shop till you drop

Gisteren was een grote dag, voor mij althans. Jaren heb ik gezocht, me vertwijfeld afgevraagd of ik dan echt de enige échte vrouw was in mijn vriendenkring, maar mijn zoektocht is ten eind, ik heb haar gevonden!

Dit intro vergt enige uitleg denk ik, het zit zo. Ik hou van winkelen en dan bedoel ik écht winkelen. Niet het naar de stad met manlief, waarbij ik al twijfelend kijk naar een leuke trui of schoenen en manlief al zuchtend buiten de winkel op mij wacht (en zoonlief reageert tegenwoordig precies hetzelfde). Staat je gewéldig, echt? Ja zeg ik toch (en toch voel ik ergens dat het iets minder gemeend is als ik zou willen).

Winkelen is iets dat ik al jaren niet meer doe, ten eerste was er mijn ‘slecht kunnen lopen’ dingetje. Toen kreeg ik de rolstoel (met bijpassende drempel, leuk de eerste keer schoenen kopen (en proberen) in rolstoel, verbazingwekkende act voel je je) en daarna kwam Alex (weet je nog, elektrische Alex, die zonder batterijen) én mijn bus. En nu kan ik weer, niet te vaak natuurlijk (mijn lijf vindt het tenslotte nog steeds erger dan mijn portemonnee en dat zegt wat), maar ja, niemand wilde mee. Geen van mijn vriendinnen bleek dezelfde genen te hebben als ik, dacht ik…

En toen was daar een vraag, ‘ik moet een nieuwe jas, zin om mee te gaan?’. Eh jaaaaa, het maakt mij niet uit wat je wilt kopen, als ik maar mee mag het te gaan kopen! Soms moet het, soms moet je shoppen (ikke wel tenminste) en wat een match zijn wij in de stad. Ik bedoel, rustig kijken, meerdere winkels (en ja ook stoppen waar je gestart bent mag), lunch (met taartje) en dan ook al vind je niet wat je zocht het doorzettingsvermogen hebbend een afspraak te maken voor een volgende keer (binnen een half jaar).

Kijk, zo hoort dat, dat is wat deze vrouw soms nodig heeft en ja dan is het in mijn geval letterlijk ‘shop till you drop’, want de volgende drie uur lag ik op apegapen, maar ach, who cares….

Elastic fantastic en meer…

In de brief die ik naar veel media heb gestuurd refereerde ik aan verschillende filmpjes op het internet, filmpjes waarin mensen gebruik maken van hun extreme lenigheid en van hypermobiliteit. Je ziet ze best vaak; slangenmensen bij bepaalde shows bijvoorbeeld, maar ook een vrouw die haar benen in de knoop legt (waarbij ik vroeger riep, ‘kijk zo zit ik ook’).

Hypermobiliteit komt veel voor, maar liefst 1 op de 10 mensen is hypermobiel in 1 of meerdere gewrichten. Het kan bijzonder handig zijn, denk aan balletdansers, gymnasten of bij musici. Prima, zolang er geen klachten bij komen. Niet iedereen met hypermobiliteit heeft een onderliggende bindweefselaandoening (al vermoeden ze inmiddels dat ook dat vaker voorkomt dan men vroeger dacht).

Waarom schrijf ik dit? Even bij het begin beginnen… Gisteravond zapten we langs de zenders om te belanden bij een filmpje over een meneer met een hypermobiel onderlijf. Hij kon zijn benen omdraaien en met een aanpassing in kleding leek het dus alsof zijn hoofd verkeerd op zijn lijf stond. Zijn zoon kon dit truckje ook, het deed bij hem geen pijn. Er werd in een filmpje uitgelegd hoe hypermobiliteit werkte, te ruime banden geven het gewricht meer ruimte, geen probleem. Een leuke manier om iets bij te verdienen, verrek misschien kon hij er wel zijn werk van maken?

