Ik ga niet te ver, maar heb ook een ondergrens. Ik weet dat dit niet goed voor mij is, maar ga heel bewust voor kwaliteit van leven. Een leven zonder pijnstillers is geen leven, dat is mij veroordelen tot overleven.

Ik vind dat ik in deze een zekere eigen keuze moet hebben. Ik ga verstandig om met mijn medicijnen, ik maak er geen misbruik van. Ik ken verhalen van lotgenoten die door deze mening van experts verplicht moeten afkicken, die geen eigen keuze mogen hebben in hun eigen pijnmanagement. Het mooiste is dat deze experts niet spreken uit eigen ervaring, ze hebben geen idee wat hun patiënten doormaken.

Ik ben voor voorzichtigheid, voor een opbouw in medicatie; paracetamol, ontstekingsremmers komen eerst, opiaten zijn zeker niet de eerste keus, maar vergeet niet dat er ook mensen zijn bij wie dit niet (meer) helpt, de mensen zoals ik, die misschien dan wel fysiek verslaafd zijn, maar die hun best doen nog iets te maken van hun leven, die door deze verslaving juist overleven.

https://www.ad.nl/politiek/alarm-om-gebruik-verslavende-pijnstillers~a7bc6344/?utm_source=facebook&utm_medium=social&utm_campaign=socialsharing_web

Rijkdom versus rijkdom

Ik ben (gelukkig) geboren als een positieveling, ik denk dat dat voor een groot deel in je zit en voor een deel je eigen gedachtengang is. Tuurlijk gaan mijn gedachten ook weleens naar de andere kant, maar hoe beroerd ik me ook voel, ik probeer ze dan toch zo te draaien zodat ik een positief puntje zie. Ik denk namelijk dat je je leven een beetje kunt sturen (ik geloof in de wet van aantrekkingskracht) en werkt het niet dan is mooi denken toch een stuk prettiger!

Het is dubbel, aan de ene kant probeer ik negativiteit te vermijden, sommige mensen stralen het al vanaf grote afstand uit, vinden dingen altijd de schuld van een ander en trekken de energie uit je als je in de buurt bent. Let wel, dit doen ze niet bewust, ik denk dat niemand bewust negatief is, maar ze kosten mij bakken energie en dat trek ik niet. Aan de andere kant laat ik mij snel meeslepen en trek ik het zo aan; ik kan me vreselijk opwinden over reacties van mensen en belandt regelmatig in discussies daarover. Ik ben nogal gevoelig op dat front.

Ik begrijp dingen gewoon niet, waarom kunnen we mensen niet zien als allemaal mensen, waarom oorlog over macht, over geld? Genoeg is toch genoeg, waarom altijd meer? En vooral waarom ten koste van een ander, hoe kun je dat tegenover jezelf verantwoorden? Ik maak mij druk over echt alles, daarom kijk ik ook geen nieuws, allemaal ellende en we doen het elkaar aan. Samen op één planeet, maar versplinterd in hokjes. Hokjes van kleur, hokjes van aandoening, hokjes van herkomst, lekker overzichtelijk, is dat het? Wanneer gaat het ons wat schelen, dat we de boel verkloten op ieder front?

En zo haal je ongewild dus negativiteit binnen, omdenken, schakelen naar de mooie dingen. Ze zijn er, genoeg, in het klein, in je eigen omgeving. De verrassing op iemand’s gezicht bij een lief cadeautje, de lach van een vreemde bij een vriendelijk hallo, de knuffel van een vriendin, het kopje thee, het kaartje in je brievenbus. Het besef hoe rijk je bent met de mensen om je heen, want dat is rijkdom, daar heeft geld geen moer mee te maken!

Ik ben een positieveling en ik ben rijk, op mijn manier. Geluk zit in die kleine dingen, geluk zit in het besef, het gevoel dat je mag leven met de mensen die je lief hebt, dat je mag zijn, mag ervaren. Tel je zegeningen en verdwaal niet in negatieve gedachten, geniet van je mogelijkheden en maak er wat van, lééf!

Onzekerheden

Leven met een chronische aandoening is leven met bepaalde onzekerheden. Je weet niet hoe je toekomst eruit ziet. Dat weet niemand, maar bij ons kan het leven van het een op het andere moment letterlijk je benen onder je vandaan halen. Dat werken geen optie is voor velen van ons is behoorlijk vervelend, maar zelfs een beetje gewoon ‘leven’ is er vaak niet bij.

Bij mij steken met enige regelmaat bepaalde onzekerheden de kop op. Ik loop in en rond het huis, ik heb mijn pijnmedicatie redelijk op orde, neem heel veel rust en zo kan ik dat. Toch vraag ik mij zo ineens af of ik wel echt EDS heb. Ik vergeet het overgrote deel van de dag dat ik lig, vergeet dat ik niet verder kom als een meter of vijftig qua lopen, vergeet dat ik aan de serieuze pijnstillers ben, ik kijk slechts naar dat ene moment en veroordeel mezelf. Dat veroordelen gaat meestal gepaard met ‘ik gooi mijn kont tegen de krib’ grensoverschrijdend gedrag. Een soort anti-staking, een test tegen of van mijn lijf.