Heel cru gezegd heb ik dat ook gedaan, mijn werk maken van mijn hypermobiliteit. Het vergde een grote scheut overbelasting, en snufje doorzettingsvermogen en een tikkie eigenwijzigheid, maar hé, ik heb het voor elkaar. Afgekeurd heet mijn nieuwe baan, volledig te danken aan die ‘geen probleem’ hypermobiliteit. Niet bij iedereen is die slechts onschuldig, maar op televisie komt dit wel zo over en daar heb ik een probleem mee. Juist bij zo’n programma, bij zo’n item zou het goed zijn als er voor mijn part onderin zo’n sterretje zou staan met extra uitleg *let op, soms is hypermobiliteit een symptoom van een onderliggend bindweefselprobleem, ga bij klachten naar uw arts*. Dit geeft wederom het belang aan van het op de kaart zetten van deze aandoening!

Een ander probleem waar veel EDS-sers tegenaan lopen is een probleem met de huid. Een bijzonder overrekbare huid is het gevolg (bij mij is het overigens andersom, mijn huid zit juist erg strak op mijn botten, pijnlijk strak soms zelfs), de huid is kwetsbaar en zacht. In dit blog wil ik graag even aandacht besteden aan een lotgenootje van me, iemand die op eigen kracht 65 kilo is afgevallen. Onwijs knap, veel sporten zijn voor ons geen optie, het vergt echt veel om dit voor elkaar te krijgen. Iedereen snapt dat huidoverschot een probleem is bij 65 kilo minder, een aantal operaties daarvoor heeft ze ondergaan, zelf bekostigd, maar ze moet er nog eentje. Ook zij is zoals we dat noemen ‘afgekeurd’, even extra werken is geen optie als je niet kunt werken.

Ik wil haar graag helpen, maar ook ik heb het niet, tja, we ‘lopen’ tegen dezelfde drempels aan. Wat ik wel kan doen is een oproep, bij wijze van uitzondering (goh wat zou ik graag een stichting oprichten om mensen te helpen), kun en/of wil je helpen dan kun je via mij haar gegevens krijgen. En ik doneer voor ieder boek (dichtbundel of ‘kneuzenboek’) dat ik verkoop in januari 1 Euro voor dit doel. Alle beetjes helpen en ik help graag een beetje mee (overigens is mijn dichtbundelverkoop ook nog steeds voor een goed doel, mijn rolstoelbus écht eigen maken, even een beetje reclame mag best toch).

gezonde zaak

Nadenkend over mijn goede voornemens vanmorgen onder de douche dacht ik terug aan een traject van jaren geleden. Voor veel van mijn lotgenoten denk ik heel erg herkenbaar, dus ik schrijf er toch maar even over.

Mijn goede voornemen betrof twee dingen tegelijk, de tussen Sinterklaas en Nieuwjaar opgebouwde extra kilootjes er weer af zien te krijgen én de weg daarnaartoe; trainen (en de calorieën weer laten staan). Die laatste optie is dus tot nu toe in de afgelopen jaren redelijk onmogelijk gebleken, maar ik zou ik niet zijn als ik niet een nieuwe poging zou doen. Je weet niet of het verandert is als je het niet probeert toch? Ik blijf dus doorgaan, wie weet lukt het, ooit.

Dat bracht mij dus terug in gedachten naar een aantal jaar geleden, te weten het jaar 2000 (waarvan we toen dachten dat de toekomst écht begon). Ik werkte nog volledig, maar had al wat gedoe achter de rug (was al een keer volledig afgekeurd geweest vanwege mijn rug (en weer goedgekeurd) en mijn fysiek begon steeds meer ‘scheurtjes’ te vertonen).

Er begon een periode van schouderproblematiek. In eerste instantie werd het gegooid op RSI (dat was echt ‘in’ op dat moment), ik werkte met de computer (als grafisch vormgeefster), dus het paste precies in het plaatje. Toen rust niet hielp werd er geopperd mij in een trainingstraject te gooien via de arbodienst, rust roest was het devies, een andere aanpak. Ik wilde alles aangrijpen om weer aan het werk te kunnen en ging met een enorm enthousiasme aan de bak, ik hield van actie en trainen lag wel in mijn straatje. Onder begeleiding van een fysiotherapeute werkte ik hard aan mijn herstel. Ik ging als een trein, iedereen daar was onder de indruk van mijn mentaliteit, ik trainde harder, nog harder en ging verder en verder achteruit. Mijn schouder ging alleen maar meer pijn doen en op het moment dat ik letterlijk van de hometrainer afviel om een bepaalde hartslag te bereiken viel het kwartje bij mijn fysio; dit ging hem niet worden. Het lag niet aan mijn inzet, mijn lijf wilde echt niet genezen op deze manier.

Nieuw plan van aanpak, wilde ik acupunctuur proberen? Ik wilde alles proberen, dus natuurlijk! Om te kijken naar de staat van mijn bindweefsel werd het toen nog onbekende ‘guasha’ ingezet (met een bepaald soort steen werd er over mijn huid geschraapt), het resultaat maakte mijn therapeute aan het schrikken; mijn bindweefsel bleek in zeer slechte staat. Ik zag eruit alsof ik zware brandwonden had; RSI in het zwaarste geval. Weer rust en door met de acupunctuur. Inmiddels bleek ik zwanger en stopte ik met de acupunctuur. Het UWV besloot me tijdens mijn zwangerschap met rust te laten (leverde wel een hilarisch momentje op dat; ze verwachtten iemand met een schouderprobleem en er waggelde een zwangere pinguïn naar binnen (met ook bekkeninstabiliteit inmiddels), werd direct naar huis gestuurd met de boodschap ‘kom maar terug als je bevallen bent’) dus ik zat een paar maanden thuis.

Helemaal opknappen deed mijn schouder niet (afkeuring nummer twee was inmiddels een feit, gevolgd door goedkeuring twee (zoek het maar uit verder)), ik moest wat en ging maar minder uren werken. Ik had alles geprobeerd, behalve de operatie die ze me aanraadden (stuk van het sleutelbeen afhalen om mijn schouder meer ruimte te geven). Achteraf zeer goed dat ik dat niet heb laten doen, de ellende zou alleen maar groter geworden zijn omdat het de mobiliteit nog verder vergroot zou hebben. Wisten we toen maar wat we nu weten!

Weer een stukje wat duidelijk maakt hoe belangrijk het is dat EDS op de kaart komt. Mijn leven is een aaneenschakeling van dit soort vergissingen en onwetendheid. Daar is niks aan te doen, maar ik zou graag anderen hiervoor behoeden. Daarvoor is het nodig deze verhalen te delen (denk ik). Voor mij zit hier geen oud zeer (eh mentaal dan), dat ben ik voorbij, maar wel een aandachtspunt voor mijn (nieuwbakken) lotgenoten.

Wat het trainen betreft, ik heb vaak mijn neus gestoten, maar ik blijf het wel proberen. Ik ben voorzichtig (meestal), ik probeer mijn grens in het oog te houden, maar opgeven zit nu eenmaal niet in mijn systeem. Ik probeer en ik val, ik sta weer op en begin opnieuw. Langzaam maar zeker leer ik meer over mijn grenzen, leer ik mijn valkuilen een beetje beschermen (takjes erin breken de val). Ooit gaat het vooruit (positief blijven helpt echt) en anders maar niet…

oud- en nieuw

Alweer een jaar voorbij, het gaat zo snel allemaal. Hoe ouder je wordt, hoe harder de klok gaat lopen. Het besef van tijd verandert lijkt het. Maar goed, weer bijna een jaar voorbij dus. Rare dagen, oudejaarsdag, eigenlijk ‘gewoon’ een dag. Een verjaardag voor mijn paps, echt oudejaarsdag dus, zo’n dag dat je dingen overdenkt. En dan begint het jaar gewoon opnieuw, dagen als anders. Goede voornemens worden gemaakt en weer vergeten.

Ik heb er ook wel een paar hoor, goede voornemens. Allereerst door met mijn schrijfsels, ben een serieuze campagne aan het bedenken om mezelf bij Humberto te krijgen (daarover later meer), werktitel: Tien bij Tan. En wat te denken van Tien voor Tan (met 10 redenen waarom ik naar Humerto moet). In januari kom ik trouwens ook in de ‘Vrouw’, weet nog niet welke week, maar de foto is al geschoten (met mij als aangeschoten wild), ben heel benieuwd!