De volgende dag kan ik mijn linkerbeen bijna niet belasten; mijn heup en knie geven er de pijnlijke brui aan. Waarschijnlijk omdat ik de dag ervoor in mijn ‘ik mankeer niets en moet me niet zo aanstellen’ bui gewoonweg teveel heb gedaan (ik kon best een paar squats vond ik). Ik mankeer zeker wel wat, ik mankeer genoeg, maar in mijn hoofd zit een stemmetje dat anders zegt. Ik spiegel mij aan lotgenoten, maar in plaats van te kijken naar mijn eigen probleemplaatsen zie ik slechts die van de ander. Spiegel ik mijzelf voor dat ik me aanstel. Dat is de erfenis van de vele artsen die mij vol ongeloof aankeken bij de zoveelste ‘vage’ klacht.

Wie mij ook veroordeelt, diegene oordeelt nooit zo hard over mij als dat ik zelf doe. In mijn afvragende fase heb ik schijt aan mijn grenzen. Ik zoek ze op en overschrijd ze, ‘big time’. De volgende dagen loop ik tegen de gevolgen aan. De volgende dag voel ik de pijn, verwelkom ik de pijn. De pijn geeft aan dat ik echt iets mankeer, dat ik niet uit luiheid op mijn nest lig.

Hoe lastig is het leven met de onzekerheden die gepaard gaan met een chronische aandoening. Je afvragend wanneer je onderuitgehaald wordt, hoever je deze keer kunt gaan…

Wishful thinking

Je hebt van die momenten, van die momenten dat je je even terug waant in je verleden. In mijn geval ga ik dan terug naar mijn tienerjaren. Ben ik even terug op de dansvloer, want als ik iets graag deed was dat wel dansen.

Ik heb een nieuw radiostation ontdekt (voor mij nieuw dan bedoel ik), radio 10 eighties. De hele dag schalt hier mijn jeugd door de speakers. Ik ken alle nummers en zing vol (valse) overgave mee (al heb ik net als vroeger vaak geen idee wat ze nu eigenlijk zingen).

Ik heb alleen één puntje van potentieel gevaar; ik wil dansen. Gewoon zoals vroeger, voetje naar links, schuif bij en voetje naar rechts. Ik ben inmiddels wat gêne kwijt en durf mijn losse, hyperflexibele heupen in de strijd te gooien, alleen mijn losse heupen vinden dit niet zo leuk (mijn knieën ook niet trouwens).

Toch houdt mij dat nu even niet tegen. Ik doe mijn ogen dicht en dans alsof mijn leven ervan afhangt. Één nummer, eventjes los en man, wat voelt dat goed! Als ik mocht kiezen, als ik voor één avond mijn beenvermogen terug zou mogen hebben, organiseerde ik mijn eigen disco. Met discobal en laserstralen, een dansvloer en terug naar de muziek uit mijn jeugd.

Ik leg mijn zere knieën op mijn kussen en sluit mijn ogen, ik dans verder in mijn hoofd. Met mijn lijf op mijn zachte matras en mijn bilspieren dansen vrolijk liggend verder.

Oooh Sometimes…

Je ziel en de duivel

Gister keek ik met open mond naar RamBam, over influencers en (sluik)reclame. Waar er voor reclame op televisie strenge regels zijn met betrekking tot reclame voor kinderen, gelden deze regels niet voor de zogenaamde influencers. Via voornamelijk vlogs op YouTube prijzen zij allerlei producten aan aan kinderen in een gevoelige leeftijdscategorie. Een ‘nep test’ met een fictief en bizar slecht suikerhoudend energie drankje liet zien dat het ze echt geen moer interesseert wat ze ‘verkopen’ als het maar genoeg geld oplevert. Van sommige figuren verwacht je niet anders, maar dat een vloggende familie zich leent voor dit soort volksverlakkerij valt me toch bijzonder tegen.

Deze uitzending zette mij aan het denken, ik ben een zogenaamde micro-influencer (nou meer mini-micro als je mijn aantal volgers op Instagram bekijkt). Ik mag zo af en toe weleens een product reviewen. Ik ben kieskeurig in waar ik voor en over schrijf, het is niet zo dat ik zomaar overal op inschrijf (er zijn heel veel pagina’s waar je kunt inschrijven op het testen van producten in ruil voor een beetje reclame). Geld eraan verdienen doe ik ook niet trouwens, het zijn en blijven reviews.

Ik vind het leuk om af en toe iets te testen, zeker producten die handig kunnen zijn of potentieel gemak kunnen opleveren voor mijn doelgroep, jullie dus 😉. Zo heb ik groentedrankjes mogen proberen (en ik moet zeggen die waren erg goed, alleen helaas wat prijzig (al begrijp ik ook waarom)) en test ik momenteel uitgebreid een proteïne drankje (daarover in een later blog een verslag).

Samenwerkingen kunnen heel mooi zijn, ik vind het ontzettend leuk als ik daaraan mee mag werken, maar ik vind dat je wel eerlijk moet zijn. Ik zou dus geen pindakaas op mijn snoet smeren en daar lovende woorden over schrijven qua huidverbetering omdat ik daarvoor betaald zou worden. Het lijkt wel alsof sommige mensen alles zeggen en doen voor geld. Nadenken over de gevolgen is er niet bij en verantwoordelijkheid nemen ook niet, zo jammer weer!