Daarnaast wil ik (zoals zoveel vrouwen) een paar kilootjes kwijt, liefst in combinatie met een beetje lichte training (wat zou ik daar blij mee zijn als dat lukte). We zullen zien, het wordt een goed jaar, ik voel het! Ik zit in ieder geval met een hoofd vol leuke plannen.

Ik hou het kort vandaag, terugblikken, ach, het is geweest. Toch veel mensen verloren (niet alleen beroemdheden), zij leven verder in ons hart en houden ons in de gaten, daar ben ik van overtuigd. Gelukkig een soort van fysieke stabiliteit gevonden, daar ben ik blij om.

Laten we gaan voor een mooi, liefdevol, enthousiast, positief, gelukkig en hopelijk gezond 2017. Goede jaarwisseling allemaal!

over moeten, willen en kunnen

Er zijn van die dagen dat je het spuugzat bent, dat chronisch ziek zijn, beperkt zijn, het vele willen en niet kunnen, überhaupt het willen versus het kunnen én het vele moeten. Sinds ik platlig probeer ik zo min mogelijk te doen aan ‘moeten’. Moeten kost namelijk heel veel energie (en tja, die heb ik niet hè).

Je hebt verschillende soorten moeten, vanmiddag moest ik met mijn zoon naar de specialist; een moeten dat ik met veel liefde doe, niet omdat ik het leuk vindt (en hij ook niet overigens), maar omdat ik hem met liefde bijsta in dit moeten. Daarbij komen de kleine dingen die ik in huis nog kan doen (en dus ook moet doen van mezelf) en de dingen waar ik mij in mijn enthousiasme om te helpen en tot nut te zijn voor aanmeldt. Dat is te veel moeten voor mij. Hier komt moeten dus in botsing met ‘willen’, ik wil namelijk nog veel meer dan dat ik moet.

Ik wil knutselen, ik wil winkelen, ik wil naar buiten, ik wil proberen een beetje te trainen (op mijn niveau he), ik wil foto’s maken, ik wil lekker leren koken, ik wil zoveel. En het zijn geen gekke dingen, het zijn gewone dingen voor gewone mensen, maar niet voor mensen zoals ik blijkbaar. Ik weet het wel, ik heb best geaccepteerd (meestal), maar soms lukt het niet. Soms gaat deze kont toch weer tegen de krib en WIL ik KUNNEN!

Zo, dat is de situatie van de dag, ik ben het zat, het gevecht in mijn kop, tussen willen en kunnen, het moeten van mezelf, het moeten van de dingen buiten mezelf. Ik ben er even klaar mee, soms zou het fijn zijn als wij chronisch positievelingen, wij dappere strijders der beperkingen even niet hoefden na te denken over kunnen, maar even weer konden ervaren hoe het is om te kunnen doen wat je wilt, ja dat zou fijn zijn

Ik sluit dit blog voor de verandering af met een gedicht van mezelf, een ‘oudje’, maar nog steeds zo passend…

de glazen wand kwam onverwacht
een heel stuk dichterbij
hij kwam en zag en overwon
een heel groot deel van mij

onzekerheid lag op de loer
het nestelde zich daar
waar niemand toegang had en bleef
en vrat zijn doorgang naar

mijn hart, mijn ziel, mijn hoofd, mijn wil
ik wankel, uit balans
moet uit het donker naar het licht
op naar een nieuwe kans

geklede rollade

Kerst 2016, ik hou van kerst, van de sfeer, de gouden lichtjes. Niet zozeer het eten en de drukte, zeker niet de ‘verplichtingen’, dus die slaan we over. Met kerst doen we niets bijzonders, mijn mannen zijn er niet zo van. We gourmetten omdat ik dat leuk vind en we drinken een bakkie thee bij de beide ouders.

Zoals gezegd, ik houd er wel van en ik vind het leuk op deze dagen me een beetje op te doffen (zoveel kansen heb ik daarvoor verder niet). Ik heb dus een leuk jaren vijftig jurkje aangeschaft, een zogenaamde pencil dress. Al weken verheug ik me erop, panty uitgezocht, mooie pumps (met hakken), ik was er klaar voor (dacht ik). Gisterochtend dus me in mijn mooie nieuwe stretch jurk gewurmd (zo’n jurkje hoort strak), wow, echt mooi, echt strak enne echt best koud met de leuke korte mouwtjes.

Eerst maar even ontbijten, mijn netste sloffen (haat koude voeten) onder mijn mooie jurk. Ontbijtje was lekker; eitje, croissantje, kerststol, jammie! Ik heb echter een klein probleempje dat obstipatie heet en als gevolg heeft dat mijn buik ietwat uitzet (ietwat als in ik ben ineens drie maanden zwanger qua look) na het eten. Mijn buik inhouden lukt een stuk minder goed nu mijn rug niet meer in standje hol kan (bijproduct van een aantal hernia’s), maar het gaat nog net. De korte mouwtjes zijn wel een issue, op zoek naar een bijpassend vest (of jasje) dan maar (verhult direct de buik).

Jurk – check, jasje – check, panty zonder ladders (ik bijt weleens nagels (om de haaltjes eraf te halen) en dat gaat nogal eens mis bij het heel aantrekken van de panty) – check en last but not least mooie pumps (met hakken) – eh bijna check. Dat is ook een dingetje, ik kan niet op hakken lopen, tenminste niet als de hakken niet aan laarzen vastzitten. Pumps en ik hebben nooit een goede band gehad. Toch wil ik ze aan en ik heb twee opties; suède met hogere hak (ik loop tenslotte maar zelden) of nepleer met iets lagere naaldhak. De eerste had ik wel vijf minuten aan alvorens te beslissen dat vanwege mijn vandaag aanwezige pinguïn loopje gecombineerd met mijn naar binnen wiebelende knikknietjes, dit geen succes was. Op naar schoenen nummer twee (die al wankelend richting auto toch iets aan de grote kant bleken). Al in de auto voelde ik dat ook dit niet een goede match was.

Bij mijn schoonouders aangekomen strompelde ik naar binnen en plofte op de dichtstbijzijnde stoel neer. Inmiddels voelde ik mij een zeer nette, doch ingesnoerde rollade. Ik ben niet de dikste, maar had echt het idee dat iedere aanvulling op mijn ontbijt een extra rol toevoegde. Op weg naar huis besloot ik dan ook dat de mooie jurk in de kast blijft tot er twee kilo minder om van te houden aan mijn lijf zit (of ik ergens heen kan zonder de verdere dag te eten). De schoenen blijven ernaast (tenzij ik een dagje slechts rolstoel heb), gelukkig waren die een koopje. Ik heb een gave, ik weet feilloos elke voeg te vinden met mijn naaldhakjes (de voegen zijn weer schoon, dat dan weer wel), blijf erin hangen en val vervolgens bijna op mijn snoetje (zeer charmant). Nee, hakken zijn ook voor ín de rolstoel muts, niet om op te lopen…

Is er dan echt nergens kleding te vinden die a) mij eruit laat zien als een vamp (ook als ik zit!), b) lekker zit (én ligt) en c) betaalbaar is?! Ik kan toch niet de enige zijn die hiermee zit? Ik ben denk ik slechts half vrouw, ik wil wel, maar het lukt net niet. Ik heb hulp nodig, Fred waar ben je als ik je nodig heb?

Vandaag heb ik dan ook maar gekozen voor een (volgens mijn moeder veel te kort (‘je bent tenslotte geen twintig (of dertig) meer’)) stretch jurkje (enigszins buikverhullend) mét vest. Niet het chiqueste, maar het zit (en ligt) wel lekker. Een joggingbroek met kerst gaat me toch net te ver.

Kerstgedachte…

En dan is er alweer bijna een jaar voorbij, de tijd gaat zoveel sneller dan je denkt. Hoe ouder je wordt, hoe harder de tijd lijkt te gaan, bizar. De kerst, voor mijn gevoel duurt het nog dagen, maar dan realiseer ik me dat het al donderdag is en dat het dit weekend toch echt al kerst is.

Kerst, ooit waren het dagen van vrede, nu hebben we weer te maken met een gewelddadige aanloop, weer slachtoffers, alsof er nog niet genoeg onschuldige mensen gevallen zijn in deze wereld. Op de radio speelt ‘the power of love’ terwijl ik dit schrijf, begrepen mensen maar wat de échte kracht van liefde is. Helaas zijn veel mensen verblindt door de beloftes van macht, van geld, overheersing, haat, geweld, waarom? Er is echt maar één ding dat telt, wat ertoe doet; samen leven, samen leren, samen als het ‘keyword’.

Ik kan niet in mijn eentje de wereld verbeteren, hoe graag ik dat ook zou willen, maar ik kan wel mijn steentje proberen bij te dragen, op mijn manier. Door in ieder geval het goede voorbeeld te geven, door mijn eigen zoon te leren hoe het niet moet, te leren praten, te leren liefhebben.

En dan in deze context het ‘kleinere’ leed (alhoewel het voor ons best een flinke impact heeft), helaas heeft mijn lijf mijn psychologische signalen van verbetering nog niet helemaal opgepikt (hoop houden, misschien volgend jaar). Waar stabiliteit in zicht leek, bleek overbelasting nog steeds dicht om de hoek te liggen. En ik trap er nog steeds in, de valkuil van over-enthousiasme, van mijn willen en niet kunnen. Er is slechts één week van teveel doen voor nodig (en één verkeerde beweging). Mijn rug heeft het momenteel best zwaar en ergens van de week is mijn ‘goede’ schouder in een sub-lux gegaan (dat is een sub-luxatie; gedeeltelijk uit de kom), gevolg is een fikse oplawaai voor banden en pezen en nu mijn ‘goede’ arm in een sling. Net nu ik het niet kan gebruiken, zul je altijd zien. De orthopeed had me al gewaarschuwd, deze schouder werd ook steeds losser in de bandjes, het was een kwestie van tijd. Die heeft me dus wederom ingehaald.

En dit was het jaar van twee boekjes! Deel twee qua dichtbundel (ik schrijf sinds ik thuis zit gedichten en heb in 2013 ‘Hersenspinsels’ uitgegeven en dit jaar ‘Mijn wereld in woorden’) en natuurlijk ‘Welkom in de wereld van een kneus’! De reacties hierop zijn hartverwarmend, echt heel blij mee! Dat is waar ik voor schrijf, voor aandacht voor EDS en dat wij meetellen in deze samenleving. Weet je wat maf is, 99% van de reacties is positief en natuurlijk trek ik me die ene negatieve procent aan. Die zegt dat het me alleen om aandacht voor mezelf te doen is, ik moet het langs me heen laten gaan, maar vindt dat moeilijk. Wat die niet snappen is dat ik me hiermee best heel kwetsbaar opstel, ik (be)schrijf mijn leven om daarmee te proberen een andere kant van onze aandoening te laten zien. Tuurlijk vindt mijn ego het best leuk om te horen dat ik leuk schrijf, ik ben ook maar een mens, maar wie mij kent weet dat dat niet mijn hoofddoel is, dat ik echt iets wil bereiken qua bekendheid voor EDS en iemand moet het doen…

Maar goed, ik ben toch trots op hoe dit blog zich ontwikkelt, ben blij dat ik mensen zo mag helpen en dat ik toch dit jaar hiermee mijn ‘nut’ heb gevonden. Ik ga hiermee door, ik blijf programma’s en bladen bestoken met mijn (ons) verhaal en hoop dat mede dankzij deze verhalen hulpverleners, artsen en (al dan niet met de diagnose bekende) lotgenoten (h)erkenning vinden. Samen blijven we vechten voor een mooie en leefbare toekomst!

Bij deze wens ik jullie fijne feestdagen, Merry Christmas y’all! x

rijkdom versus rijkdom

Ik ben (gelukkig) geboren als een positieveling, ik denk dat dat voor een groot deel in je zit en voor een deel je eigen gedachtengang is. Tuurlijk gaan mijn gedachten ook weleens naar de andere kant, maar hoe beroerd ik me ook voel, ik probeer ze dan toch zo te draaien zodat ik een positief puntje zie. Ik denk namelijk dat je je leven een beetje kunt sturen (ik geloof in de wet van aantrekkingskracht) en werkt het niet dan is mooi denken toch een stuk prettiger!

Het is dubbel, aan de ene kant probeer ik negativiteit te vermijden, sommige mensen stralen het al vanaf grote afstand uit, vinden dingen altijd de schuld van een ander en trekken de energie uit je als je in de buurt bent. Let wel, dit doen ze niet bewust, ik denk dat niemand bewust negatief is, maar ze kosten mij bakken energie en dat trek ik niet. Aan de andere kant laat ik mij snel meeslepen; gisteren keken we een film (The magnificent seven, ik vond het een hele goede film!), daarin wordt een stadje onderdrukt. Ik word dan dus echt boos, ik weet wel dat het nep is, maar ergens in de wereld gebeurt het echt en ik trek me dat erg aan. Kan me ook vreselijk opwinden over reacties van mensen en belandt regelmatig in discussies daarover. Ik ben nogal gevoelig op dat front.

Ik begrijp dingen gewoon niet, waarom kunnen we mensen niet zien als allemaal mensen, waarom oorlog over macht, over geld? Genoeg is toch genoeg, waarom altijd meer? En vooral waarom ten koste van een ander, hoe kun je dat tegenover jezelf verantwoorden? Ik maak mij druk over echt alles, daarom kijk ik ook geen nieuws, allemaal ellende en we doen het elkaar aan. Samen op één planeet, maar versplinterd in hokjes. Hokjes van kleur, hokjes van aandoening, hokjes van herkomst, lekker overzichtelijk, is dat het? Wanneer gaat het ons wat schelen, dat we de boel verkloten op ieder front?

En zo haal je ongewild dus negativiteit binnen, omdenken, schakelen naar de mooie dingen. Ze zijn er, genoeg, in het klein, je eigen omgeving. De verrassing op iemands gezicht bij een lief cadeautje, de lach van een vreemde bij een vriendelijk hallo, de knuffel van een vriendin, het kopje thee, het kaartje in je brievenbus. Het besef hoe rijk je bent met de mensen om je heen, want dat is rijkdom, daar heeft geld geen moer mee te maken!

Ik ben een positieveling en ik ben rijk, op mijn manier. Geluk zit in die kleine dingen, geluk zit in het besef, het gevoel dat je mag leven met de mensen die je lief hebt, dat je mag zijn, mag ervaren. Tel je zegeningen en verdwaal niet in negatieve gedachten, geniet van je mogelijkheden en maak er wat van, lééf!

stil in mij…

Was dat maar zo! Was het maar ooit gewoon stil in mijn hoofd. Rust, ruimte voor gedachten, niets…

Nooit is het stil in mijn hoofd en dan heb ik het niet over mijn gedachten die 24/7 doordraaien, die altijd wel ergens over na moeten denken. Nee, ik heb het over de herrie in mijn hoofd. Ik heb last van Tinitus, oorsuizen. Elke dag, elk moment overheerst het lawaai. Allereerst is er het suizen, alsof je de zee hoort, maar dan harder, zo’n geruis wat je televisie uitzendt of je radio op een halve zender, storing, maar dan harder. Het overheerst alles en maakt het lastig je te concentreren.

Ik mis vaak het begin van een gesprek, je moet bij mij echt even mijn aandacht vragen als ik ergens mee bezig ben, het kost me moeite iets te volgen. Behalve de ruis is er ook nog de piep, een hoge toon die naast de ruis mijn aandacht opeist. En daartussen hoor ik mezelf denken, het is dus altijd vol in mijn hoofd. Het is vermoeiend, maar ik heb geleerd dat je ook dit maar beter kunt accepteren. Je ertegen verzetten heeft geen zin, de ruis blijft en de muis ook.

Dan zet je toch gewoon de tv aan of de radio? Soms helpt dat, maar ik kan me moeilijk concentreren op iets anders als er nog meer herrie binnenkomt in mijn hoofd. Soms is het prettig als ik me laat overspoelen door harde muziek, maar meestal is het gewoon te veel. Dan laat ik het ruisen en piepen hun eigen muziek maar maken, mijn gedachten zingen hun tekst wel mee.

Het is alsof het stormt in mijn hoofd, het fluiten van de wind met het ruisen van de regen. In complete tegenstelling met mijn windstille optimisme. Ik accepteer de regen, de storm en de wind, sluit mijn ogen en laat me overspoelen op zoek naar de stilte van ooit, maar ik vind hem vrees ik nooit…